Een enorm schuldgevoel over het vreemdgaan

Over seks Milou van Rossum voegt het woord bij de daad. Deze week: vreemdgaan, deel twee. "Ik was keihard verslaafd, addicted to sex."

Illustratie Merel Corduwener

Vorige week ging het in deze rubriek over het fenomeen overspel, vanuit het perspectief van tevreden vreemdgangers, die hun affaires geheim houden voor hun vaste partner. Geen van hen is van mening dat de partner er schade van ondervond, twee van hen vinden dat de (seks)relatie met die partner er zelfs béter van wordt, bijvoorbeeld omdat een verhouding helpt het huwelijk in stand te houden.

Niet iedereen staat er zo onbezorgd in, getuige de mail van een jonge vader*, die nu anderhalf jaar een geheime relatie heeft met een vrouw die hij via zijn werk heeft leren kennen. Hij begon ermee omdat hij haar een „superleuke” vrouw vond, en vanwege de spanning en het avontuur. De verhouding heeft ervoor gezorgd dat hij zijn seksuele behoeftes beter heeft leren kennen, schreef hij. „Misschien doordat ik binnen mijn affaire meer durf te experimenteren, en we praten over wat we fijn vinden en wat we (thuis) missen.” En: „Drie, vier keer per dag seks, dat meerdere dagen op een rij – ik wist helemaal dat ik dit kan.” Ook is hij thuis veel leuker en energieker geworden. „Het heeft me door een lastige fase heen geholpen; ik weet niet of het gezin anders nog intact was geweest.”

Maar: „Geregeld bedenk ik dat ik eigenlijk aan mijn vaste relatie wil/moet gaan werken en de affaire laten gaan. ’s Nachts word ik wakker met een enorm schuldgevoel: ik ben die achterbakse vent die zijn partner en kinderen bedondert. Iets anders dat hem dwarszit: hij kan niet over zijn geheime leven praten met zijn vrienden, terwijl hij graag zou delen hoe blij hij is, „en zelfs een beetje trots”.

„De afgelopen 25 jaar heb ik veel relaties gehad naast mijn huwelijk, schreef een 56-jarige man*. Naar eigen zeggen was hij „keihard verslaafd, addicted to sex”. „Alles stond in het teken van versieren en seks, van vrouw tot man en alles ertussen, in liegen ben ik een meester geworden.” Waar het vandaan komt, weet de man. Vanaf zijn prille jeugd tot aan zijn puberteit werd hij misbruikt, „de bekende ‘oom’ in een gelovige familie”. „Het dieptepunt was wel het prostitueren in de gayscene van Amsterdam.” De man heeft een goede baan, en drie kinderen, „maar psychiaters, psychologen en seksuologen hebben mijn frustraties nooit op kunnen lossen.” Een jaar geleden kreeg hij prostaatkanker en was het, omdat „het gereedschap niet meer functioneerde”, gedaan met de seks. „Wat een rust kwam er over mij heen. Ja, natuurlijk, ik mis de seks wel. Wat ik niet mis, is de onrust en het voortdurende jagen.”

„P zou zomaar mijn partner kunnen zijn, en ik die lieve life companion”, schreef R* (60), verwijzend naar de inzender die het onderwerp vreemdgaan inbracht („Waarom zou de behoefte aan seks met een ander altijd betekenen dat er iets schort aan je relatie, in plaats van dat je gewoon ook eens intimiteit met een ander wilt beleven?”). „Mijn P was zogenaamd boodschappen doen en koffie drinken bij T, maar in feite aan het seksen met de mij onbekende Z”, zo ontdekte R. Hij en zijn echtgenoot zijn 25 jaar samen, en spraken een jaar of vijf geleden af derden of andere stellen bij hun relatie te betrekken. Aldus geschiedde een aantal keer, maar voor R was het geen groot succes. „Het is gebeurd dat ik iemand niet zag zitten, maar mijn P er verder mee wilde, ondanks mijn nee schudden. Een knallende discussie was het gevolg. Het aardige is dat onze eigen relatie daarna wel is verbeterd, en we samen leukere seks hadden dan vele jaren daarvoor.”

Tot het vreemdgaan met Z, ruim een jaar terug. „Tegen de afspraken in, en er nog over liegen ook.” Toen R erachter kwam, gaf hem dat „gevoelens van teleurstelling, boosheid, jaloezie, angst, verlatenheid en depressie”. „Onze relatie is sindsdien lelijk bekoeld. Ik weet niet of en hoe we nog verder kunnen.”

*Namen op verzoek weggelaten, maar bekend bij de redactie.

Meepraten? Ideeën? Mail naar seks@nrc.nl