Shevan van der Lugt: „Als iemand de verkeerde knoppen indrukt, gaat mijn hoofd op zwart.”

Foto Roger Cremers

Interview

Belaagde Shevan: ‘De conducteur zei dat ik geen keppeltje had moeten dragen’

Shevan van der Lugt In Syrië werd hij gemarteld. In Nederland voelt hij zich ook niet altijd veilig. Recent werd hij in de trein belaagd, uitgescholden en gefilmd door een Ajax-fan. „Wij hebben heel onhandig gereageerd”, erkennen de NS.

Op zondag 2 mei zit Shevan van der Lugt in de trein als op station Bijlmer Arena een jongen in Ajax-shirt de trein in stapt. Op de parkeerplaats van het nabijgelegen voetbalstadion heeft Ajax net het kampioenschap gevierd. De jongen zingt voetballiederen als hij Shevan in het vizier krijgt. Shevan is een Nederlander met een Syrische achtergrond. Hij is tenger gebouwd, klein van stuk en draagt een keppeltje op zijn hoofd. Hij komt net terug uit Amsterdam, waar hij met andere joden struikelstenen heeft gepoetst ter nagedachtenis aan de Holocaust.

Al snel wordt Shevan het doelwit van de Ajax-supporter. „Hij begon ‘kankerjood’ en allerlei andere antisemitische verwensingen te roepen”, zegt Shevan enkele dagen later in zijn woning in Utrecht. Shevan heeft dan al nachten slecht geslapen en is net naar de dokter geweest. „Die jongen werd steeds agressiever en begon op de deur van het toilet te rammen. Een meter bij mij vandaan op het tussenstuk van de trein, waar ik met mijn vouwfiets zat.” Shevan heeft het gevoel dat hij zichzelf in veiligheid moet brengen en begint door de trein te lopen, maar de jongen in het Ajax-shirt achtervolgt hem en begint Shevan zelfs te filmen. Onderwijl liederen zingend over ‘Hamas’ en ‘joden aan het gas’.

Opmerkelijk genoeg zijn dat teksten die supporters van andere clubs soms richting Ajax-aanhangers schreeuwen. Sommige Ajacieden noemen zichzelf ‘jood’ en beschouwen dat als een geuzennaam. Voor Shevan is deze context onbekend. Hij vertelt in Syrië als lid van de oppositie gemarteld te zijn in een gevangenis van dictator Assad. In stressvolle situaties raakt hij al snel in paniek. „Als iemand de verkeerde knoppen indrukt, gaat mijn hoofd op zwart.” Shevan barst in huilen uit en wordt uiteindelijk in bescherming genomen door twee vrouwelijke medepassagiers die de Ajax-supporter op afstand houden. Shevan is kwetsbaar vanwege de trauma’s uit Syrië, maar ook strijdbaar, activistisch en niet bang om zijn rechten op te eisen. Op station Woerden, er was een omleiding, beklaagt hij zich bij de conducteur. „Die zei dat het ‘niet helemaal slim’ is met een keppeltje op in de trein te gaan zitten”, aldus Shevan.

Via een vriend van hem belandt het voorval op Facebook, waarna joodse organisaties verontwaardigd reageren. Misstanden bij de NS kunnen binnen de joodse gemeenschap een gevoelige snaar raken. De spoorwegen vervoerden in de Tweede Wereldoorlog op grote schaal joden naar de concentratiekampen van de nazi’s. De excuses hiervoor kwamen in 2005. Veertien jaar daarna werd besloten tot schadevergoedingen aan de nabestaanden. ‘Weten NS-medewerkers eigenlijk waarom sommige joden een keppeltje dragen en sommige moslima’s een hoofddoek? Wordt hen bijgebracht wat de onfrisse rol van de NS in de Tweede Wereldoorlog was en wat je daar nu nog van kan leren’, schrijft het Centraal Joods Overleg in een open brief naar aanleiding van het treinincident van Shevan.

Hijzelf belt met het NS-callcenter om te kijken of ze de dader via videobeelden kunnen identificeren. Daar wordt Shevan naar zijn zeggen weer niet serieus genomen. „Ze begonnen over de privacy van die jongen. Ik dacht dat ik gek werd. Hij heeft mij juist gefilmd terwijl ik zo in paniek was. Wie weet wat voor beelden er van mij rond gaan”, zegt Shevan, nog altijd hevig ontdaan. Het Centraal Joods Overleg roept de NS in de brief op medewerkers te scholen tegen antisemitisme.

Marathonloper

Begin deze week laten de spoorwegen aan NRC weten dat de videobeelden intussen wel zijn bekeken. Ze bevestigen het verhaal van Shevan. Of de conducteur hem ook heeft afgeraden een keppeltje te dragen, zegt de woordvoerder niet te kunnen achterhalen. Wel dat Shevan door de klantenservice slecht is behandeld. „Wij hebben heel onhandig gereageerd”, erkent de woordvoerder. Vanaf het moment dat Shevan aangifte heeft gedaan is het volgens hem betrekkelijk eenvoudig om de dader op te sporen. Shevan heeft al contact met de politie.

Hij zegt Nederland „eeuwig dankbaar” te zijn dat hij vanuit Libanon – na een uitgebreide controle van zijn vluchtelingenverhaal – via vluchtelingenorganisatie UNHCR is uitgenodigd om zich in Nederland te vestigen. „Ik ben bereid te sterven voor dit land.” Zijn woning in Utrecht is versierd met oranje parafernalia. Koning Willem-Alexander en prinses Máxima prijken op de koelkastdeur. Maar Shevan heeft Nederland ook anders leren kennen dan het land dat André van Duin schetste in zijn 4 mei-toespraak op de Dam. Van Duin sprak van een land waar iedereen ‘zichzelf mag zijn, zonder dat iemand anders daar wat van zegt’.

Voor Shevan was het antisemitisme in de trein zeker niet de eerste vernedering die hij in Nederland moest ondergaan. Hij is een fanatieke marathonloper. Vanwege corona organiseerde hij vorig voorjaar zijn eigen marathon tussen Utrecht en Amsterdam. Op de terugweg rende hij ’s avonds door de Utrechtse wijk Kanaleneiland. Op een voetpad kwam er een jongen op een scooter naast hem rijden die hem duwde en ‘ga weg homo’ riep. „Misschien waren het mijn regenboogsokken”, zegt Shevan. Om hem met gelijke munt terug te betalen riep Shevan ‘ga weg Marokkaan’. Daarop stopte de scooter. „Ik dacht dat hij stopte om sorry te zeggen.” Dat was niet het geval. De jongen begon Shevan te schoppen en bespuugde hem toen hij op de grond lag. Het bracht Shevan terug naar de gevangenis in Syrië. „Daar werd er over me heen geplast.”

Hij toont zijn aangifte van het geweld. Een dader is nooit gevonden. De politie zou hem wel hebben gezegd dat hij zich aan racisme had bezondigd door de jongen ‘Marokkaan’ te noemen. Shevan: „Ik ben ook maar een mens. Ik zei dat in een opwelling. Moet ik me dan maar aan laten rijden en dankjewel zeggen?”

Raam ingegooid

Shevan wordt vaker geconfronteerd met polarisatie in de Nederlandse samenleving. In 2017 rende hij met een Koerdische vlag mee tijdens de Singelloop in Utrecht. Zijn ex met wie hij in 2013 naar Nederland vluchtte is van Koerdische afkomst. „Onderweg kreeg ik verwensingen van Turkse Nederlanders naar mijn hoofd. De volgende avond stonden er jongens met messen voor mijn raam. Ze waren me kennelijk gevolgd.” Zijn raam wordt ingegooid, waarna hij zich elders in het appartementencomplex in veiligheid brengt. Hij toont foto’s van zichzelf tijdens de Singelloop en het ingegooide raam. Ook toen deed Shevan aangifte. Hem zou geadviseerd zijn te verhuizen.

„Als ik eerlijk ben, verlies ik soms het vertrouwen in Nederland. Niet vanwege die incidenten, maar wanneer er geen gerechtigheid volgt. Het is blame the victim, telkens weer”, zegt Shevan. Toch heeft één Nederlander in het bijzonder veel voor hem betekend. Het is de man wiens achternaam hij tegenwoordig draagt. De Nederlandse pater Frans van der Lugt. Shevan leerde hem in Syrië kennen via een vriend die vermoedens had over Shevans homoseksuele geaardheid. Een absoluut taboe in Syrië, waardoor Shevan zichzelf niet kon accepteren. „Hij zei dat deze Nederlandse pater in Homs een oplossing zou hebben voor mijn ‘probleem’. Ik ben vanuit Aleppo bij hem op bezoek gegaan en dat klopte. ‘Het medicijn zit in je hart. Jezus houdt van je zoals je bent’, zei Frans.” De twee bleven vrienden tot Shevan Syrië ontvluchtte. Frans van der Lugt werd op 7 april 2014 in Homs vermoord. Door wie is nooit opgehelderd.

Lees ook:Dit opiniestuk: Dit land is in de basis nog altijd homofoob

In Nederland is Shevan lid van een liberale synagoge, hij treedt op als motivational speaker voor Amnesty en hij zet zich in voor de Anne Frank Stichting. Als activist ontmoette hij tal van politici. Hij staat op de foto met demissionair premier Mark Rutte, toenmalig Utrechts burgemeester Jan van Zanen en de partijleiders van D66, GroenLinks en de PvdA. Shevan schrijft een boek over zijn levensverhaal en zegt te blijven strijden voor een beter Nederland. „Mijn droom is uiteindelijk aan de Prinsengracht in Amsterdam te wonen. Met het Anne Frank Huis, het homomonument en Amnesty International allemaal op loopafstand.”