Opinie

Handel naar het internationaal recht en erken de staat Palestina

Internationale rechtsorde Het bestand tussen Israël en Palestina biedt Nederland de adempauze om zijn buitenlandbeleid te herijken – dat is hoognodig, stelt . Het internationaal recht biedt er heldere handvatten voor.
Verwoeste gebouwen in Gaza-stad, eerder deze week.
Verwoeste gebouwen in Gaza-stad, eerder deze week. Foto Mohammed Abed/AFP

Het conflict tussen Israël en Palestina is zo’n conflict waarvan we, als we er middenin zitten, niet kunnen overzien hoe het ooit zal worden beëindigd, maar waarvan we ons, als het eenmaal is afgelopen, afvragen hoe het toch zo lang kon voortduren. En bovenal, hoe we het zo lang hebben laten voortduren. Een conflict als apartheid in Zuid-Afrika of de koloniale bezetting van Indonesië of Algerije. Waarvan we dan opeens inzien dat we aan de verkeerde kant van de geschiedenis hebben gestaan.

Voor veel landen in de wereld is het huidige bestand een moment om opnieuw na te denken. Waar loopt het pad dat kan leiden tot een structurele oplossing voor het conflict? Voor zo’n 140 staten is dat pad duidelijk: erkenning van Palestina en volle druk op Israël om te komen tot een levensvatbare Palestijnse staat binnen de grenzen van 1967. De vraag is of andere staten, die een belangrijke rol hebben, gaan schuiven. Wat doen de Verenigde Staten en de Europese Unie?

In Nederland koos het demissionaire kabinet de afgelopen weken voor continuïteit van beleid: inzetten op onderhandelingen op basis van gelijkwaardigheid en aan het eind van de rit mag Palestina de status krijgen die het ambieert. Dat beleid is aan herijking toe; de kabinetsformatie biedt die gelegenheid.

Voor de bouwstenen voor een ander buitenlandbeleid kunnen we terecht bij het internationaal recht. Er is geen bredere graadmeter voor de beoordeling van dit soort conflicten. Natuurlijk is het internationaal recht een politiek geladen en uiterst imperfect systeem. We merken in de discussies van deze weken rond Gaza ook wel eens een zekere vermoeidheid als weer een jurist opstaat die zegt wat wel of niet mag. Het gevaar van die houding kan moeilijk overschat worden. De stabiliteit van de internationale samenleving en de bescherming van de belangen van burgers wereldwijd hangt op een voortgaand respect voor een fragiel rechtssysteem. Internationaal recht is imperfect, maar het is het enige werkelijk wereldwijd aanvaarde normatieve kader waarop we ons met gezag kunnen beroepen als we willen vaststellen of een situatie als in Zuid-Afrika, Indonesië of Palestina nog kan bestaan.

Internationaal recht wijst de weg

Op fundamenteel niveau is het internationale recht verbluffend helder. Het is niet alleen een verzameling van regels is die zeggen dat deze woontoren niet en die bunker wel mag worden gebombardeerd, het biedt ook een kader dat dwingend aangeeft in welke richting een politieke oplossing gevonden moet worden. Het biedt drie vrij elementaire handvatten.

Het eerste uitgangspunt is dat Israël al decennia een illegale bezetting uitvoert van een land en een bevolking dat haar niet toekomt en daarmee op een dagelijkse basis de levens van miljoenen Palestijnen verwoest, zonder enig uitzicht op verbetering.

Het tweede uitgangspunt is dat Israël hierbij een systeem van apartheid toepast dat grote groepen Palestijnen systematisch discrimineert en achterstelt. De term apartheid is beladen, en Nederland wil er niet aan zolang geen internationale organisatie dat heeft vastgesteld. Maar daarmee doen we onze eigen verantwoordelijkheid tekort. Net zo goed als we er niet voor terug hoeven te deinzen om te zeggen dat Wit-Rusland internationaal recht schendt als het een vliegtuig dwingt te landen, is het goed mogelijk om hier een klinische juridische analyse op los te laten. Die leidt tot geen andere conclusie dan dat dit precies de praktijk is die we als apartheid kunnen benoemen.

Het derde uitgangspunt is dat Israël met de bezetting en het apartheidssysteem in strijdt handelt met een van de meest fundamentele normen, waarop de internationale rechtsorde na de Tweede Wereldoorlog is gegrond: het recht op zelfbeschikking.

Lees ook dit opiniestuk: Internationaal ingrijpen is meer dan ooit nodig

Palestina als staat

Illegale bezetting, apartheid en ontkenning van zelfbeschikking zijn normen die zich primair richten tot Israël, maar niet alleen. Het Internationale Gerechtshof heeft duidelijk gemaakt dat deze situatie directe juridische gevolgen heeft voor andere staten en de internationale gemeenschap. Deze moeten zich onthouden van alles wat het voortbestaan van de situatie steunt, en moeten actief samenwerken om de situatie te beëindigen.

In concreto betekent dit dat het meer dan tijd is dat Nederland overgaat tot de erkenning van Palestina als staat. De stap is onvermijdelijk en noodzakelijk om tot een twee-staten-oplossing te komen. Het tot nu gevolgde pad (erkenning aan het eind van een rit) is gegeven de Israëlische praktijk na de Oslo-akkoorden van 1993 uitzichtloos. De overgrote meerderheid van staten in de wereld is ons voorgegaan, en we zouden moeten willen vermijden achteraan de rij te komen die hier de juiste keus maakt.

Natuurlijk kunnen er vragen worden gesteld of Palestina aan alle formele criteria voldoet om een staat te zijn. Het effectieve gezag van de Palestijnse Autoriteit is beperkt. Maar dat is dan vooral zo omdat Israël (en de staten die Israël steunen) niets doen om Palestina het gezag te geven dat haar toekomt. In het verleden heeft Nederland laten zien dat het prima wenselijk en mogelijk is om staten te erkennen voordat ze daadwerkelijk effectief gezag hebben – denk aan Kosovo en Oost-Timor – juist om daarmee de politieke en militaire werkelijkheid te doorbreken en daarmee Palestina het gezag te geven dat haar toekomt.

Versterking van Israëls positie

Daarnaast moeten we ons in Europees en multilateraal verband inzetten voor concreet beleid dat enerzijds de situatie van de Palestijnen versterkt (materiële ondersteuning bij de opbouw van de Palestijnse staat) en anderzijds druk op Israël zet (zoals opschorting van het EU-Associatieverdrag met Israël en militaire samenwerking). Dat verband is niet per se de band van West-Europa met de VS – ook hier is een bredere heroriëntatie nodig.

Daarbij moet duidelijk zijn dat een tweestatenoplossing niet alleen het belang van Palestina dient. Het is juist ook de voorwaarde voor een versterking van de positie van Israël in de regio en de internationale gemeenschap.

Een andere positie van Nederland en andere westerse landen zal niet direct leiden tot verandering. Een echte oplossing hangt af van nieuw leiderschap in Israël en Palestina. Maar de opstelling van partijen die buiten het conflict staan zal wel verschil maken. Het conflict heeft zich alleen kunnen ontwikkelen zoals het zich ontwikkeld heeft door het gedogen en faciliteren van een onderdrukkend systeem door andere partijen. Als Zuid-Afrika en Indonesië een les leren, is het dat een verschuiving in de positie van andere partijen helpt het verschil te maken. We moeten voorkomen dat we te lang aan de verkeerde kant van de geschiedenis staan. Het is laat, maar dit is een goed moment om over te stappen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.