Brieven

Taal

‘Groter als’ is geen taalverloedering

Foto ANP

NRC-ombudsman Sjoerd de Jong schreef dat twee NRC-columnisten, Ellen Deckwitz en Tommy Wieringa, nepnieuws hadden verspreid dat in de nieuwe editie van de ANS (Algemene Nederlandse Spraakkunst) ‘groter als’ nu wordt goedgekeurd (Nieuws over taal is altijd goed voor ophef – maar dan moet het wel kloppen, 8/5). Dit was niet het geval, maar overal op sociale media spraken velen hun afschuw uit over deze vermeende goedkeuring van verregaande taalverloedering.

Taalspecialisten hoonden vervolgens de taalpuristen weg die deze canard hadden verspreid. Maar wat ontbrak aan deze kwestie was dat nagenoeg alle spottende taalspecialisten het wel met de taalpuristen eens zijn; ook zij keuren ‘groter als’ af.

De ANS schrijft niet voor, maar beschrijft wat gangbaar is in het Nederlands en velen zeggen ‘groter als’. Taalinstituties als De Nederlandse Taalunie, Het Instituut Voor de Nederlandse Taal en Het Genootschap Onze Taal zwegen in alle talen om de misvatting recht te zetten. Ik vermoed om zo de discussie te ontwijken dat zij eveneens ‘groter als’ afkeuren.

Maar waarom laten deze invloedrijke clubs die wel bepalend zijn voor de taalnormering hun oren hangen naar een kleine taalelite, in plaats van nu goed te keuren wat velen al heel lang zeggen, namelijk ‘groter als’? Daar zou de discussie over moeten gaan en niet over het nepnieuws.

Amsterdam