Fotograaf en journalisten aangevallen door aanhangers De Graafschap

Persvrijheid Ongeveer tweehonderd aanhangers van de voetbalclub waren bijeengekomen bij het stadion in Doetinchem om de spelers een hart onder de riem te steken, nadat de club promotie naar de Eredivisie nog niet zeker wist te stellen.
Supporters van De Graafschap bij het stadion op vrijdagavond.
Supporters van De Graafschap bij het stadion op vrijdagavond. Foto Roland Heitink/ANP

Supporters van voetbalclub De Graafschap hebben in de nacht van vrijdag op zaterdag bij het stadion van de club in Doetinchem een persfotograaf mishandeld en journalisten van Omroep Gelderland belaagd. Dat meldt Omroep Gelderland.

Een collega van de belaagde fotograaf laat aan persbureau ANP weten dat deze door vijf mensen werd besprongen en geslagen. De man zou daarbij gewond zijn geraakt aan zijn hand. De fotograaf zegt aangifte te gaan doen. De politie laat weten nog geen aangiftes opgenomen te hebben, ook zijn er nog geen aanhoudingen verricht. Met behulp van videobeelden en gesprekken met aanwezige stewards zegt de politie de zaak te gaan onderzoeken.

De Graafschap speelde vrijdagavond met 1-1 gelijk tegen Jong Ajax en is daardoor nog niet zeker van promotie naar de Eredivisie. Ongeveer tweehonderd aanhangers van de club kwamen daarop naar het stadion in Doetinchem om de spelers bij terugkeer uit Amsterdam een hart onder de riem te steken. Verslaggevers van Omroep Gelderland waren hierbij aanwezig en werden volgens de zender op een gegeven moment aangevallen door de De Graafschap-aanhang. De verslaggevers zijn vervolgens weggegaan. Bij het stadion was veel politie aanwezig, maar er werd niet ingegrepen.

Hans Martijn Ostendorp, algemeen directeur van De Graafschap laat aan persbureau ANP weten dat hij nog geen goed beeld heeft van wat er in de nacht van vrijdag op zaterdag precies bij het stadion is gebeurd. „Maar dit past niet bij De Graafschap. Je blijft van elkaar af. Geweld tegen journalisten keuren wij absoluut af. Ze moeten de ruimte krijgen hun werk te doen.”