Opinie

Eindelijk een feestje

Sheila Kamerman

Het Eurovisie Songfestival komt naar Rotterdam. Komende week al. Yes! Ik vind dat leuk. En nog veel leuker vind ik al die mensen die lopen te kankeren op het zangfeest. Want ja, als je jezelf en je cultuuropvatting serieus neemt, dan moet je dat festival wel een sof vinden. Een andere redenering is niet mogelijk.

De artiesten zijn niet top of gewoon nep, het kost de stad te veel en maar een klein deel van de bewoners profiteert.

Maar, hé, het Songfestival is een feestje. Natuurlijk kost het wat. Maar wat is 50 miljoen euro (waarvan Rotterdam 22 miljoen betaalt) als er miljoenen mensen in binnen- en buitenland lol van hebben? Weet je wel wat de Rotterdamse haven ons ieder jaar oplevert? En waaruit bestaat de jaarlijkse Rotterdamse begroting? 3,7 miljard. Nou dan.

Elke artiest die meedoet weet: dit is internationaal shinen voor één keer. En daarna nooit meer. (Uitzonderingen als ABBA daargelaten). Iedereen zet zich in om iets moois te maken. Het is show om de show. De gekste acts komen langs. Een operazanger vermomd als vampier (Roemenië, 2013), zes oma’s in traditionele klederdracht (Rusland, 2012), onze eigen Joan Franka met haar Indianentooi. Je kán jezelf niet te serieus nemen en meedoen. Dát is juist het leuke.

Die gekte landt nu in een stad als Rotterdam. Een multi-culturele havenstad waar we de influx van buitenlandse gasten meer gewend zijn dan waar dan ook. Waar je rustig anders kunt zijn, maar niet anders hóeft te zijn zoals in het wufte Amsterdam.

En juist ook hier is het leuk om het onbekende te ontmoeten. Het Verenigd Koninkrijk en Spanje komen met een liedje. Interessant natuurlijk. Maar bij Azerbeidzjan en Georgië ga je rechtop zitten. Daar hoor en zie je nauwelijks iets van. En nu wel!

Een buurtbewoner van mij zegt: dit festival past niet in Rotterdam. Dit is de stad van jazz, blues, hiphop, niet van pop. Ach, zo ken ik er nog een paar. Rotterdam is ook de stad van Lee Towers. Prima als je je stad probeert te definiëren zoals je haar zelf het liefste hebt. Maar dat hoeft niet te leiden tot afwijzing van iets anders.

En trouwens, iemand moet het doen. We hebben nu eenmaal gewonnen, de vorige keer, dus Nederland organiseert nu. Het is net als de Kerstmaaltijd. Kun je ook eindeloos over bakkeleien. Waar doen we die? Bij oma Truus, bij tante Anja? Nicht Inge? En dan is daar de goedmoedige en ruimhartige oom Dirk: ‘Doe het dan maar bij mij.’ Iedereen opgelucht. Bij oom Dirk wordt het sowieso gezellig.

Het is rot dat het vorig jaar niet door kon gaan vanwege corona. Het is ook rot dat het dit jaar niet heel groots kan en mag door de pandemie. Maar het festival is juist vanwege die pandemie precies wat Nederland nu nodig heeft – een paar avonden van verstrooiing, de overdracht van energie en enthousiasme. Met een groots gebaar gepresenteerd in Rotterdam.

En dan nog iets. In 2019 werd het Songfestival gehouden in Tel Aviv, in 2018 in Lissabon, 2017 in Kiev, 2016 Stockholm. 2015 Wenen, 2014 Kopenhagen. De laatste vijf allemaal hoofdsteden. 2021: Rotterdam. Wat zegt dat, ook internationaal? Dat Rotterdam eigenlijk de hoofdstad van Nederland is. Maar dat wisten we al, natuurlijk.

Sheila Kamerman is NRC-journalist