Museum Boijmans koopt boek vol rare monsters en gedrochten

16de-eeuwse houtsneden Museum Boijmans Van Beuningen heeft het prentenboek Les Songes drolatiques de Pantagruel gekocht. Het museum is nu 120 gedrochten rijker.

Plaatje uit ‘Les Songes drolatiques de Pantagruel’ (Collectie Boijmans)
Plaatje uit ‘Les Songes drolatiques de Pantagruel’ (Collectie Boijmans) Foto Studio Tromp

Ze hebben veel weg van gebochelde gedrochten die wegwandelen uit een middeleeuws Alice in Wonderland: de wezens uit Les Songes drolatiques de Pantagruel (‘De grappige dromen van Pantagruel’ uit 1565). Museum Boijmans Van Beuningen verwierf een 16de-eeuws prentenboekje waarin 120 houtsneden van droomwezens staan. Volgens Boijmans past het werk goed bij de uitgebreide collectie surreële en fantastische kunst van het museum.

De aanschaf gebeurde met steun van de Vereniging Rembrandt (49.500 euro) en Stichting Lucas van Leyden. Wat het geheel heeft gekost, wordt niet bekendgemaakt.

De Franse monnik en humanist François Rabelais (1493–1553) debuteerde in 1532 met Pantagruel. Dit werd een dermate succes dat er nog delen volgden over de twee overdadige reuzen Gargantua en Pantagruel. Hoe we de verhalen moeten lezen, blijkt al meteen uit de beginzin van het gelijknamige boek: „Als ’t u eens lekker lachen doet in stee/ Van al die nare zorgen, dat chagrijn./ Liever een lach dan steeds ach en steeds wee,/ Want lachen blijkt mensen eigen te zijn.” De verhalen erin zijn inderdaad geestig, vol origineel gescheld („monnikje Kaalkont”) en flink wat poep en pies, dat het ook toen goed deed.

In 1565 kwam de Franse boekhandelaar Richard Breton twaalf jaar na de dood van Rabelais met Les Songes drolatiques de Pantagruel, waarin ruim 100 houtsneden staan met absurde wezens. Breton beweerde dat Rabelais ze had gemaakt, maar dat was een commercieel leugentje. Ze zijn toegeschreven aan ontwerper en prentuitgever François Desprez, maar of dat klopt, is niet bekend.

De afbeeldingen zijn vriendelijke varianten op de gedrochten. Ze doen denken aan de hybride monstertjes van Jheronimus Bosch en Pieter Bruegel. Sommige motieven zijn zelfs rechtstreeks ontleend aan Bruegel. Surrealist Salvador Dalí was een groot liefhebber van Rabelais’ verhalen en de gravures. Hij maakte in 1973 naar aanleiding van de gravures in Les Songes drolatiques de Pantagruel 25 litho’s.

Les Songes drolatiques de Pantagruel zijn te zien op boijmans.nl en dit najaar ook in Depot Boijmans Van Beuningen