Boeren zijn vaker depressief, ‘onzekerheid en kritiek knagen aan je’

Gezondheid boeren Boeren zijn vaker depressief of suïcidaal dan gemiddeld. Ze ervaren een hoge werkdruk. „Boer-zijn is complexer geworden.”

Melkveehouder Rudie Freriks heeft tijdens trainingen geleerd signalen van depressies bij collega’s te herkennen. „Uit zichzelf aan de bel trekken doet een boer niet.”
Melkveehouder Rudie Freriks heeft tijdens trainingen geleerd signalen van depressies bij collega’s te herkennen. „Uit zichzelf aan de bel trekken doet een boer niet.”

Melkveehouder Rudie Freriks (56) ziet het meteen als een collega het mentaal zwaar heeft. Een prachtig erf dat binnen een paar maanden is afgetakeld. Slecht verzorgde dieren. Beschimmeld voedsel. Dan is het tijd voor een gesprek.

Al jaren hebben boeren een hoog risico depressief of suïcidaal te worden. Het aantal suïcides steeg tussen 2013 en 2016 – de meest recente cijfers – van 12,5 naar 17,4 op elke 100.000 agrariërs, blijkt uit onderzoek van 113 Zelfmoordpreventie. Dit is veel hoger dan het landelijke suïcidecijfer, dat in die periode nauwelijks steeg: van 11,2 in 2013 tot 11,3 in 2016.

De toegenomen druk op de sector, onder meer door de huidige stikstofcrisis, maakt dat de zorgen om Nederlandse boeren toenemen. „Boer-zijn is complexer geworden”, vertelt arts en onderzoeker Jorien Kuijk. „Er komen steeds meer regels bij en het roer wordt telkens omgegooid. Doet de boer een investering om te voldoen aan de nieuwe regelgeving, veranderen de regels wéér.”

Freriks – korte blonde haren, tenger postuur – helpt boeren die hun bedrijf door veranderende regels moeten aanpassen of verplaatsen. Hij komt veel bij hen thuis. In de agrarische sector wordt Freriks een ‘erfbetreder’ genoemd, een verzamelnaam voor mensen die voor hun werk geregeld bij boeren op het erf komen, zoals zzp’ende agrariërs, dierenartsen en accountants.

Boer klapt dicht

Soms schrikt Freriks van wat hij aantreft. „Vooral als dieren niet goed verzorgd worden, de veestapel zijn glans heeft verloren. Dat raakt mij als melkveehouder.” Hij zegt daar niets over tegen de boer. „Dan klapt een boer dicht.”

Zijn mening voor zich houden leerde Freriks tijdens een speciaal voor erfbetreders opgezette training om signalen van depressie onder boeren te herkennen. AgroZorgwijzer, een project dat een vangnet wil bieden voor boeren met psychische problemen, ontwikkelde de training. Het doel is de mentale druk onder boeren te verlagen. Naast de training die Freriks volgde, is er ook een suïcidepreventietraining speciaal voor de agrarische sector, ontwikkeld door 113 Zelfmoordpreventie. Die trainingen zijn hard nodig, zegt een woordvoerder van AgroZorgwijzer. „De stress onder boeren neemt de laatste jaren toe.”

Die weke, slappe handjes, ik lag er nachten wakker van

Ex-boer Rob Huinink

Economische onzekerheid en grote bedrijfsrisico’s maken boeren vatbaarder voor depressies. Als een boer met zelfmoordgedachten kampt, kan hij bovendien eenvoudig beschikken over de middelen om suïcide te plegen.

Risicoverhogend is dat werk en privé sterk verweven zijn. „De meeste mensen gaan weg van huis om te werken. Wij niet, wat de valkuil is. Ik denk dat er vaak gekozen wordt voor het bedrijf, niet voor zichzelf”, vertelde een boer aan onderzoekers van GGD IJsselland, die in de zomer van 2019 de mentale gesteldheid van boeren onderzocht.

Hoge werkdruk

In de gesprekken van melkveehouder Freriks komt de hoge werkdruk veel ter sprake. In robuuste legergroene kaplaarzen en een donkerblauwe overall banjert hij met veearts en collega-erfbetreder Ton Pijs (49) naar de koeien. Ze peilen bij elkaar wat de stemming is onder de boeren die zij kennen. „Ik maak me meer zorgen”, zegt Freriks peinzend. De coronacrisis speelt een belangrijke rol. Pijs: „Studiegroepen gaan niet door, bijeenkomsten zijn afgelast.” Zo valt het zicht op mentale problematiek onder boeren deels weg. Dat is gevaarlijk, weet Freriks.

Hij weet hoe het is om er mentaal doorheen te zitten. „De onzekerheid die de veranderende regels met zich meebrengen en de constante kritiek van de buitenwereld knagen aan je. Je verliest het gevoel dat je grip hebt op de situatie. Zo gaat sluipenderwijs het plezier van het werk af. Maar uit zichzelf aan de bel trekken doet een boer niet.”

Lees ook een interview met varkenshouder Jan Vermeer: ‘Altijd over de rug van de boeren’

Dat gold ook voor ex-boer Rob Huinink (50), die als zesde generatie boer zijn toekomstbeeld in duigen zag vallen. Na een conflict over de werkwijze van het familiebedrijf zat hij thuis zonder boerderij, zonder vee en zonder werk. Langzaam verdween het eelt van zijn werkhanden. „Die weke, slappe handjes, ik lag er nachten wakker van.”

Zijn boekhouder zag tijdens de afwikkeling van het conflict dat het niet goed ging en raadde aan hulp te zoeken. Eigenlijk had Huinink het advies drie jaar eerder, toen het conflict begon, willen krijgen. Maar in plaats daarvan kropte hij zijn frustraties jaren op en eiste het dagenlange werken zonder een woord te zeggen zijn tol. „Niets is zo funest als een dag niet praten.”

Rudie Freriks: „De onzekerheid die de veranderende regels met zich meebrengen en de constante kritiek van de buitenwereld knagen aan je.” Foto Eric Brinkhorst

Het is niet dat Huinink, die inmiddels als agrarisch coach boeren helpt die vastlopen in hun werk, niet kán praten. „Ik ben daar heel goed in, vooral als het over technische dingen gaat. Maar gevoelens bespreken is mij nooit geleerd.”

„Het praten over mentale problemen moet genormaliseerd worden”, zegt de woordvoerder van AgroZorgwijzer. „Het liefst via boeren die eigen ervaringen delen. Het is zaak om te leren de problematiek in ‘boerentaal’ te bespreken. Termen zoals ‘psychosociale gezondheid’ en ‘mentale fitheid’ worden snel als te zwaar ervaren, waardoor boeren niet herkennen en erkennen dat ze wellicht hiermee worstelen.”

Ook coach Riëtte Petter probeert ‘boerentaal’ te spreken in haar contact met erfbetreders zoals Freriks. Ze traint hen tekenen van depressies onder boeren te herkennen. „Erfbetreders hebben vaak tijd nodig om los te komen”, zegt Petter. „Ze hebben de neiging problemen voor zichzelf te houden. De vuile was hang je niet buiten, wat denkt de buurman dan wel niet. Die gedachte heerst in de sector. Maar zodra het eerste verhaal is gedeeld, volgt de rest snel.”

De schijn ophouden

De meeste erfbetreders bij de trainingen hebben zelfdoding van dichtbij meegekregen, zegt Petter. Ze vertellen over boeren die het leven niet meer zien zitten. Soms uit zich dat in verbale en fysieke agressie naar de erfbetreders toe. Er zijn ook boeren die de schijn juist ophouden. Petter: „Dan lijkt alles in orde wanneer de erfbetreder op bezoek is. Het bedrijf loopt goed, de boer heeft een jong gezin, een mooie auto. Een week later blijkt dat hij zelfmoord heeft gepleegd. Wat achterblijft is een gevoel van schuld. Heb ik echt niets gezien?”

Rundveedierenarts Ton Pijs (links) en melkveehouder Rudie Freriks. Foto Eric Brinkhorst

Het herkennen van mentale problemen begint bij het zien van veranderingen bij een boer. Dat kan iets kleins zijn, bijvoorbeeld als een boer geen koffie of thee meer aanbiedt. Vervolgens is het zaak dat te benoemen, open vragen te stellen en niet te oordelen. Als de zorgen van de erfbetreder bevestigd worden, kan het behoorlijk lastig zijn de boer te helpen. Erfbetreders krijgen een schema waarmee ze boeren op verschillende hulpinstanties kunnen wijzen, maar professionele hulp zoeken staat in het hoofd van boeren vaak gelijk aan falen.

„Als ik zeg: ‘Ik loop bij iemand’, zeggen anderen: ‘Goh, dat is ook een watje’”, aldus een boer tegen de onderzoekers van GGD IJsselland. Een andere agrariër zei: „Wanneer ik met een boer deel dat ik het zwaar heb, denkt die boer: ‘Kan ik mooi een deel van je land overnemen’. Je hebt altijd belang bij elkaars werk. Dus de afgunst is er ook.”

Taboedoorbreker

Uit de Landelijke Agenda Suïcidepreventie 2021-2025, een samenwerking tussen het Ministerie van Volksgezondheid en maatschappelijke organisaties om zelfmoord te voorkomen, blijkt dat boeren hulpinstanties niet of mondjesmaat weten te vinden. De taak van de erfbetreder om dit taboe te doorbreken wordt door veel boeren erkend. „De vrouw van een boer en de erfbetreders die het dichtst bij hem staan, moeten het als eerste zien”, vertelde een boer aan onderzoekers van GGD IJsselland. Lees ook dit opinieartikel: De boer kan het niet alleen Maar niet iedereen ziet de erfbetreder als geschikte partij om zorgen mee te delen, blijkt uit hetzelfde onderzoek. De woordvoerder van AgroZorgwijzer snapt dat erfbetreders met bijvoorbeeld een controlerende functie voor weerstand kunnen zorgen. „Wanneer iemand je financiën naloopt en je voelt op dat vlak veel druk, is vertellen over je zorgen soms lastig. Daarom geven wij erfbetreders mee dat ze hun zorgen ook met iemand anders uit de omgeving van de boer kunnen delen, zodat die persoon het gesprek kan aangaan. Want of een boer openstaat voor een gesprek, en met wie, is een vertrouwenskwestie.”

Foto Eric Brinkhorst

Melkveehouder Freriks probeert in zijn rol als erfbetreder die vertrouwenspersoon te zijn, ondanks dat ook hij van huis uit geen makkelijke prater is. Terwijl hij aan tafel zit op te warmen van de kou buiten, in de ene hand een stroopwafel en in de andere hand een kopje koffie, denkt hij na over de vraag of hij door de training beter over zijn eigen gevoelens kan praten. „Ik zou zelf zeggen van wel”, besluit hij. „Maar mijn vrouw zou zeggen van niet.”

Praten over zelfdoding kan bij de landelijke hulplijn 113 Zelfmoordpreventie. Telefoon 0800-0113 of www.113.nl