Opinie

Voor je het weet is dit spel tussen de VS en China oorlog

Taiwan De spanningen tussen China en Taiwan, en daarmee met de VS lopen op. waarschuwt voor de gevolgen.
Taiwanese matrozen voor de oorlogsfregatten Ming Chuan en Feng Chia, aangekocht van Amerika.
Taiwanese matrozen voor de oorlogsfregatten Ming Chuan en Feng Chia, aangekocht van Amerika. Foto EPA

Wat is Taiwan de Verenigde Staten waard? Riskeren de VS een catastrofale oorlog indien de Chinese Volksrepubliek een militaire aanval waagt? President Biden sprak onlangs klare taal, toen hij de spanningen tussen China en de VS omschreef als een wereldwijd conflict tussen democratische en autocratische waarden. En Taiwan, dat deel uitmaakt van China maar zelfstandig wordt geregeerd, is ontegenzeggelijk een democratie.

In 1954 bestookte China een paar kleine eilanden tussen Taiwan en het Chinese vasteland met granaten – de Amerikaanse president Eisenhower dreigde daarop met atoombommen. Taiwan was toen nog een militaire dictatuur, maar de VS hadden zich door middel van een militair verdrag verplicht Taiwan te hulp te schieten.

Ambiguïteit

In 1972 erkende president Nixon dat Taiwan deel uitmaakte van één China. In 1979 ten slotte, maakte president Carter een einde aan het verdrag met Taiwan. Sedertdien geldt wat Henry Kissinger ooit omschreef als „strategische ambiguïteit”; niemand weet wat de VS doen in het geval van een gewapend conflict.

De verplichtingen van de VS in Oost-Azië zijn daarom heel eigenaardig. Amerika heeft een defensieverdrag met Japan. Dat betekent dat als China enkele onbewoonde rotsen in de Zuid-Chinese Zee, de zogenaamde Senkaku eilanden die door Japan én China worden opgeëist, aanvalt, de VS moeten ingrijpen. Maar dat geldt dus niet voor Taiwan met zijn bevolking van ruim 23 miljoen mensen.

Er zijn wel enige praktische redenen waarom de VS Taiwan eventueel zouden bijspringen in een gewapend conflict. Chinese dominantie in de Zuid-Chinese Zee zou Japan en Zuid-Korea bedreigen, en daarom gemakkelijk kunnen uitlopen op een nucleaire wapenwedloop in Oost-Azië. Bovendien zien de ‘democratische bondgenoten’ liever niet dat de zeer geavanceerde Taiwanese high tech in Chinese handen valt.

Lees ook: De premier van Japan mag niet voor niets als eerste bij Biden op bezoek

En dan is er de lange schaduw van de historie. Landen worden niet bepaald door hun geschiedenis, maar we moeten de invloed van het verleden niet onderschatten. Die invloed bestaat vaak uit mythen – en mythen spreken mensen vaak meer aan dan feiten. Het Chinese nationalisme wordt gedreven door twee obsessies. Er is de honderd jaar durende vernedering door buitenlandse machten, van de Opiumoorlogen in het midden van de 19de eeuw tot de Japanse bezetting in de 20ste eeuw; en China wil weer een grootmacht worden onder leiding van de Communistische Partij.

Dat wordt er nu overal in China ingestampt: op scholen en monumenten, in musea, films, boeken, stripverhalen. China zal nooit meer worden vernederd. Dat haast niemand, ook niet de leden van de Communistische Partij, nog gelooft in het maoïsme of zelfs het marxisme, heeft hier veel aan bijgedragen. Het monopolie dat de partij op de macht in China heeft, moet worden gerechtvaardigd – revanche voor de krenkingen in het verleden vormt nu die rechtvaardiging.

Revanche voor de krenkingen in China’s verleden vormt nu de rechtvaardiging

De inlijving van Taiwan in het Japanse koloniale rijk na de Chinees-Japanse Oorlog van 1895 doet nog altijd officieel pijn. Niet dat de Chinese keizers veel gaven om het provinciale eilandje, maar dat doet er niet toe. Het was een schande voor China – niet voor het Chinese volk overigens, maar voor de Qing Dynastie (onder de Manchus), die in 1911 ten val werd gebracht. Het is daarom ironisch dat de Chinese Communistische Partij het nu als een heilige plicht ziet om het rijk van de oude Manchu dynastie in ere te herstellen – vandaar de gevoeligheid omtrent Tibet, Hong Kong en Taiwan.

Amerikanen hebben te kampen met een heel andere geschiedenis, een waarvoor zij niet eens directe verantwoordelijkheid dragen: de overeenkomst in München van 1938. Op basis van deze overeenkomst mocht Hitler een deel van Tsjechoslowakije inpikken. De overeenkomst werd overigens niet eens gesloten door een Amerikaan, maar door een Engelsman, Neville Chamberlain, premier van het Verenigd Koninkrijk tussen 1937 en 1940. Door deze zogenaamde ‘appeasement’ is hij de geschiedenis ingegaan als de grote lafaard, in tegenstelling tot Churchill, de grote oorlogsheld.

Internationale crisis

Toch spookt ‘München 1938’ nog rond in de Verenigde Staten, misschien nog wel meer dan in het Verenigd Koninkrijk. Presidenten zijn als de dood om te worden gezien als Chamberlains, en hebben daarom de neiging om aan Churchill een voorbeeld te nemen. Dreigt er een internationale crisis, dan komt het spook van München tevoorschijn: in de Koreaanse Oorlog en in Vietnam, in 1954, toen de Britten weigerden de Fransen te helpen in hun strijd tegen de Noord-Vietnamese communistische leider Ho Chi Minh, waarop Eisenhower nota bene Churchill „het bevorderen van een tweede München” in de schoenen schoof. Tijdens de Amerikaanse oorlog in Vietnam nam Nixon München weer in de mond. En vlak voor de invasie van Irak las de Britse premier Blair de dagboeken van Chamberlain om daar een (verkeerde) les uit te trekken.

Een groot deel van de mensheid zou een wereldoorlog vandaag de dag niet overleven. Misschien dat China en de VS daarom een oorlog weten te vermijden. Tot dusver tasten de Chinezen af hoe ver ze kunnen gaan. Gevechtsvliegtuigen dringen het luchtruim van Taiwan binnen; de Chinese marine vaart rakelings langs Taiwanese en Japanse schepen; Chinese politici provoceren door geweld niet ‘uit te sluiten’. De Amerikanen verkopen meer wapens aan Taiwan en praten over een nieuwe koude oorlog.

In dit soort spelletjes gaat het erom wie het eerst met de ogen knippert. Maar dat spel kan snel escaleren. Hoe meer we ons door het verleden laten bedwelmen en ons vastbijten in de vernederingen van weleer, des te moeilijker het is om toe te geven, een compromis te sluiten of een toontje lager te zingen. Houden beide partijen in een ernstige crisis voet bij stuk, dan wordt het oorlog. En dan verliest iedereen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.