Hoe verdwenen Kris (21) en Lisanne (22) in de jungle?

Redacteur Margot Poll signaleert welke boeken er ook zijn verschenen en kiest er steeds zes om kort te bespreken. Deze week over schuld en boete op zijn Frans, een Haagse uitvindersfamilie, de mysterieuze verdwijning van Lisanne en Kris en andere boeken.

1. Émile Zola: Thérèse Raquin

Met Thérèse Raquin ‘heb ik me niet in karakters willen verdiepen maar in temperamenten’, schreef Émile Zola (1804-1902) over deze naturalistische roman uit 1867 over het ‘drama van het moderne bestaan’. Madame Raquin pampert haar ziekelijke zoontje Camille tot (ver na) zijn volwassenheid en laat hem dan trouwen met zijn nichtje Thérèse dat zij ook opgevoed heeft. Dat drama van het eentonige moderne bestaan speelt zich af in een achterafsteeg in Parijs. Iedereen lijkt te handelen op de automatische piloot. Op donderdagavond dominospelen boven het fourniturenzaakje van madame is hetzelfde als opstaan om naar je werk te gaan. Het wordt de onverschillige Thérèse als eerste te veel en zij verleidt de decadente nietsnut Laurent, die door haar man als jeugdvriend en collega is binnengehaald in huize Raquin, waar hij zich graag laat verzorgen. Vanaf dan wordt het een hartstochtelijk en verraderlijk spel vol leugens en schaamteloosheid tegenover het dagelijkse werk en het ‘doodse schouwspel’ op de donderdagavond. Deze magnifieke roman over schuld en boete, over moord en de guillotine, maakte deel uit van Zola’s levenswerk de romancyclus Les Rougon-Macquart, over het Franse leven in het midden van de negentiende eeuw.

Émile Zola: Thérèse Raquin. (Thérèse Raquin). Vert. Jelle Noorman, L.J. Veen Klassiek, 256 blz. € 17,50

2. Luc Verhuyck: De Grand Tour in Italië

De Vlaamse schrijver Luc Verhuyck organiseerde 23 jaar lang de Italiëreizen voor de middelbare school in Boechout waar hij als leraar Nederlands en Duits aan verbonden was. Al eerder schreef hij geweldige ‘anekdotische reisgidsen’ over Rome, Florence, Napels en Venetië. Nu is er het ultieme De Grand Tour in Italië waarin Verhuyck, zo schrijft hij, ons het aanbod doet de Italiëreis (of Romereis) te beleven voor wie hem nog zou willen maken of te herbeleven voor wie de reis met school maakte. Naast de grote steden reizen ‘we’ ook langs plaatsen als Assisi, Ravenna, Siena, Orvieto en Verona – plaatsen die het meest voorkomen op de gemiddelde Italiëreis. Maar de nadruk blijft liggen op Rome en Florence. Verhuyck vertelt algemene wetenswaardigheden en oneindig veel kleine details, soms zelfs twee keer, zoals de anekdote over Michelangelo die met zijn handen op de rug een gezicht uithakte in het Palazzo Vecchio in Florence. Ook wanneer Italië de komende tijd misschien niet heel toegankelijk is, is dit het boek om je in het mooie land te wanen. Hotels, restaurants of café’s vermeldt Verhuyck met opzet niet, omdat, zo vertelde hij bij zijn presentatie van Venezia aan de Vlaamse acteur en presentator Ianca Fleerackers, die dingen te ‘volatiel’ zijn. Dus dat je in Rome de lekkerste koffie drinkt op het Piazza Sant’Eustachio moet je zelf ervaren of uit de Romereisgids van je dochter halen.

Luc Verhuyck: De Grand Tour in Italië. Onderweg in het mooiste land van Europa. Pelckmans, 396 blz. € 24,50

3. Marja West en Jürgen Snoeren: Verloren in de jungle

Iedereen herinnert zich het nieuws dat de Nederlandse meisjes Kris Kremers (21) en Lisanne Froon (22) in 2014 niet terugkeerden van een wandeling in de jungle van Panama. Wekenlange zoekacties door zowel de Panamese politie als de Nederlandse en door familieleden zelf, gaven geen uitsluitsel over hun verdwijning. Een rugzak werd gevonden, hun camera en, helaas, ook lichaamsdelen. Er werd gesproken van een ongeluk. In het imponerende Verloren in de jungle leggen de schrijvers Marja West en Jürgen Snoeren zoveel mogelijk bevindingen, interviews en nieuw onderzoeksmateriaal naast elkaar. Tevens spraken ze met Betzaïda Pittí Cerrud, de oud-officier van justitie in Panama die in 2014 de zaak leidde en later om onduidelijke redenen van het onderzoek werd gehaald. Ze kregen toegang tot niet eerder openbaar gemaakte documenten, bestudeerden internetfora en spraken een groot aantal deskundigen in binnen- en buitenland. Al staan er in hun relaas ook nog steeds veel veronderstellingen (‘Het is niet onwaarschijnlijk’), ze ontkrachten pseudofeiten en filteren veel onwaarheden weg door ze met feiten te weerleggen. West en Snoeren komen na hun vergelijkend onderzoek voorzichtig tot de conclusie dat het ‘het meest waarschijnlijk lijkt dat Kris en Lisanne zijn verdwaald, daarna vast zijn komen te zitten in de jungle op een plek die we kennen als de nachtlocatie en vervolgens daar zijn overleden’. Dat daarbij ook de ‘gemoedstoestand van de jonge vrouwen op die dag’ bijdraagt aan de onderbouwing van ‘een tragisch ongeval’, is voor de lezer al moeilijk voor te stellen, laat staan voor de ouders die niet aan het boek hebben meegewerkt, maar het wel vooraf mochten inzien en van commentaar voorzien.

Marja West en Jürgen Snoeren: Verloren in de jungle. De mysterieuze verdwijning van twee Nederlandse meisjes in Panama. Spectrum, 364 blz. € 21,99

4. Karel Davids: De Eckhardts

Waarom kennen we de Eckhardts niet? Deze familie deed belangrijke uitvindingen, waarvan de bekendste wellicht het ‘hellende scheprad’ (1771) was van waterbouwkundige Antoine Eckhardt. Schepen konden in volle zee door middel van het rad langer stormen weerstaan. Maar ook het eerste ontwerp van de ‘onderaardschen doorgang onder de Theems’, het zuinige gasfornuis (1799), een werktuig voor lijntjespapier (1751) en een ingenieuze opklapbare en draagbare stoel en tafel (1771) kwamen uit het brein van deze familie die bij elkaar meer dan 35 uitvindingen deed. Emeritus hoogleraar economische en sociale geschiedenis Karel Davids schreef met De Eckhardts een aanstekelijk en verbazingwekkend boek over deze familie waarvan de broers Antoine George en Frans Frederik de meeste uitvindingen op hun naam hebben staan. Het is een boek om in één keer uit te lezen en dan weer terug te keren naar die lijst van uitvindingen en je te verbazen over zoveel industrieel vernuft. Naast de totstandkoming van de uitvindingen besteedt Davids ook aandacht aan de eeuwige zoektocht naar geld, hun duurzame relatie met de Oranjes, het huis aan de Prinsegracht in Den Haag, hun verblijf in Engeland en het lidmaatschap van de vrijmetselarij. Davids besluit met het voorstel ergens een gedenkteken op te richten voor deze familie of een bestaand object naar hen te vernoemen. Zijn voorstel: de Haagse tramtunnel te ontdoen van het nietszeggende Het Souterain en om te dopen tot de Eckhardttunnel.

Karel Davids: De Eckhardts. Een uitvindersfamilie in Nederland en Engeland 1670-1830. Boom, 254 blz. € 24,50

5. Caroline Reeders: U mag even plaatsnemen

Neerlandica en directeur van boekhandel Athenaeum Caroline Reeders verwoordt in het laatste hoofdstuk van U mag even plaatsnemen over haar leven na de diagnose borstkanker, een gevoel dat veel vrouwen in die situatie zullen herkennen: je schakelt tussen twee werelden. In de ‘gewone wereld’, zoals Reeders hem noemt, overheerst het doen alsof er niets aan de hand is en leef je ´welbewust in de illusie van controle’ en in de eigen ‘parallelle wereld’ staat een vrouw met borstkanker die leeft voor haar gezondheid. Er bestaan al vele boeken over leven met of na kanker – zo ervaart Reeders – en ze heeft daar nu een eigen genre aan toegevoegd. In korte hoofdstukken – het zijn geen aantekeningen maar afgemeten stukken hoogstaand proza – schets ze de beleving in die twee werelden van haarzelf en die van haar directe omgeving. Geen lange betogen over de ziekte zelf, maar steeds korte rake speldenprikken. Ze laat de behandeling ‘étappe par étappe’ (vindt ze veelzeggender dan stap voor stap) over zich heenkomen en zodra aan de drie houvast-woorden logisch, consistent en zorgvuldig is voldaan, kan ze angst omzetten in vertrouwen. Wat dat betreft toch een beetje een hulpboek, maar dan wel enig in zijn soort met deze gedachten waarin steeds zo’n sterke sleutelzin in opduikt: het klopt, ziekte is eenzaam, maar ik ervaar dat niet als akelig’ ‘Ik moet onder ogen zien dat ik ziek ben’ of ‘wat ik eerst zag als nodeloos herhaalde uitleg classificeer ik nu als consistentie’. Ook heel persoonlijke zinnen als ‘Je moeder hebben als je borstkanker krijgt is heel fijn’ of de fluisterende woorden ‘Goed gedaan hoor mam’ geven beide loepzuiver de belevingswereld van een kind weer.

Caroline Reeders: U mag even plaatsnemen. Nijgh & Van Ditmar, 174 blz. € 17,50

6. Trix Broekmans: Een leven op zijn kop

Kort nadat journalist Peter d’Hamecourt (74), oud NOS-correspondent in Moskou en schrijver van boeken over Rusland en de Russen, zich had teruggetrokken op het Franse platteland, kreeg hij in 2018 een herseninfarct. Ook daarover zijn al vele boeken geschreven, maar Trix Broekmans koos in Een leven op zijn kop voor een bijzondere opzet door het verhaal van het terugvinden van zijn leven – na linkszijdig geheel verlamd te zijn – vanuit verschillende personen te vertellen: vanuit Peter zelf, vanuit zijn vrouw Zoya (‘Wees zo sterk als Napoleon en je wordt gekroond’), de arts voor het ‘schokeffect’ (‘Ik zie het niet gebeuren, dat je gaat lopen’), de therapeut, vrienden en Broekmans zelf (‘Hoe lang kan een mens zich goedhouden na het zien van een vriend die er zó vreselijk aan toe is?). „We wilden een zo realistisch mogelijk beeld geven van wat het betekent als je teruggaat naar nul. „Veel mensen beseffen dat niet”, zei d’Hamecourt op de Europese Dag van de Beroerte (11 mei) in een dubbelinterview met Broekmans in het AD. Dat is hen in dit boek heel goed gelukt.

Trix Broekmans: Een leven op zijn kop. Hersenletsel.nl, 176 blz. € 19,95 (excl. Verz. € 4,20) via hersenletsel.nl