Opinie

Het concept gevangenis komt op losse schroeven, als het virus blijft

De Rechtsstaat

Wat deed de pandemie eigenlijk met het gevangeniswezen? De rechtsstaat sluit jaarlijks zo’n 30.000 personen op, voor wier welzijn het volledig verantwoordelijk is. Ook als er een virus rondgaat. Die gedetineerden zagen nu op tv dat de buitenwereld ook moest ‘zitten’. De ironie lag voor het oprapen – ‘wij blijven binnen, jij toch ook?’ aldus een spandoek aan een gevangenishek. Maar veel te lachen was er binnen niet, begrijp ik.

Als virusuitbraken een risico blijven, waar het de komende jaren naar uitziet, dan komt er veel op losse schroeven te staan. De detentieduur, de onderlinge omgang, de gebouwen, transport, interne veiligheid, het contact met buiten, de kosten. Maar ook de strafzwaarte. Afstand houden vraagt ruimte, die er vaak niet is. En discipline, die er nog veel minder is. Gedetineerden trekken zich van coronaregels maar weinig aan. Ook niet tegenover het personeel. Gevangenissen vormen dwanggemeenschappen, waar vertrouwen schaars is en sancties frequent.

Bovenop de gedragsstoornissen, de psychische problematiek, de verstandelijke beperkingen en detentiestress komt nu ook virusvrees – voor zichzelf, maar ook van en voor thuis. Dat vraagt om creativiteit, improviseren en veel meer communicatie. Ook gevangenissen maakten een digitale sprong; er is nu schermcontact met rechtbanken, advocaten, beklagcommissies, hulpverleners, kerkdiensten en, de grootste winst, met familie en vrienden. Ik hoorde van een gevangenisdirecteur die ‘op de ring’ voor alle gedetineerden met een stuk zeep voordeed hoe je handen écht wast. En hoe lang twintig seconden wel niet duurt. Ik hoorde over gedetineerden die coronaklachten verzwijgen om maar niet op cel in quarantaine te moeten. Van afdelingsreinigers en gedetineerdencommissies die een belangrijker communicatiekanaal werden. Zij wisten waar de vloed aan nieuwe beperkingen pijn deden, waar de risico’s ontstonden.

De pandemie zorgde vorig jaar dus voor een acute sluiting van de gevangenissen. En plaatste het personeel daarmee in de coronafrontlinie, buiten het zicht van de burger die met z’n eigen lockdown bezig was. Alle verloven voor gedetineerden werden ingetrokken, net als de bezoekregelingen en overplaatsingen. Iedere gevangenis werd een bubbel, waar zo min mogelijk mensen in mochten. De ‘zelfmelders’ werden afgezegd, hun straffen uitgesteld, de meerpersoonscellen deels gesloten. Geen geringe ingreep: 75 procent van alle vrijheidsstraffen is korter dan drie maanden. Een gevangenis kan pas weer een doorgangshuis worden als het land in overwegende mate virusvrij is. Zover is het nog niet. Daar doemt dus kwestie één op. Als er een rondwarend virus blijft met besmettingsrisico’s, zijn korte detenties dan nog wenselijk en uitvoerbaar?

De virusuitbraken in gevangenissen van het afgelopen jaar werden geïmporteerd, zo lijkt het. Nogal eens door het gevangenispersoneel zelf. Het personeel werd daarmee een risico voor de gedetineerden, in plaats van andersom. „Pas je dit weekend op…” vermaanden gedetineerden ‘hun’ bewakers, „…dat je maandag niks meeneemt”.

Dat is dus vraag twee. Hoeveel gezondheidsrisico moet een ingesloten burger van de staat accepteren? Mag de staat als werkgever aan personeel hygiënenormen opleggen? Zijn kwetsbare gedetineerden (leeftijd, obesitas, suikerziekte, verslaving) ‘detentiegeschikt’ als ze niet gevaccineerd zijn? Zijn niet-gevaccineerde veroordeelden sowieso welkom? Hoe zou een leefbare ‘virusvrije’ gevangenis eruit zien, hoeveel ruimte is daar nog voor arbeid, verlof, ‘open’ bezoek, een sociaal programma of collectief luchten? De negentiende eeuw kijkt hier weer om de hoek.

Bij corona-uitbraken gingen hele afdelingen in quarantaine, éénmaal zelfs een hele gevangenis. Dat betekende tot soms tien dagen op cel moeten blijven. Niet alleen geen dagprogramma of sociaal contact, maar ook niet luchten en soms niet kunnen douchen. En veel beperkter bellen met thuis. Zoiets leidde wel tot spanningen. Stress en drift, gevolgd door overlast, bijvoorbeeld door nachtelijk ‘deurtrappen’ of ‘radiatortikken’, waardoor afdelingen niet konden slapen. Wat het algemene stressniveau weer verhoogt en de onveiligheid doet toenemen. Een virusveilige gevangenis na 2021 – ga er maar aan staan.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @folkertjensma