Opinie

De Olympische Spelen in Tokio worden geen vrolijk festijn

Sport Olympische Spelen in tijden van Covid-19 brengen culturele belemmeringen waar Japan mee kampt aan het licht. Maar floppen is geen optie, schrijft
De wijk Ginza in Tokio, mei 2021.
De wijk Ginza in Tokio, mei 2021. Foto Philip Fong / AFP

Bij de opening van het nieuwe Olympisch stadion van Tokio zei premier Shinzo Abe in december 2019: „We moeten van de Spelen in Tokio een kans maken om dromen en hoop te delen, een trotse erfenis te creëren, de macht van Japan aan de wereld te laten zien.” De Spelen moesten laten zien dat er in zijn acht jaar durende regeerperiode een modern en zelfbewust Japan was opgestaan. „Met vertrouwen en trots, bouwen we samen een nieuw tijdperk”, zei Abe. Gezondheidsklachten noopten hem in augustus 2020 tot aftreden. De Spelen waren toen al een jaar uitgesteld.

Tweeëneenhalve maand voor het begin van de Spelen wordt pijnlijk duidelijk dat Japan in de regeerperiode van Abe helemaal niet die gehoopte fundamentele verandering heeft ondergaan. Het seksisme van de voorzitter van het Organisatiecomité trok eerder dit jaar wereldwijd aandacht.

Onvermogen

Starre bestuurlijke structuren staan adequaat optreden in de strijd tegen Covid-19 in de weg. Het optreden van de autoriteiten roept vooral herinneringen op aan het onvermogen dat we ons herinneren van de ramp in Fukushima. Geconfronteerd met het ongewone of onverwachte, is de reactie in Japan bijna altijd laat en onvolledig. Japanse organisaties volgen regels, en als die regels niet op een situatie kunnen worden toegepast, is de reactie vaak om de regels te veranderen en vervolgens de situatie aan te pakken. Een vervelend detail is de schade die in de tussentijd is aangericht.

lees ook: Japanse ziekenhuizen dwingen vrouwen tot een eenzame bevalling

Vooropgesteld zij dat het aantal besmettingen in Japan nog relatief beperkt is. Op een bevolking van 126 miljoen mensen vallen 7.000 gevallen per dag nog mee. Toch zag Abes opvolger Yoshihide Suga zich gedwongen voor enkele prefecturen (waaronder Tokio en Osaka) eind april voor de derde keer de noodtoestand af te kondigen. De zorg dreigt te bezwijken door verspreiding van meer besmettelijke virusvarianten. Het uitroepen van de noodtoestand klinkt dramatisch maar geeft de lokale autoriteiten sanctiemogelijkheden bij maatregelen die anders vrijwillig genomen zouden moeten worden. Restaurants moeten vroegtijdig sluiten en kunnen geen alcohol serveren – dat is het zo ongeveer. Een wettelijk kader voor een harde lockdown is er niet.

De bevolking zal uit plichtsbesef de bittere pil moeten slikken

Tijdens de eerste golf in het voorjaar 2020 volgde de bevolking de toen door Abe gevraagde beperkingen nog wel op. Premier Suga heeft echter niet het charisma om de gewenste gedragsveranderingen te bewerkstelligen, zeker niet onder de jeugd. Suga heeft zich ook niet standvastig getoond. Politici bleken zich zelf niet zo nauw aan de regels te houden, en de criteria om de noodtoestand in te stellen zijn weinig transparant.

Oproepen om thuis te werken zijn niet effectief. De behuizing van veel mensen staat dat amper toe, en hoewel het imago van Japan technologisch vooruitstrevend is, heerst er op de werkvloer een aanwezigheidscultuur. Treinmaatschappijen die hun dienstregeling in de regio Tokio hadden teruggeschroefd, zijn door uitpuilende treinen op hun schreden teruggekeerd.

Logistieke knelpunten

Het vaccineren is traag op gang gekomen in Japan. Autoriteiten eisen dat farmaceutische bedrijven eerst lokaal klinische proeven doen, in plaats van data van elders over te nemen. Pas medio februari werd het eerste Covid-vaccin, van Pfizer, goedgekeurd. Maar tientallen miljoenen doses blijven voorlopig liggen vanwege logistieke knelpunten en een gebrek aan mankracht. Toelating van de vaccins van Moderna en AstraZeneca volgt naar verwachting later in mei.

Lees ook: De afmelding van de 118-jarige fakkeldraagster symboliseert de lange, pijnlijke worsteling van Japan met de Spelen

Al vroeg in de pandemie nam Japan maatregelen om inkomend buitenlands toerisme af te remmen. Het land had in 2020 trots veertig miljoen toeristen willen verwelkomen. Het werd een fractie daarvan. De inreisbeperkingen waren een gevolg van het feit dat de overheid over weinig andere instrumenten beschikt om de verspreiding van infecties te voorkomen.

Het zegt echter ook iets over de vrees dat buitenlanders een bron van de infecties zijn. Japanners die uit het buitenland terugkeerden werden aanvankelijk nauwelijks beperkingen opgelegd. Het Go To Travel-subsidieprogramma dat Suga in juli 2020 lanceerde om binnenlands toerisme te bevorderen, getuigde ook niet bepaald van het inzicht dat Japanners zelf het virus konden verspreiden. Eind december werd het opgeschort.

Hoe moet het nu verder met de Olympische Spelen? Premier Suga zegt vastberaden te zijn om de Spelen te realiseren „die over de hele wereld hoop en moed kunnen geven”. De organisatoren hebben een systeem van bubbels uitgedacht om sporters te isoleren, en zullen via aan de reguliere zorg onttrokken personeel waken over de gezondheid van sporters en officials.

Een vrolijk festijn van verbroedering zullen de Spelen zo niet worden. De bevolking zal uit historisch plichtsbesef de bittere pil moeten slikken. Floppen op het wereldtoneel is geen optie. Voor de politieke leiders van Japan is het bovendien onbestaanbaar dat China in 2022 de Winterspelen zou organiseren als het symbool van de overwinning op het Covid-19-virus. De Spelen hadden een nieuw en modern Japan moeten tonen. Wat ze vooral laten zien zijn de structurele en culturele belemmeringen die daarvoor in de weg staan.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.