Recensie

Recensie Beeldende kunst

De impact van de ‘Slachter van Banda’ is nog voelbaar

Tentoonstelling Zaterdag is het precies vier eeuwen geleden dat op de Banda-eilanden J.P. Coens genocide plaatsvond. Het Westfries Museum heeft online een tentoonstelling ingericht over Banda.

Een 19de-eeuwse ansichtkaart uit Banda.
Een 19de-eeuwse ansichtkaart uit Banda. Beeld Westfries Museum

Zo’n 15.000 mensen woonden er op de Banda-eilanden voordat Jan Pieterszoon Coen daar op 8 mei 1621 vanuit Jakarta aankwam. Toen hij en zijn VOC-soldaten weer vertrokken, waren er nog geen duizend mensen over. Het verhaal van Coen, alias de ‘Slachter van Banda’, die omwille van de nootmuskaat en foelie de bevolking uitroeide, is grotendeels bekend en onderdeel van de canon van de Gouden Eeuw. Zaterdag is het precies vier eeuwen geleden dat op de Banda-eilanden de genocide plaatsvond, en dat is reden voor het Westfries Museum en voor het Scheepvaartmuseum om (online) tentoonstellingen in te richten over Banda.

Zowel in Hoorn als in Amsterdam is 1621 het uitgangspunt, het jaar waarop alles veranderde. De bevolking was vermoord of verplaatst, en er waren slaafgemaakten, bannelingen en VOC-uitschot voor in de plaats gekomen om de nootmuskaat te oogsten. Het tragische nootje, dat de aanleiding was voor de kolonisatie en slavernij, krijgt in de tentoonstelling van het Westfries Museum dan ook een apart gedeelte in de tentoonstelling Pala – Nutmeg tales of Banda.

Nootmuskaat. Beeld uit de expositie Pala - Nutmeg tales of Banda.

Beeld Westfries Museum

Het verhaal dat verteld wordt vanuit het perspectief van het nootje zelf, is interessant en mooi in beeld gebracht. Hetzelfde geldt eigenlijk voor alle ‘zalen’ (Banda, De noot, Connecties, 1621, Exploitatie en Echo). De achtergrondinformatie is rijk, historische beelden worden afgewisseld met filmpjes.

Het draait grotendeels om de geschiedenis in de tentoonstelling van het Westfries Museum, maar het best is het deel waarin het gaat om de doorwerking van de gebeurtenissen van 1621 en het niet-Nederlandse perspectief. Banda werd de eerste op slavernij gebaseerde kolonie onder Nederlands bestuur, de impact van nootmuskaat op zowel de ecologie als economie, de nieuwe samenstelling van de bevolking en de alomtegenwoordige aanwezigheid van erfgoed, is nog steeds zichtbaar en voelbaar.

Lees ook: De laatste perkenier op de Banda-eilanden

Spookdorpen

Dat komt eigenlijk allemaal samen in een film uit 1988 van Des Alwi, die even fascinerend als traag is. Des Alwi is een van de nazaten van de ‘Orang Kaya’, de Bandese dorpshoofden waarvan er 44 door Coens VOC werden onthoofd en voor de zekerheid ook gevierendeeld. Hij filmde in 1988 het dagelijks leven, het bezoek van buitenstaanders aan Banda en de vulkaanuitbarsting van de Gunung Api. De vulkaan die enerzijds vruchtbare grond bood aan de nootmuskaatbomen, maar die door zijn uitbarstingen ook had geleid tot het vertrek van de Europeanen in de 19de eeuw, zorgde in 1988 er opnieuw voor dat er hele spookdorpen ontstonden. Minutenlang zie je stoom, lava en geëvacueerde mensen in beeld. Alleen wat kippen en een enkele geit blijven achter in de straten vol VOC-restanten.

De (vuurspuwende) Gunung Api is net als de nootmuskaat een rode draad door de tragische geschiedenis van de Banda-eilanden, en niet voor niets door de meeste cartografen, tekenaars en fotografen die op de eilanden terechtkwamen vastgelegd. Zo ook documentair fotograaf Isabelle Boon, die vanaf 2016 op Banda zes jongeren volgde om vast te leggen wat het betekent om op te groeien op zo’n plek. In het Scheepvaartmuseum begint haar tentoonstelling I Love Banda met de Gunung Api.

Lees ook: Een bloedstollend boek over de moordpartij van Jan Pieterszoon Coen

Ze fotografeerde kinderen die spelen in Fort Revenge of twee meisjes die samen wandelen door Poort Weltevreden. Ze zoomde in op zes jongeren tussen de 16 en 23 jaar. Een van hen is Ode, een geschiedenisstudent die in Fort Nassau les krijgt over Coen en dat zelf een plek mag zien te geven in zijn ontwikkeling. Boons beeldverhalen zijn intiem, maar doen je ook afvragen hoe lang de inmiddels afgezonderde cultuur van Banda nog afgezonderd blijft.