Rotterdamse winkelstraat moet straks een ‘beleving’ worden

‘Taskforce Retail’ Nu meer online wordt gekocht, verandert het winkelgebied. Gemeente en ondernemers willen een diversere omgeving.

De Koopgoot blijft een winkelstraat, maar moet diverser worden, met meer horeca, kunst cultuur en sport.
De Koopgoot blijft een winkelstraat, maar moet diverser worden, met meer horeca, kunst cultuur en sport. Foto Hans van Rhoon/ANP

In het winkelgebied van de toekomst worden de winkels zelf minder belangrijk. De zeventig winkelcentra in Rotterdam veranderen in plekken waar je kunt sporten, werken, eten en drinken, kunst bekijken én winkelen. Dat staat in de toekomstvisie (2021-2030) van de winkelgebieden, opgesteld door gemeente, ondernemers en pandeigenaren.

Het zal straks geen ‘winkelgebied’ meer heten, verwacht voorzitter Dominic Schrijer van de Taskforce Retail, verantwoordelijk voor de visie. Daarin wordt gesproken over vitale ‘kerngebieden’. Hij verwacht dat de zeventig winkellocaties alle een eigen naam krijgen. „Dat zie je nu al bij de Lusthofstraat, de Meent en het Deliplein.”

Er moest wat gebeuren

De Taskforce werd eind 2019 opgericht. Er moest wat gebeuren. 100.000 van de 1,1 miljoen vierkante meter winkeloppervlak in Rotterdam staat nu leeg – 700 panden. Doordat steeds meer online gekocht wordt, kan dat stijgen tot 340.000 vierkante meter, is de verwachting. 5.000 tot 11.000 banen verdwijnen in de retail.

„Door corona wordt deze trend versneld”, zegt hij. Vooral non-foodwinkels (sport, mode, schoenen) hebben het zwaar. Nu al staan ruim twintig van de zeventig winkelcentra onder druk. Leegstand kan leiden tot verloedering en ondermijning. Zo komt ‘de leefbaarheid van grote delen van de stad in het geding’, staat in de visie. „Een landelijke trend”, zegt Schrijer.

Hoe blijven winkelstraten volgens de visie wél aantrekkelijk?

Allereerst de binnenstad: de Lijnbaan en de Koopgoot blijven winkelstraten. Het winkelgebied wordt de komende jaren compacter en meer divers (minder ketens, meer horeca en meer kunst, cultuur en sport). Het moet ook een „beleving” worden om naar het centrum te komen, zegt Schrijer. „Met theatervoorstellingen op straat en groene plekken.” In panden die leegstaan krijgen kunstenaars, soms tijdelijk, de ruimte om te werken, zegt wethouder Roos Vermeij (economie, PvdA).

Rondom deze kern liggen de ‘smaakmakers’ straten met een bijzonder profiel zoals de Hoogstraat, West Kruiskade en de Nieuwe Binnenweg. De samenhang in deze straten kan nog beter, vindt Schrijer. „Rotterdam heeft de meeste nationaliteiten, is jong, rauw, ruw en modern met de rivier en de skyline. Daardoor is het een plek voor unieke formules, speciaalzaken, nichemarkten”, zegt hij. Minder van die winkelstraten die in het hele land op elkaar lijken, méér unieke ondernemers. „Het is vooral aan de vastgoedpartijen om dat goed in te vullen.”

Lees ook deze reportage over de Boulevard Zuid in Rotterdam

Maar gaat dat ook gebeuren? Regelmatig komen in de media verhalen van pandeigenaren die torenhoge huren vragen, weinig coulance tonen met ondernemers en nauwelijks begaan lijken met een diverse omgeving. „Ze moeten meewerken”, zeggen zowel Vermeij als Schrijer. Deze eigenaren zijn ook gebaat bij een aantrekkelijk winkelgebied.

Mede door corona zijn de huidige hoge huren op meerdere plekken niet meer realistisch. „Dat zag je acht jaar geleden ook in de kantorenmarkt”, zegt Schrijer. „Vastgoedpartijen bleven bouwen en de prijzen bleven stijgen, totdat de vraag flink afnam en daardoor de huren ook.” Die ontwikkeling verwacht hij ook in winkelstraten.

Buurthub

Naast de grote winkelcentra zijn er nog tientallen kleinere in de wijken. Die moeten zich de komende jaren gaan ontwikkelen tot wijkcentrum of ‘buurthub’. „Een publieke huiskamer”, noemt Vermeij deze plekken. „Op loop- of fietsafstand waar je ook de huisarts vindt, kunt sporten en werken.” Ook dat laatste veranderde door corona. „We waren veel minder op kantoor en ook in de toekomst zullen we vaker werken in onze eigen buurt”, zegt Vermeij.

Ook hier zal de leegstand toenemen, daarom worden straks honderden vierkante meters winkelruimte omgebouwd tot woningen. Schrijer: „Daar is nu natuurlijk veel vraag naar, bovendien levert het de omliggende winkels meer klanten op en meer levendigheid.”

Binnen vier jaar dienen veel winkelgebieden stappen te hebben gezet naar een ‘vitaal kerngebied’. Groepjes ondernemers en eigenaren stellen samen met de gemeente een plan op voor hun gebied, wat wordt bekrachtigd via een convenant.

De gemeente helpt bijvoorbeeld met meer groen en het sneller leveren van vergunningen om winkels om te vormen tot woningen. Er komt een coördinatiepunt Retail om ondernemers en pandeigenaren te ondersteunen en adviseren. „Het probleem is te groot om het alleen over te laten aan marktpartijen”, zegt Vermeij. De komende drie jaar stelt de gemeente jaarlijks negen ton beschikbaar.