Cecilia Verheyden: „Ik heb nooit gedacht dat ik geen regisseur kon worden omdat ik een vrouw ben.”

Interview

‘Groot verdriet maakt grote kunst? Niet voor mij’

Cecilia Verheyden | Regisseur

Cecilia Verheyden regisseerde de Nederlands-Vlaamse film Ferry, die op Netflix te zien is. Ze is in België een van de zeer weinige vrouwelijke regisseurs. „Ik was altijd one of the guys.”

‘Ik was bang dat ik mijn hoogtepunt al had bereikt op mijn 21ste”, antwoordt regisseur Cecilia Verheyden (35) op de vraag of ze met de verschijning van haar nieuwe film Ferry aan de top van de Nederlandstalige filmindustrie is beland. Op haar 21ste stond Verheyden zonder geld, met twee filmschoolvrienden en een goedkope camcorder ergens in Los Angeles. Doel: de legendarische regisseur en producent Steven Spielberg opzoeken en hem een filmscenario in de handen duwen. Een boerenweggetje naar Hollywood. En dat filmen voor de Vlaamse televisie.

„Het mislukte eigenlijk. We gingen naar huis zonder hem te spreken. Maar op de allerlaatste dag zijn we voor zijn huis gaan kamperen verkleed als Kuifje (Spielberg was toen bezig met zijn Kuifje-film red.), met een doos Kuifjechocolaatjes en een groot bord: Steven Spielberg please give us five minutes of your time. Niemand deed open. Dus we vertrokken. Maar ik wilde nog één shot van onze auto die wegreed. En tijdens het draaien komt er iemand uit het huis: zijn personal assistent. ‘We hebben jullie al een tijdje in het oog, waar zijn jullie mee bezig?’ ‘Wij zijn al maanden op zoek naar Steven Spielberg!’”

Ze mochten een brief sturen, én de chocola overhandigen. Weken later, de eerste afleveringen van Climbing Spielberg waren al uitgezonden, werden ze gebeld. Spielberg wilde hen wel spreken. Slechts vijf minuutjes, dat wel. „We zijn direct teruggevlogen. Uiteindelijk hebben we hem heel lang geïnterviewd. Hallucinant.” Aan het eind van het gesprek stelden de filmschoolvrienden de vraag waar het hun die hele reis om ging: wat moeten we doen om het te maken in de filmindustrie? „Spielberg zei: blijf in je eigen land en word zo goed mogelijk. Mijn mensen zullen het zien, en je komen halen als het zover is.” De eerste buitenlandse regie-aanvragen heeft Verheyden inmiddels binnen, maar Spielberg belde (nog) niet.

Twee dagen voordat Ferry, de prequel van de Nederlands-Vlaamse hitserie Undercover, op Netflix verschijnt, zit Cecilia Verheyden in de ruime co-workingspace annex ‘creatieve ontmoetingsplek’ die ze opende in haar woonkamer in Leuven; naar eigen zeggen om de huur rond te krijgen toen zij en haar ex-vriendin uit elkaar gingen, met als prettige bijkomstigheid dat ze meer creatievelingen ontmoet. Ze praat genuanceerd, nadenkend. Haar afwaswaterblonde haren zitten stijlvol in de war. Later zal ze aan de telefoon zeggen dat ze dolblij en overweldigd is door de ontvangst van de film, maar nu is ze bloednerveus. Ze merkt het aan haar lichaam, slaapt niet meer goed. „De eerste recensies kreeg ik toegestuurd van Netflix, en die zijn heel positief. Maar ik ben zo benieuwd wat de kijkers zullen vinden.”

Die ene vrouw

Verheyden regisseerde de helft van het tweede seizoen van Undercover. Op dat tweede seizoen kwam veel kritiek. „Fans, vooral Nederlandse, vonden dat er te weinig Ferry (acteur Frank Lammers) en Daniëlle (actrice Elise Schaap) in zat. Dat was niet leuk. Als ik iets maak dan is dat mijn hele leven. Ik droom ervan. Maar de kritiek was zo gefocust op het gebrek aan Ferry en Danielle dat ik dacht: ‘heb je wel met een open blik gekeken?’ Niet-Nederlanders vonden het wel heel sterk. Ik snap dat jullie van Ferry en Danielle houden, maar onze Vlaamse cast doet er niet voor onder!

„Voor slechte recensies ben ik niet zo gevoelig meer. Mijn eerste film Achter de wolken kreeg deels positieve, deels negatieve kritieken, maar was wel de op drie na best bezochte Vlaamse film van 2016. Ik ben een maker die dingen voor een publiek maakt, niet voor mijzelf, of voor recensenten. Tja, als ik spaghetti maak voor mijn vrienden wil ik ook dat ze het lekker vinden.”

Ferry is bigbudget spaghetti. Netflix reserveerde miljoenen voor de prequel van Undercover, wat in 2019 en 2020 de best bekeken Netflixserie in Nederland was. Keerzijde: de grote internationale fanbase is mondig en zeer kritisch. Waarom besloot Verheyden na alle kritiek op seizoen twee toch ook de film te regisseren?

„Ik wilde meer werken met Frank Lammers en Elise Schaap. Voor Undercover had ik maar twee draaidagen met hen, maar ik voelde toen al wat een ongelofelijke acteurs dat zijn. Ik maak dat niet vaak mee; acteurs die zo goed in hun personages zitten, ze zo goed begrijpen. Je hebt acteurs die deliveren, maar bij hen was het elke keer meer dan we konden verwachten.”

De opnames van de film vonden plaats van Vlaanderen tot Amsterdam. Met een deels Vlaamse, deels Nederlandse cast en crew. Tot voor kort waren de Vlaamse en Nederlandse filmindustrie strak gescheiden, gesloten ecosystemen. Is er een verschil in aanpak tussen Vlaamse en Nederlandse filmmakers? „In Nederland zijn de taken strikt verdeeld, in Vlaanderen zijn we meer een scoutinggroep. Iedereen heeft wel zijn eigen taak, maar tegelijkertijd helpt iedereen elkaar. In Vlaanderen heb ik bij dezelfde film soms het gevoel dat ik op de set van een studentenfilm sta, en soms dat ik op een professionele, Amerikaanse set sta. Een ander verschil: jullie zeggen sneller waar het op staat.” Ze valt stil en glimlacht. „Vooral Frank eigenlijk!”.

Toen Verheyden zich voorstelde aan Frank Lammers – op de set van Undercover seizoen twee – zei hij: ‘Wat? Je bent een vrouw!’. Verheyden reageerde: „Ja, ik ben het! Die ene vrouw die kan regisseren!” Ze lacht erom. „Hij zei het half om te lachen, half om mij een beetje uit te dagen, denk ik. Uiteindelijk hebben we héél fijn samengewerkt. Aan het einde van de opnames van Ferry zei Frank dat-ie minder frictie met mij had dan met andere, mannelijke regisseurs. Dat is testosteron tegenover elkaar, zei hij. Wij konden de ego’s loslaten, onze ideeën op tafel leggen en doen wat het beste was voor het project.”

Smeulend activisme

Verheyden voelde zich altijd anders. Ze groeide op in een hoogopgeleide familie, maar het academische zat niet in haar. Ze had concentratieproblemen, kon zich niet committeren aan één ding – ze had genoeg hobby’s voor een hele basisschoolklas. Op de middelbare school ontdekte ze dat ze niet zo geïnteresseerd was in jongens als haar vriendinnen. „Gaandeweg kwam ik erachter dat ik op vrouwen viel. Dat alles maakte wel een stevige pubertijd.

„Ik was altijd one of the guys. Ik groeide op in een gezin met drie broers, met een grote familie van bijna alleen mannen. Ik zat op een jongensschool die nét open was gegaan voor meisjes. En in die tijd zaten er ook bijna alleen maar jongens op de filmschool. Ik denk dat dat ook maakt dat ik niet geïntimideerd ben als ik een set vol mannen moet leiden. Jongens zijn mijn natuurlijke habitat.”

Verheyden had „het juiste soort mannen” om zich heen. Niet het paternalistische soort, dat vrouwen klein wil houden, maar mannen die in haar geloofden, haar uitnodigden om mee te doen. In haar kindertijd: ‘Kom, klim jij ook eens in een boom!’. Ze stond er nooit bij stil.

„Een paar jaar geleden pas dacht ik voor het eerst toen ik op een set kwam: Ik ben hier de énige vrouw. Hoe komt dat? Wat maakt mij anders? Toen ik dat begon te merken kon ik er niet meer tegen. Ik heb nooit gedacht dat ik geen regisseur kon worden omdat ik een vrouw ben. De gedachte dat er vrouwen rondlopen die dat wel hebben is verschrikkelijk.”

In 2020 organiseerde Filmfestival Oostende een expositie over vijftien jaar Vlaamse film. Van de tien geselecteerde films was er één geregisseerd door een vrouw – en ook nog als deel van een duo met een man. Het was olie op Verheydens smeulende activisme. Samen met 86 vrouwelijke en non-binaire regisseurs (die zich niet thuisvoelen in de binaire man-vrouwverdeling) richtte ze Wanda op, een collectief voor meer diversiteit in Vlaamse film.

ik niet geïntimideerd ben als ik een set vol mannen moet leiden

Cecilia Verheyden

„België loopt achter. Als het gaat om vrouwelijke regisseurs van grote fictiereeksen zijn we met z’n drieën: Kaat Beels en Nathalie Basteyns – een koppel dat fictie maakt – en ik. Het percentage films dat in 2019 door vrouwelijke regisseurs werd geregisseerd was bij ons zo’n 16 procent. Jullie in Nederland zaten bijna op 40 procent.

„Dat vrouwen niet zouden willen is simpelweg niet meer waar. Maar filmen is vaak onmenselijk zwaar. En de zorg voor kinderen komt vaak op de schouders van de vrouw terecht. Op de set zijn wel vaak mannen die kleine kinderen hebben, maar geen vrouwen. Die zijn kinderloos, of ze hebben oudere kinderen. Voor vrouwen is het een moeilijk beslissing: ga ik nu twee keer een lange periode stoppen met werken om met kinderen bezig te zijn?

Heeft Verheyden bewust geen kinderen? „Ik heb een pluszoontje van mijn vriendin! Zeggen jullie dat ook zo? Een stiefzoontje. En binnenkort ook een hondje. Dus voilà, geen bewust besluit.”

Verheyden voert het gesprek over diversiteit gewapend, feiten en cijfers heeft ze in haar achterzak. Op internet krijgen filmmakers nu vaak de kritiek dat zij acteurs selecteren op diversiteit in plaats van talent, om hun ‘linkse agenda’ te ‘pushen’. Is dat terecht? Verheyden slaat kalm en gedecideerd aan het ontmantelen.

„We zijn geen documentairemakers. Als een collega van mij een verhaal wil vertellen over de Tweede Wereldoorlog met alleen zwarte mensen dan mag dat. We doen wat we willen. Het gaat om de vraag: wil je de wereld tonen zoals-ie is, of zoals die zou moeten zijn? Er wordt zo veel commentaar gegeven door mensen die te veel tijd hebben en die verdoen in de krochten van het internet. Als je twee minuten met ze spreekt heb je ze al onder de tafel.”

Ze heeft twee missies, zegt ze: gevestigd regisseur worden, en meer diversiteit in de filmindustrie bewerkstelligen. Kan dat botsen? „Ik maak nu een Netflix-serie over diamanthandel in Antwerpen, samen met Rotem Shamir, de Israëlische regisseur van Fauda en Hostages. Wij zijn bewust bezig om mannelijke personages om te schrijven naar vrouwen. Tien jaar geleden moest ik niet proberen dat soort dingen te eisen. Ik heb nu ervaring en geloofwaardigheid. Ik ben een persoon met… macht is een verkeerd woord… Inspraak! Daar gaat het om: meer vrouwen, mensen van kleur, en mensen met een beperking in posities waarin zij bepalen wat er gebeurt.”

Diep verdriet

Verheyden was 25, op het punt wereldwijd door te breken als commercialregisseur, toen haar jongste broer om het leven kwam. „Een ongeluk op vakantie in Zuid-Afrika – hij was 21.” Ze praat met tussenpozen, kijkt naar de kippen en konijnen in de tuin van haar buren. Haar felblauwe ogen gloeien in de zon. „Het is tien jaar geleden, maar je merkt het aan mij, het slijt niet. Sinds het is gebeurd heb ik nooit meer gezegd dat ik gelukkig ben. Al heb ik ook geleerd dat dat niet hoeft.”

De broer-zusrelatie speelt een belangrijke rol in haar leven. Ze maakte al een korte film over een broer en zus die samen in de gratie proberen te komen bij hun twee oudere broers – los autobiografisch. En ze is nu bezig met een speelfilm over een vijftienjarig meisje dat verliefd wordt op „het liefje van een van haar drie broers”: Skiff. „Met mijn jongste broer heb ik nu op een andere manier contact. Niet fysiek, maar in mijn gedachten.”

Het grimmige axioma luidt: uit groot verdriet komt grote kunst. Werkte dat zo voor Verheyden? „Nee. Het is het grootste verdriet uit mijn leven, en dat moet ik altijd met mij meedragen. Ik weet wat het is om diep, diep, diep verdriet mee te maken. Natuurlijk zijn er positieve dingen gebeurd, daarna. Je verbindt je meer met mensen, familie; ik begrijp de trauma’s van anderen. Maar of het leidt tot grote kunst? Niet voor mij. En die dingen had ik liever op een andere manier geleerd.”

Langzaam begon Verheyden weer opdrachten aan te nemen. De eerste was een stuntreclame met verborgen camera’s voor biermerk Carlsberg. „Niemand weet dit, maar mijn mama was toen op de set ter ondersteuning. Die reclame was heel low-budget en experimenteel. Je ziet een koppel dat filmtickets koopt. Maar als ze de filmzaal inlopen zit die vol met booskijkende bikers. Dat filmpje explodeerde. We wonnen prijzen op Cannes – gouden en bronzen leeuwen, ook voor andere reclames.”

De verborgen camera-reclame werd een hype. Verheyden en producer Tatiana Pierre kregen honderden scripts binnen. Ze filmden stuntcommercials in Parijs, Londen, Antwerpen, Milaan en Amsterdam – van Carlsberg tot James Bond. Krant De Morgen interviewde haar over het internetsucces onder de kop: ‘De Belgische filmregisseur van 60 miljoen’. Het toppunt was Los Angeles, voor computerspel Watch Dogs. „In die game kun je je omgeving hacken. Voor de reclame was een hele straat in LA afgezet. Overal verstopten we camera’s. Het idee was: wat als iemand zijn gsm binnenbrengt in een winkel en die terugkrijgt met een app die alles kan hacken. Mensen wandelden dus door de straten en dachten dat ze via hun telefoon auto’s konden stelen, geldautomaten konden overnemen. Aan het einde hacken ze een stoplicht, en veroorzaken ze zogenaamd een verkeersongeluk.”

„Filmen met verborgen camera’s is spannend, je weet nooit hoe men zal reageren. Bij die commercial was er een Aziatische man die de hele tijd perfect Engels sprak, maar toen de politie kwam deed hij opeens alsof hij niks verstond. Dat hadden we nooit durven schrijven.”

Binnenkort gaat Verheyden subsidie aanvragen voor Skiff, maar ze voltooit nu eerst Diamonds, dat in 2022 op Netflix moet verschijnen. „Het gaat allemaal organisch”, zegt Verheyden. „Ik heb nooit iets hoeven forceren”. Stapje voor stapje klimt ze hoger op de Spielberg. Is het telefoontje dichterbij dan ooit? „Goh, ik zou het tof vinden als hij plots zou bellen. Maar ik zal niet stilzitten en wachten.”