Rechtspraak voor rechter gedaagd door ‘veelschrijvende’ advocaten

Civiele zaken Advocaten uit het hele land spannen een kort geding aan tegen een nieuwe maatregel die is ingesteld om de lengte van processtukken te beperken.

Het exterieur van het gebouw waarin de Hoge Raad zetelt.
Het exterieur van het gebouw waarin de Hoge Raad zetelt. Foto Koen van Weel/ANP

Advocaten schrijven steeds langere processtukken en raadsheren hebben daar „schoon genoeg” van. „Het loopt de spuigaten uit”, licht raadsheer Jurjen Roos van het gerechtshof Den Haag toe . „Er gaat heel veel tijd zitten in het behappen van een stuk dat met heel veel korter had toegekund.”

Roos, voorzitter van de civiele tak van het gerechtshof, staat woensdagmiddag zélf voor de rechter. Maar liefst 62 advocaten uit het hele land hebben namelijk een kort geding aangespannen tegen een maatregel waarvan Roos een van de initiatiefnemers is. Sinds 1 april is een nieuw procesreglement voor gerechtshoven van kracht dat processtukken in civiele zaken beperkt tot 25 bladzijden.

Lees ook: De rechter neemt huiverend een stapje in de moderne tijd

Advocaten zijn daar fel op tegen. Via het kort geding bij de Haagse rechtbank proberen zij dat reglement van tafel te krijgen. Volgens de advocaten ontbreekt de wettelijke basis om de lengte van processtukken te beperken. Ook is de maatregel volgens hen in strijd met het recht op een eerlijk proces uit het EVRM.

De rechtspraak benadrukt juist al maanden de noodzaak. Door lange processtukken kunnen er minder zaken behandeld worden. Ook zijn cliënten er niet mee gediend. „Het jaagt partijen op kosten”.

Beide kampen willen nu dat de Hoge Raad via prejudiciële vragen over de kwestie beslist. Dat duurt nog maanden. De kortgedingrechter buigt zich nu over de vraag of de regels tot die tijd van kracht kunnen blijven. De advocaten vinden van niet. „Wij leven al sinds 1838 zonder deze beperking ”, een paar maanden kunnen er dan ook wel bij.