Rente op Nederlandse staatsschuld boven nul

Inflatie Voor het eerst sinds maart 2020 is de rente op staatsleningen positief. De hypotheekrente kan hierdoor gaan meestijgen.

De ECB in Frankfurt wil een drastische stijging van de marktrente voor de komende periode voorkomen.
De ECB in Frankfurt wil een drastische stijging van de marktrente voor de komende periode voorkomen. Foto Kai Pfaffenbach/REUTERS

Voor het eerst sinds ruim een jaar stond er deze week een klein plusje voor. De marktrente op Nederlandse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar kroop woensdag boven de nul. Bijna 0,06 procent bedroeg de Nederlandse tienjaarsrente even, vrijdag schommelde deze rond de 0,03 procent.

Dat zijn, historisch gezien, extreem lage percentages. Maar: de rente staat nu wel positief. Dát is voor het eerst sinds maart 2020, toen beleggers kort in paniek waren over de coronarecessie. Tussen eind 2016 en medio 2019 stond de rente voor het laatst langere tijd boven nul. Als de trend van stijgende obligatierentes doorzet – overal in de westerse wereld lopen rentes nu op – kan dat brede gevolgen gaan hebben in de economie: voor consumenten die sparen en huizen kopen, voor pensioenfondsen en voor de financiering van de staatsschuld. Maar onduidelijk is of de trend doorzet.

In de rentestijging ligt de angst van beleggers voor inflatie besloten. Bij inflatie daalt de waarde van beleggingen – en daarvoor eisen beleggers een hogere risicovergoeding (de rente). De inflatieangst komt vooral uit de VS, waar de ongekende stimuleringsmaatregelen van president Biden tot oververhitting van de economie dreigen te leiden. De inflatie op jaarbasis bedroeg in de VS in april 4,2 procent, zo bleek woensdag. De inflatie kan doorsijpelen naar Europa via producten die verhandeld worden. Daarnaast is de verwachting dat in Europa de economische groei aantrekt nu in veel landen het vaccinatietempo versnelt. Dit zal de inflatie (1,6 procent in de eurozone in april) mogelijk ook aanwakkeren.

Of de trend van oplopende obligatierentes doorzet, hangt sterk af van de centrale banken. Zij hebben de rentes tijdens de coronacrisis gedrukt door massaal obligaties op te kopen, om leenkosten voor burgers, bedrijven en overheden laag te houden.

De voorbije weken stelden de Federal Reserve en de ECB herhaaldelijk dat de leenkosten voorlopig laag moeten blíjven, omdat het economisch herstel nog pril is. Vooral de ECB lijkt vastbesloten om een drastische stijging van de marktrente te voorkomen. De „financieringscondities”, zegt ECB-president Christine Lagarde telkens, moeten „gunstig” blijven. De depositorente die de ECB zelf rekent aan banken staat op minus 0,5 procent, en niets wijst erop op dat dit snel zal veranderen.

De gestegen kapitaalmarktrente is al merkbaar. Van de grote vier Nederlandse pensioenfondsen stijgt de dekkingsgraad, zo blijkt uit kwartaalcijfers. Jarenlang zette de dalende kapitaalmarktrente de positie van de pensioenfondsen onder druk.

Op de hypotheekmarkt lijkt weinig te gebeuren. Hypotheekverstrekkers rekenen de opgelopen rente nog niet door aan klanten, zo noteert financieel dienstverlener Van Bruggen Adviesgroep op zijn website. Zij zijn bang om klanten te verliezen aan concurrenten. Maar: „Als de marktrente door blijft stijgen, is het uiteindelijk onafwendbaar dat geldverstrekkers ook de hypotheekrentes zullen verhogen.”

Spaarrentes blijven een dalende trend vertonen. Rekeninghouders bij de Rabobank betalen vanaf 1 juli negatieve rente over spaartegoeden boven de 100.000 euro, zo maakte de bank eind april bekend. De Rabobank is de laatste grote bank in Nederland die aan particulieren negatieve rente gaat doorberekenen.