Recensie

Recensie Film

Kunstenares Tove is een vrije geest, die doet wat ze wil

Biopic In de fijnzinnige biografische film over de Finse kunstenares Tove Jansson ontbreekt groot drama. ‘Tove’ schetst een fraai portret van een artiest die onverstoorbaar zoekt naar vrijheid, zowel persoonlijk als artistiek.

Het duurt lang voordat kunstenares Tove (Alma Pöysti) accepteert dat ze meer illustrator en kinderboekenauteur is dan beeldend kunstenaar, in ‘Tove’.
Het duurt lang voordat kunstenares Tove (Alma Pöysti) accepteert dat ze meer illustrator en kinderboekenauteur is dan beeldend kunstenaar, in ‘Tove’.

De Finse kunstenares Tove Jansson (1914-2001) kibbelt weer eens met haar dominante vader, een succesvolle beeldhouwer. Haar moeder hoort het even aan en vraagt dan „willen jullie voor of na de ruzie koffie?” Een zinnetje dat zowel geestig als berustend is: zo zijn die twee nu eenmaal.

De biografische film Tove gaat slechts voor een deel over Toves moeizame relatie met haar beroemde vader, aan wie jaarlijks vrijwel automatisch subsidie toegekend wordt. „Dat is geen kunst” bijt hij zijn dochter toe, als ze weer eens wat schetsjes maakt. Die schetsen worden al vrij snel de figuren uit haar Moomin-verhalen. Deze strip rond de trollenfamilie Moomin werd wereldberoemd en is in vele talen vertaald – ook in het Nederlands (soms als Moemin). De film laat zien dat het lang duurt voordat Tove accepteert dat zij meer illustrator en kinderboekenauteur is dan beeldend kunstenaar. Zij houdt lang vol dat haar Moomin-schetsen afleiden van het echte werk, haar beeldendkunstenaarschap.

Het fijnzinnige scenario van regisseur Zaida Bergroth concentreert zich op de jaren 1944-1953 en laat zien dat Tove een vrije geest is die zich niet alleen tegen haar vader afzet. Ze doet wat ze wil. Zo legt Tove het aan met een getrouwd socialistisch parlementslid, Atos Wirtanen. Atos weigert jaloers te zijn: „ik kan niet denken als ik niet vrij ben”, een adagium dat ook opgaat voor Tove. Zij wil ooit een kunstenaarskolonie oprichten „vrij van moraal”. Haar gevoel voor vrijheid wordt door Bergroth benadrukt door haar op gezette tijden te laten dansen op Carlos Gardels weemoedige tango ‘Por una cabeza’ en de swingjazz van Benny Goodman en Glenn Miller.

Als Tove burgemeestersdochter Vivica Bandler ontmoet, ontdekt zij naar eigen zeggen „een nieuwe kamer in mijn ziel”. Ze krijgen een stormachtige verhouding, waarbij Vivica’s verlangen zich niet te binden leidt tot spanningen. Dat homoseksualiteit in Finland tot in de jaren zeventig verboden was, is informatie die Bergroth de kijker onthoudt maar die wel van belang is. Het verklaart waarom Tove op een gegeven moment rept over haar en Vivica als „de onzichtbaren”.

Groot drama ontbreekt in Tove, maar de film schetst een fraai portret van een artiest die onverstoorbaar haar eigen gang gaat, zowel persoonlijk als artistiek. Die twee zijn zelfs verweven, suggereert Bergroth. Bijfiguurtjes uit de Moominverhalen spreken hun eigen taal. Goede verstaanders of gelijkgestemden kunnen die decoderen en weten waar het over gaat. Een mooie verbeelding van de ‘gay sensibility’.