Bevolking in Amazonegebied piekte rond het jaar 1000

Paleo-ecologie Na de kolonisatie nam de bevolking in Midden- en Zuid-Amerika sterk af. Eerder was er al een krimp geweest in de Amazone.

Schilderij uit 1827 van Apiaká-indianen in de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso, door Hércules Florence.
Schilderij uit 1827 van Apiaká-indianen in de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso, door Hércules Florence.

De bevolking van het Amazonegebied bereikte waarschijnlijk zijn piek rond het jaar duizend, ruim voor de komst van de Europese kolonisatoren. In de eeuwen voor die komst nam de bevolking van het Amazonegebied waarschijnlijk zelfs af.

Dit blijkt uit analyse van fossiele pollenreeksen in het sediment van 39 meren in het Amazonegebied. In de periode 950-1350 nam gemiddeld genomen het bos toe in het gebied, en de landbouw nam af. Deze herbebossing is sterker dan in de zestiende en zeventiende eeuw, zodat het onwaarschijnlijk is dat een wereldwijde dip in het CO2-gehalte van de atmosfeer die voor die periode bekend is, veroorzaakt kan zijn door snelle bosgroei in het Amazonegebied – waardoor veel CO2 uit de atmosfeer vastgelegd zou zijn. Dit blijkt uit een onderzoek onder leiding van de ecologen Mark Bush (Florida Institute of Technology) en Crystal McMichael (Universiteit van Amsterdam) dat donderdag gepubliceerd is in Science.

Geografisch patroon

Waardoor in de periode 950 tot 1350 de bevolking in het Amazonegebied afnam, is niet helemaal duidelijk, schrijven Bush en McMichael in Science. Klimaatverandering kan niet de hoofdmoot zijn, omdat in relatief naburige pollenreeksen verschillende trends worden gezien – bij klimaatverandering zou je juist wel een duidelijk geografisch patroon verwachten.

De onderzoekers zien wel een mogelijk verband met migraties in het Andesgebied in de periode 1000-1200, die ontstonden door de ineenstorting van de Tiwanaku- en Wari-culturen, die ook intense oorlogvoering tot gevolg had. Ook zijn er voor die tijd aanwijzingen voor een tuberculose-epidemie in het Andesgebied die door de vele handelscontacten waarschijnlijk makkelijk kon overslaan naar het Amazonegebied.

Deze conclusies over het Amazonegebied sluiten overigens helemaal niet uit dat de CO2-dip in de zeventiende eeuw veroorzaakt is door herbegroeiing van door massale sterfte verlaten landbouwgebieden in de rést van Zuid- en Midden-Amerika. Die wereldwijde afname in het CO2 gehalte van de atmosfeer in de zeventiende eeuw, van ongeveer 280 naar 270 ppm, zou dan zijn ‘opgeslagen’ in planten en bomen op verwilderd landbouwgebied. Volgens recente berekeningen zou er maar liefst zo’n 55 miljoen hectare landbouwgrond braak zijn komen te liggen in Zuid- en Midden-Amerika, en minder dan 10 procent daarvan lag in het Amazonegebied.

De Grote Sterfte wordt het genoemd: de afname met 90 procent van de oorspronkelijke bevolking van Zuid- en Midden-Amerika na de kolonisatie door Spanje en Portugal in de zestiende eeuw. Het gaat om een extreme bevolkingsafname door infectieziekten, mishandeling en ineenstorting van sociale structuren: van naar schatting 60 miljoen mensen naar zo’n 5 miljoen.

Veel ‘zwarte aarde’

Voor de komst van de vooral Spaanse kolonisatoren woonden de meeste inwoners van Zuid- en Midden-Amerika in de grote bevolkingscentra van de grote beschavingen van de Inca’s bij en in de Andes (16 miljoen) en van de Azteken in Mexico (28 miljoen). Maar ook in de bossen van het Amazonegebied woonden veel meer mensen dan later werd gedacht: ruim vier miljoen – allemaal volgens recente berekeningen in Quaternary Science Reviews.

De relatief intensieve bewoning van het Amazonegebied is een recent inzicht. Pas de laatste decennia rijst het besef dat de ‘zwarte aarde’ (terra preta) die op veel plaatsen wordt aangetroffen (in omvang ongeveer 3 procent van het totale gebied) het resultaat was van intensieve landbouw was. Ook wordt in het bomenbestand van het spreekwoordelijke ‘oerbos’ van de Amazone een duidelijke mensenhand gezien: voor de mens nuttige, ‘gedomesticeerde’ bomen komen er vijf keer vaker voor dan ‘wilde’. Spaanse verslagen uit de eerste eeuw van de verovering getuigen ook van dichtbevolkte rivieroevers in het Amazonegebied, wat latere beschrijvingen ontbreekt.

De nieuwe berekening op basis van pollen van een bevolkingsplafond in het Amazonegebied rond het jaar 1000 en een geleidelijke afname daarna sluit aan bij andere recente berekeningen op grond van meer dan 1.000 koolstofdateringen van 375 archeologische vindplaatsen in het gebied, die Royal Society vorig jaar publiceerde.