Bestuurscrisis kostte Avicenna College bijna kwart miljoen euro

Inspectie Volgens de Inspectie van het Onderwijs betaalde het Rotterdamse islamitische college vorig jaar „forse bedragen” aan tijdelijk personeel „dat in de praktijk nauwelijks arbeid verricht heeft”.

Het Avicenna College in Rotterdam ging vorig jaar door een bestuurlijke crisis.
Het Avicenna College in Rotterdam ging vorig jaar door een bestuurlijke crisis. Foto David van Dam

De bestuurscrisis op het Rotterdamse Avicenna College vorig jaar, toen directeur Wim Littooij na een machtsstrijd vertrok vanwege een kritisch integriteitsrapport, heeft de islamitische middelbare school in twee maanden tijd bijna een kwart miljoen euro gekost. Dat blijkt uit een maandag gepubliceerd rapport van de Inspectie van het Onderwijs. Die schrijft dat „forse bedragen” zijn uitgegeven aan tijdelijk personeel „dat in de praktijk nauwelijks arbeid verricht heeft”.

Zo declareerde interim-directeur Bart Jan Geers ruim 57.000 euro voor ongeveer drieënhalve week werk, terwijl hij volgens de inspectie weinig bijdroeg aan het onderwijs en het conflict juist verscherpte. Interim-bestuurder Gökhan Çoban ontving in augustus en september 2020 bijna 39.000 euro. De twee autoriseerden elkaars betalingen.

Lees over het nieuws van juni vorig jaar: Bestuurscrisis op islamitische middelbare school in Rotterdam

Staking

De machtsstrijd rondom Littooij leidde ertoe dat de leraren in september nauwelijks lesgaven, aldus de inspectie. Die staking beëindigden zij pas toen onder anderen Çoban zich terugtrok. Het Avicenna gaf die weken bijna 43.000 euro uit aan invaldocenten, maar ook zij verzetten volgens de inspectie weinig werk, onder meer omdat vast personeel hen tegenwerkte. Ruim 62.000 euro ging die augustus en september naar extra vergoedingen, loonsverhogingen en toelages voor vaste medewerkers, terwijl dit nauwelijks gedocumenteerd werd in personeelsdossiers.

Volgens de inspectie was tot deze extra uitbetalingen „mogelijk” al besloten door Littooij, die grote steun genoot onder het personeel. Vaststaat, aldus de inspectie, dat de oud-directeur meerdere medewerkers in zijn laatste maanden een loonsverhoging of „extra beloning” gaf zonder dat in dossiers te onderbouwen. De inspectie noem het „opvallend”, maar benadrukt dat hij hiertoe bevoegd was en spreekt nergens in het rapport van onrechtmatige bestedingen.

In gesprek

In reactie op het rapport zegt huidig Avicenna-bestuurder Marcel van der Knaap in gesprek te zijn met de interimmers en medewerkers van wie hij vindt dat ze bovenmatig bezoldigd zijn. „Dat gaat in goed overleg”, zegt hij. „En als we er niet uitkomen, zal ik juridische stappen zetten.”

Interimmer Geers zegt dat hij zich langer dan drieënhalve week had willen inzetten voor de school die hij net „grotendeels” weer draaiende had, maar dat hij moest opstappen omdat het ministerie van Onderwijs besloot alle leidinggevenden weg te sturen. Vanwege de opzegtermijn van vier weken in zijn contract kreeg hij langer uitbetaald. Oud-bestuurder Çoban benadrukt dat de school in een noodsituatie zat en dat hij zich toentertijd gesteund voelde door inspectie en ministerie, die „intensief” meedachten. Hij betaalt zo’n 5 procent van zijn ontvangen vergoeding terug.