‘Soms twijfelt de klant: kan een 20-jarige dit wel?’

Toen hij negentien was, begon Jan-Willem de Vries (20) uit Rheezerveen zijn eigen hoveniersbedrijf. „Het liep meteen zo goed dat ik met school in de knel kwam.”

in

‘Ruim een jaar geleden richtte ik mijn eigen hoveniersbedrijf op. De eerste opdrachten vond ik via Werkspot, een website waarop klanten klussen kunnen plaatsen. Ik nam van alles aan: van onderhoud tot aanleg van complete tuinen. Hier in het oosten van het land, maar ook in Amsterdam.

„Het liep meteen goed. Zo goed, dat ik een beetje in de knel kwam met school. Ik volg de studie ‘opzichter/uitvoerder groene ruimte’ in Zwolle, maar merkte dat ik niet goed meer leerde en opdrachten te laat inleverde. Nu probeer ik die balans te herstellen: doordeweeks goed met de studie bezig zijn, werken vooral in het weekend.

„De meeste mensen reageren heel positief als ze zien dat ik zo jong al onderneem. Heel soms zie ik twijfel bij klanten: kan iemand van twintig dit wel? Dan vertel ik dat ik al sinds mijn elfde help bij het hoveniersbedrijf van mijn vader. Dat geeft meestal genoeg vertrouwen.

„Dat wil niet zeggen dat mijn vader me heeft geholpen dit bedrijf op te zetten. Dat heb ik echt alleen gedaan. Het is niet makkelijk om als negentienjarige te beginnen met ondernemen, dus ik ben trots dat het gelukt is. Ik reken geen lager uurtarief vanwege mijn leeftijd. Als de kwaliteit hetzelfde is als bij andere hoveniers, heeft leeftijd niks met loon te maken.

„De laatste tijd probeer ik wat meer klussen in de buurt aan te nemen. Die krijg ik vooral via mond-tot-mondreclame. Klussen via Werkspot probeer ik af te bouwen: je moet daar betalen om op werk te reageren. Die kosten liepen op tot 200 á 300 euro per maand. In de toekomst hoop ik personeel aan te nemen en zelf meer achter de schermen te werken. Hovenier zijn is leuk, maar ook fysiek zwaar werk.”

uit

‘Ik woon bij mijn ouders. Dat maakte het makkelijker mijn onderneming te beginnen. Ik heb geen woonlasten en dus geen stress gehad of ik wel zou rondkomen. Die stress was trouwens ook niet nodig geweest: meteen vanaf het begin waren mijn inkomsten redelijk stabiel.

„Het geld geef ik uit zoals het binnenkomt. Als ik een maand weinig verdien, betaal ik mezelf even niks uit. Maar als er wél geld is, geef ik het ook aardig uit. Ik hou van uit eten gaan, vakanties en mooie kleding. Op het moment heb ik de rem op mijn uitgaven gezet, omdat ik wil sparen. Ik ga volgend jaar samenwonen en wil een andere bedrijfsbus kopen.

„Als er geld overblijft, laat ik dat op mijn zakelijke rekening staan. Uiteindelijk moet ik daar ook mijn pensioen en financiële buffer van opbouwen. Laatst investeerde ik 1.300 euro in cryptomunten, om te proberen of ik op die manier mijn pensioen wil regelen. Ik kwam er toen achter dat je echt alleen moet investeren met geld dat je kunt missen: een week later moest ik de helft alweer opnemen om zakelijke aankopen te kunnen betalen.”