Reportage

‘Ik was te bang om Assad niet te kiezen’

Syrische verkiezingen Ook in Libanon kunnen Syrische vluchtelingen hun stem uitbrengen. Daarbij wordt volop gebruikgemaakt van intimidatie.

Boze Libanezen schoppen tegen een auto vol Syrische vluchtelingen in Libanon die stemmen. Velen doen dat uit angst voor het regime.
Boze Libanezen schoppen tegen een auto vol Syrische vluchtelingen in Libanon die stemmen. Velen doen dat uit angst voor het regime. Foto Hassan Ammar/AP

Voor de ingang van de Syrische ambassade in Beiroet is een extra camera op een statief neergezet. Iedereen die hier komt stemmen in de Syrische presidentsverkiezingen, wordt van dichtbij gefilmd. Op de binnenplaats krioelt het van de veiligheidsdiensten, militieleden en opgetutte televisiepresentatrices die het feest van de democratie moeten vastleggen.

„We zijn hier gekomen om ons democratische recht uit te oefenen en onze gerespecteerde president Bashar al-Assad te verkiezen”, zegt Wasim al-Laham, een Syriër die op geprogrammeerde toon de pers te woord staat. Een man van de organisatie luistert aandachtig mee en knikt goedkeurend, al wil hij wel iets verduidelijken. „Dit is een democratische en transparante verkiezing”, voegt hij er ernstig kijkend aan toe. „Deze meneer wil voor onze president kiezen, want Bashar al-Assad is de kapitein van het schip dat Syrië heet.”

Tien jaar na het begin van de Syrische opstand en een daaropvolgende oorlog die aan naar schatting 600.000 mensen het leven kostte, zal Assad deze woensdag voor de vierde maal verkozen worden tot president. In Libanon en andere landen konden Syriërs afgelopen donderdag al naar de stembus. In landen zonder Syrische diplomatieke vertegenwoordiging, zoals Nederland, is dat niet mogelijk. Andere landen met veel Syrische vluchtelingen zoals Duitsland en Turkije, staan de verkiezingen op hun grondgebied niet toe.

Lees ook: Tien jaar oorlog in Syrië: ‘Iedere dag is slechter dan die ervoor’

Vrouwen geen kandidaat

Nog afgezien van hoe de stemgang er in de praktijk aan toe gaat, zijn ook Syrië’s electorale wetten zeer beperkend, stelt de Britse verkiezingsexpert Hannah Roberts, die de presidentsverkiezing volgt. Ze wijst erop dat vrouwen worden uitgesloten als presidentskandidaten, net als iedereen die niet tien jaar aaneen in Syrië woonachtig is – waarmee de gehele oppositie in ballingschap onverkiesbaar is. Van de 51 kandidaten die zich aanmeldden, werden naast Assad maar twee anderen goedgekeurd. „Deze verkiezing gaat meer over theater dan over vrije keuze.”

Dat theater heeft wel een functie. Het regime gebruikt de campagne om trouwe en ontrouwe burgers van elkaar te scheiden: terwijl krijgsheren en zakenlieden hun loyaliteit bevestigen door gigantische billboards van de grote leider neer te planten, houdt het regime scherp in de gaten wie wel en niet meedoet met de propagandashow.

In de woonkamer van een donker krot in hartje Beiroet zien twee Syrische vrienden dat spel met lede ogen aan. Een van hen laat een filmpje zien waarop een groep mannen een dansje opvoert naast een portret van Assad. „Dit stuurde mijn neef uit Damascus”, verzucht de man, die anoniem wil blijven om zijn familie in Syrië te beschermen. „Hij stond altijd aan de kant van de revolutie, maar nu staat hij daar te dansen, want de geheime dienst staat ernaast.”

Zelf hebben de twee niet gestemd, maar ze weten dat veel Syriërs in Libanon onder druk staan om dat wel te doen. „Op de ochtend van de verkiezingen stuurden ze bussen naar wijken met veel Syriërs”, vertelt de andere man, Moestafa, die in een buurtwinkel werkt en het verhaal hoorde van een klant. „Hij vertelde me dat ze mensen meenamen naar de ambassade om te gaan stemmen. Je kunt moeilijk weigeren. Syriërs zijn opgegroeid met angst.”

Volgens de mannen ligt het voor de hand dat de bussen gestuurd zijn door Hezbollah of de Amal-beweging, twee sjiitische partijen in Libanon die allebei aan de kant staan van Assad. Ook zijn er aanwijzingen dat Syriërs onder druk worden gezet om te gaan stemmen door landgenoten die het regime steunen en door leden van de Syrische Socialistische Nationale Partij (SSNP), die zowel actief is in Syrië als Libanon.

Zo kreeg een 21-jarige Syrische vrouw nabij de Libanese stad Tripoli van een andere Syriër te horen dat de ambassade haar een Syrisch paspoort zou geven als ze haar stem zou uitbrengen. „Ik ben gevlucht uit Syrië zonder paspoort, en dat maakt mijn leven in Libanon heel lastig”, vertelt ze telefonisch. „Maar ik heb geweigerd, want ik denk dat ze liegen.”

Ze zeiden: als je stemt, zorgen wij dat je weer naar Syrië kunt

Bewoner van vluchtelingenkamp

Een andere man in een vluchtelingenkamp bij de stad Aarsal, tegen de grens met Syrië, zegt dat onder andere de SSNP een paar dagen voor de verkiezingen voor het kamp verscheen en dreigde de stroom- en watervoorziening stop te laten zetten als bewoners niet zouden stemmen. „Ze vernederden ons”, zegt hij. „Ze zeiden: ‘Ga je nu echt je hele leven in een tent wonen? Als je stemt, zorgen wij dat je veilig terug kan naar Syrië’.”

Volgens de man zijn er zo’n 500 mensen vanuit zijn kamp met bussen naar de ambassade gebracht. Hijzelf heeft geen papieren voor die reis, maar hem werd opgedragen een foto van zijn identiteitsbewijs op te sturen zodat de ambassade namens hem kan stemmen. „Ik was te bang om het niet te doen”, zegt hij. „Je weet nooit wat ze mijn familie in Syrië kunnen aandoen.”

Syriër Wasim al-Laham stond bij de Syrische ambassade in Beiroet de pers te woord.

Militaire invasies

Veel Libanezen reageerden kwaad op de berichten dat duizenden Syrische vluchtelingen in hun land voor Assad stemmen. Het kleine land van nog geen zeven miljoen inwoners vangt 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen op, gaat gebukt onder een dramatische economische crisis en heeft in het verleden veel te lijden gehad onder militaire invasies door het Assad-regime.

„Ze doen net alsof dit hun land is!”, zegt Elie, een aanhanger van de Libanese Strijdkrachten (LS), een christelijke militie die donderdag op de vuist ging met Syriërs die naar de ambassade afreisden. „We moesten ingrijpen, want die Syriërs stonden gewoon trots liederen te zingen voor Assad. Als je voor die crimineel stemt, heb je als vluchteling in Libanon niets te zoeken.”

Maar de man in Aarsal zweert dat in zijn kamp bijna niemand uit eigen wil gestemd heeft. „De mensen die van de ambassade terugkeerden schaamden zich”, vertelt hij. „Natuurlijk is het pijnlijk om te stemmen voor het regime waarvoor je gevlucht bent, maar wat kunnen we anders? We zijn bang voor het regime en bang voor de Libanezen die ons aanvallen. In Libanon is er niemand die ons beschermt.”