Opinie

Kan het nieuwe G7-verbond Moskou en Beijing temmen?

In Londen zag hoe een nieuwe mondiale alliantie zich aftekent die het opneemt tegen Rusland en China. Wat kan zo’n club?

Michel Kerres

Het was voor het eerst in maanden dat de ministers van Buitenlandse Zaken van de grote industrielanden elkaar weer eens ontmoetten toen ze deze week in Londen waren voor een G7-top.

Het zwaartepunt van de G7 ligt van oudsher in het Westen, met Japan als buitenpost. Het VK nodigde deze keer ook India, Australië, Zuid-Korea, Zuid-Afrika en de ASEAN uit voor het diner. Zo ontstond een brede alliantie die zegt op te komen voor mensenrechten en democratie.

Het idee van een mondiaal democratisch verbond tegen autocraten kreeg vaart met de verkiezing van Joe Biden. De Amerikaanse regering ziet een „democratische recessie” in de wereld en wil daar iets tegenover stellen – al erkende minister van Buitenlandse Zaken Blinken in Londen dat ook de VS wel wat moeilijkheden kennen op dat vlak.

Slotverklaringen van de G7 zijn doorgaans gaapverwekkend, maar deze keer had het communiqué zowaar wat pit (één pepertje) en leest het als een blauwdruk voor Bidens democratische verbond. De landen vonden elkaar onder andere in waarschuwingen aan Moskou en Beijing dat ze zich moeten houden aan internationale rechtsnormen. Ze herhalen eerdere veroordelingen van mensenrechtenschendingen. Ze bepleiten een rol voor Taiwan in de WHO, hetgeen China blokkeert. Ze waarschuwen ook dat de Straat van Taiwan open moet blijven voor internationale scheepvaart en tekenen protest aan tegen [Chinese] acties in de Zuid- Chinese Zee.

Een blauwdruk voor een nieuw verbond is één, maar kan die club Moskou en Beijing ook écht op andere gedachten brengen? De ervaringen met het temmen van autocraten zijn niet bemoedigend.

China en Rusland werden dit voorjaar al in gecoördineerde westerse acties aangepakt voor schending van mensenrechten. Diplomaten werden over en weer op het vliegtuig gezet. De strijd tegen de democratische recessie leidde tot uitzet-inflatie, maar niet tot ander gedrag. Wie meer druk wil uitoefenen zet hoge functionarissen op een zwarte lijst. Ook daarmee onderstreep je een norm, maar de pijndrempel voor gedragsverandering ligt een stuk hoger.

Economische sancties, dan? Over de vraag hoe zinvol sancties zijn bestaat een levendig debat. Onderzoekers van de Atlantic Council concludeerden deze week dat het effect van sancties wordt onderschat. De sancties die het Westen sinds 2014 heeft opgelegd aan Rusland zouden het bnp jaarlijks met 2,5 tot 3 procent verlagen. Sancties kunnen dus wel degelijk pijn doen, maar Rusland zit toch nog steeds op de Krim.

Het is een illusie te denken dat Rusland en China met sancties snel tot ander gedrag gedwongen kunnen worden. China reageerde bijvoorbeeld op tech-sancties door te proberen in razend tempo een chipindustrie op te bouwen. In een fascinerende feature beschreef Nikkei Asia hoe China in een nationale krachtsinspanning élk onderdeeltje, elke grondstof, elke technologie uit de hele productieketen voor chips in eigen beheer wil krijgen. Wie autarkisch is, is niet kwetsbaar en maalt niet meer om sancties .

Kun je dan niets doen om autocraten te temmen? Toch wel. Je kunt, opperde Philip Stephens in de FT, hun invloed op andere landen indammen door die in je eigen kamp trekken. Hoe? Het nieuwe democratische verbond moet aantonen dat het iets kan betekenen voor de rest van de wereld, bijvoorbeeld door snel Covid-vaccins ter beschikking te stellen.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeets schrijven hier afwisselend over de kantelende wereldorde.