Opinie

Steeds meer crypto’s, maar toezicht: ho maar

Marietje Schaake

Ooit was naaktfoto’s maken en delen de spraakmakende hobby van Heleen van Royen. Op online veilingen werden honderden euro’s geboden voor haar pikante selfies. Die tijden zijn voorbij. Onlangs is Van Royen overgestapt op een nieuwe obsessie: crypto. In talkshow Op1 mocht ze vertellen hoe ze handelt en koersen volgt. Ze is daarmee net zo’n expert als de honderdduizenden Nederlanders die ook gegrepen zijn door de cryptohype en investeren in digitale munten. Drieënhalf miljoen anderen overwegen ook in te stappen.

Aan Van Royens enthousiasme heeft het niet gelegen, maar niet lang na haar tv-optreden kelderde de bitcoinnotering ineens. Dat lijkt momenteel vooral te komen door Tesla-topman Elon Musk. Op Twitter zien volgers hoe de technologie-evangelist koersen eigenhandig omhoog en omlaag tweet. Eerst doordat hij aankondigde dat Tesla’s voortaan in cryptomunten konden worden afgerekend en omdat Tesla ook nog eens 1,5 miljard dollar in bitcoin investeerde. Daarna klom de koers naar een historisch hoogtepunt van bijna 65.000 dollar.

Toen Musk later zijn zorgen uitte over het intensieve energiegebruik dat hoort bij het ‘minen’ van cryptomunten, donderde de koers juist weer in elkaar. Half mei bedroeg de waarde nog maar 36.000 dollar. Het speculeren over de vraag of Musk – die zelf ook voordeel kan hebben bij koersen manipuleren – nu wel of niet bewust de koers manipuleert, is een aparte tak van sport geworden.

Volgt u het nog? Investeerders in cryptomunten smeken Musk inmiddels om met zijn tweets te stoppen.

Nadat Musk had aangedrongen op het beperken van de negatieve impact op het milieu schoten de cryptokoersen weer omhoog. Zo onzichtbaar als de munten zelf zijn, zo tastbaar is het energiegebruik van het eindeloze minen, of delven, via datacentra. Op Musks initiatief komt er nu zowaar een ‘Bitcoin Mining Council’ die zich in de VS over deze kwestie gaat ontfermen. Voor het gebrek aan toezicht, bijvoorbeeld op witwaspraktijken of het niet betalen van belasting op cryptovermogen, zijn echter nog weinig oplossingen bedacht.

Cryptomunten houden zo een bijna religieuze mystiek: ze zijn onzichtbaar, ongrijpbaar, en toch aantrekkelijk voor wie het onmogelijke gelooft. Om de absurditeit van de nieuwste cryptorage, de non-fungible token (NFT), aan te tonen, kondigde New York Times- columnist Kevin Roose aan dat hij een column zou vastleggen in blockchain. Ik zal proberen uit te leggen wat hij daarmee bedoelt.

Een NFT is een soort cryptografische handtekening die mogelijk wordt gemaakt door middel van dezelfde blockchaintechnologie die aan bitcoins ten grondslag ligt. Markeer of signeer een digitaal bestand – zoals een tekst of een afbeelding, bijvoorbeeld een digitaal schilderij – en die wordt daarmee ‘authentiek’ en dus schaars. Daarmee gaat de NFT in tegen het gegeven dat op internet alles eindeloos en bijna voor niks te kopiëren valt.

Creaties kopen die voorzien zijn van zo’n waarmerk is de nieuwste rage onder toegewijde bitcoinaanhangers. De vluchtige waarde van de versleutelde NFT’s, in wezen een vorm van geprogrammeerde schaarste, verklaart zowel de aantrekkingskracht van dit fenomeen als het gevaar.

Roose kreeg 560.000 dollar voor die ene versie van zijn krantencolumn, en gaf dat geld aan een goed doel. Maar meestal wordt er minder nobel omgesprongen met de inleg van Heleen van Royen en de miljoenen andere bitcoininvesteerders.

Marietje Schaake schrijft om de week op deze plek een column over technologie, beleid en economie.