Gedupeerde moeder Karen stapt bij de Belastingdienst binnen en haalt haar gelijk

Belastingkantoor Karen Fikkers werd niet erkend als gedupeerde in de Toeslagenaffaire: geen 30.000 euro, wel schulden. Oog in oog met de ‘manager 30k’ overlegt ze het bewijs. En ze krijgt het geld.

Toeslagenouder Karen Fikkers raakt emotioneel als ze leest dat ze 30.000 euro compensatie ontvangt. Rechts M. Vink, ‘manager 30k’.
Toeslagenouder Karen Fikkers raakt emotioneel als ze leest dat ze 30.000 euro compensatie ontvangt. Rechts M. Vink, ‘manager 30k’. Foto Rein Wieringa

De receptionist van de Belastingdienst schudt haar hoofd. „Nee, jullie komen er niet in”, zegt ze tegen vijf vrouwen en een kind die deze dinsdagochtend naar het kantoor in Utrecht zijn gekomen.

Daar laat Lynn Woodrow, woordvoerder van de groep, het niet bij zitten. Ze wijst naar metgezel Karen Fikkers: „Deze mevrouw is onterecht afgewezen voor compensatie en wacht op een dubbele longtransplantatie. Ze weet niet of ze morgen nog gaat halen.” Bel de belastingtelefoon maar, reageert de receptionist.

Fikkers is een van de gedupeerden van de Toeslagenaffaire, waarbij de Belastingdienst duizenden ouders ten onrechte als fraudeur bestempelde. Net als bijna 38.000 anderen heeft ze zich gemeld voor een eerste compensatie van 30.000 euro. Maar op basis van een ‘lichte toets’ van de Belastingdienst werd ze niet erkend als gedupeerde.

Als Fikkers niet op tijd nieuwe longen krijgt, wil ze wel graag de laatste periode van haar leven schuldenvrij zijn. Daarom zijn de vijf vrouwen naar het belastingkantoor in Utrecht gekomen. Een plan hebben ze niet, maar Woodrow zegt dat ze niet vertrekken voordat ze zwart op wit hebben dat Fikkers een gedupeerde is.

Stennis

Voor Fikkers is de reactie van de receptionist geen verrassing. „Weer een klap in je gezicht. Dit gebeurt dus constant.”

De vijf moeders beginnen te bellen – maar niet met de belastingtelefoon. Joyce van Herp krijgt Tweede Kamerlid Inge van Dijk (CDA) aan de telefoon, die weer contact opneemt met een persoonlijk medewerker van staatssecretaris Alexandra van Huffelen (Financiën, D66).

Binnen een kwartier komt Koeno Meinen, hoofd bedrijfshulpverlening op het Utrechtse kantoor, vragen wat het probleem is. Hij kan wel een vergaderruimte vrijmaken, zegt hij.

Even later doet Fikkers haar verhaal tegenover drie hoge ambtenaren van de Belastingdienst. Vanaf 2010 gingen twee van haar vier kinderen naar de kinderopvang, waarvoor ze een toeslag kreeg van de dienst. Twee jaar later werd die stopgezet. En ze moest meer dan 10.000 euro terugbetalen, die ze ten onrechte zou hebben gekregen.

Tegelijkertijd ging Fikkers’ gezondheid achteruit. Ze moest stoppen met haar werk in de verslavingszorg en psychiatrie en kwam op de wachtlijst voor een dubbele longtransplantatie. Een deel van haar uitkering werd ingehouden, terwijl de schulden zich opstapelden. „Ik heb de deurbel stilgezet uit angst voor deurwaarders.”

„Ik kom hier niet om stennis te schoppen”, zegt Fikkers tegen de ambtenaren. „Ik wil alleen het menselijke verhaal vertellen dat achter het burgerservicenummer zit.”

Procedures

M. Vink gaat als ‘manager 30k’ over de eerste compensatieronde: „Laten we ervoor zorgen dat we deze zaak de komende dagen goed gaan bekijken”, zegt hij.

„Ik heb een kwartier gekeken, en voor mij was het duidelijk”, reageert de aanwezige toeslagenouder Marieke de Jong.

Woodrow: „Ik wil niet brutaal doen, maar u kunt nu uw ding gaan doen en dan kan Karen zo meteen met een brief naar buiten lopen.”

Maar zo makkelijk gaat dat niet, legt Vink uit. Allerlei procedures gaan aan de brief vooraf – hij komt niet zomaar uit de printer rollen.

„Als we kunnen aantonen dat Karen in 2012 kinderopvang heeft genoten, dan zijn we er”, zegt Vink. Er komt een envelop met papieren tevoorschijn, waaronder een verklaring van de kinderopvang. Een van de ambtenaren maakt er een foto van en loopt bellend naar buiten. „Ik ben blij dat we deze stap hebben kunnen zetten”, zegt Vink.

Foto

Een thuiswerkende ambtenaar buigt zich over het dossier van Fikkers – zoals dat normaal gesproken automatisch gebeurt bij iedereen die de 30.000 euro compensatie wil. De dienst toeslagen zoekt dan, op basis van hem bekende gegevens, antwoord op een rijtje vragen, legt Vink uit. Heeft deze persoon kinderen? Zijn die naar de kinderopvang geweest? Is daarvoor toeslag uitgedeeld? Vaak kan niet bij alle vragen een vinkje worden gezet, simpelweg omdat er niet genoeg informatie is.

In de toeslagenaffaire bleek vorig jaar bijvoorbeeld dat allerlei documenten kwijt waren, en 9.000 dossiers zelfs volledig vernietigd. Dat leidde tot verkeerde besluiten. „Als we niet alles konden vinden, hebben we ouders gebeld om te vragen of ze konden meehelpen de goede informatie te vinden”, legt Vink uit. „Bij mij is dat niet gebeurd”, zegt Fikkers. Vink: „Dat is wel de intentie geweest.”

Van veel meer ouders is de aanvraag voor 30.000 euro afgewezen. Grofweg de helft van de 24.000 dossiers die tot nu toe met de ‘lichte toets’ zijn beoordeeld, heeft compensatie gekregen. Hoewel staatssecretaris Van Huffelen vorig jaar mei beloofde „ruimhartig” te kijken, zijn gedupeerden opnieuw in procedures verstrikt geraakt.

Tranen

Het blaadje uit de envelop met bewijsmateriaal blijkt doorslaggevend. De medewerker van de Belastingdienst oordeelt dat Fikkers een gedupeerde is. Vink: „We gaan zorgen dat de brief zo snel mogelijk de deur uit gaat, en dat je de spoedbetaling krijgt.” Maar vandaag al een brief, dat gaat niet lukken. „Je hebt toch wel een printer”, vraagt Woodrow. Dat moet Vink erkennen.

Fikkers barst in tranen uit als ze alsnog de brief in handen krijgt. „Dit is rust”, verzucht ze, en ze bedankt de ambtenaren. „U krijgt nu 30.000 euro van ons”, leest de brief. „Dit bedrag staat zo spoedig mogelijk op uw rekeningnummer.”

Impliciet staat er ook: Fikkers is geen fraudeur. De vorderingen zullen stoppen. „Ik kan wel een gat in het plafond springen”, zegt ze. „Alle spanning, alle vermoeidheid kan er nu uit.”

Bos rozen

Achteraf zegt Vink haar ook zonder het papier te hebben geloofd. Maar dat kan hij niet alle gedupeerden beloven. „Daarvoor zijn er te veel verschillende gevallen.”

En wat als al die duizenden anderen persoonlijk bij zijn dienst aankloppen? „Het liefste zou je met alle ouders spreken, maar het zijn er gewoon te veel.” Vink roept gedupeerden op toch maar in gesprek te blijven met de Belastingdienst via de normale wegen, zoals post en telefoon.

Fikkers kan zich weer richten op haar gezondheid. Wat ze gaat doen als ze geen schulden meer heeft, weet ze nog niet. „Het gaat me vooral om de erkenning. Maar ik ga morgen wel een mooie bos rozen brengen naar de dame van de kinderopvang die mij het goede document heeft gestuurd.”

De voornaam van één betrokkene is op diens verzoek veranderd in een initiaal.