Schrijver Rumaan Alam.

Foto: David A. Land

‘Yuppen die duurzaam leven zijn vooral bezig met hun zelfbeeld’

Interview Borrelend en vrijend in een luxueuze Airbnb ondergaan twee families het einde van de wereld. Met zijn roman Laat de wereld achter schreef Rumaan Alam een bestseller. „Ik wil dat mijn boek je ongemakkelijk maakt.”

Het is zomervakantie en een New Yorks bakfietsgezin heeft zich getrakteerd op een Airbnb in het luxesegment. Voor zo’n driehonderd euro per nacht hebben Clay en Amanda – door status geobsedeerde, witte yuppen – en hun twee kinderen een week lang de beschikking over een vrijstaand huis in de natuur. En wát voor een huis: verwarmd zwembad, marmeren kookeiland, voorgeprogrammeerde buitenlichten. ‘Laat de wereld achter’, belooft de advertentie – en dat is ook de titel van schrijver Rumaan Alams onheilspellende roman.

Want de droomvakantie wordt verstoord als op een avond een zwart, rijk, ouder paar paniekerig op de stoep staat: de eigenaren van het huis. Ze zijn Manhattan ontvlucht na een mysterieuze stroomstoring. In het land blijkt zich een ramp te voltrekken, maar zonder wifi, tv- en telefoonverbinding blijft het gissen naar wat er precies aan de hand is. Als lezer weet je al meer: dat in de grote steden mensen stikken, hamsteren of op de vlucht slaan. In hun cocon van luxe wachten de twee families samen hun lot af.

Met briljante observaties van het moderne leven raakt deze broeierige thriller een snaar, in een tijd waarin steden unheimische plekken zijn geworden en de rijken der aarde zich terugtrekken in hun buitenhuizen. In Amerika werd het een bestseller; Netflix gaat het verhaal verfilmen met Julia Roberts en Denzel Washington. Nog meer dan associaties met de pandemie roept dit boek het knagende, apocalyptische gevoel op dat de westerse wereld in hoog tempo aan het afbrokkelen is, en we een nieuw tijdperk ingaan. Een onzekere, chaotische wereld, waarin superhittegolven en desinformatie normaal worden.

Lees ook: ‘Ze leven in een stad met de beste keuken ter wereld maar kopen houtskool-lattes met cashewmelk’

Het idee voor deze roman ontstond tijdens een vakantie, vertelt Alam via Zoom (1977). „We zaten in een prachtige Airbnb, mijn man, de kinderen en ik. Terwijl iedereen was gaan slapen, deed ik buiten nog een drankje. Behalve de kikkers en insecten hoorde ik niks. Als stedeling werd ik daar een beetje bang van. Dat verontrustende gevoel wilde ik overbrengen.”

Wat fascineert u zo aan de ondergang van de wereld?

„Het voelt zo … dichtbij. Natuurlijk denkt elke generatie dat we nu écht bij het einde der tijden zijn aangekomen. Maar als je kijkt naar de staat van de politiek en de natuur: in februari voer een Russisch schip voor het eerst over de Noordpoolcirkel zonder een ijsbreker. En dan de constante branden en stormen. Jij woont in Nederland, onder zeeniveau, ook al een eng idee. Dat we niet weten welke kant het opgaat met het klimaat maakt het zo beangstigend. Daarom wil ik dat mijn boek de lezer een ongemakkelijk gevoel geeft.”

Uw roman benadrukt het materialisme van de stedelijke middenklasse. De vader krijgt een erectie bij de aanblik van een designvaatwasser, de moeder verlekkert zich tijdens de aankoop van blauwe bessen. Waarom?

„Deze ouders behoren tot het type dat je in bijna elke stad wel aantreft. Ze gebruiken hun geld en smaak om een bepaald verhaal over zichzelf te vertellen. ‘Ik ben het soort persoon dat boodschappen doet bij een biologische supermarkt en een tweede huis bezit.’ Maar deze manier van consumeren heeft gevolgen voor het klimaat. Als de moeder haar boodschappen doet, is alles wat ze koopt in plastic verpakt; ook de blauwe bessen.

„Het is een fenomeen van deze tijd: nooit tevreden zijn met wat je hebt, altijd méér willen. Loonsverhoging, een mooier huis. Mijn kinderen kregen Lego cadeau voor hun verjaardag. Toen ze het uitgepakt hadden, keken ze gelijk naar de achterkant van de doos, naar het plaatje waarop weer een ándere set werd gepromoot. Het zit diep in ons, om altijd iets te willen wat we niet hebben.”

Toch lijkt de laatste jaren het besef te zijn ingedaald dat we minder moeten vliegen en minder moeten kopen.

„Dat klopt, maar in de praktijk vertaalt dat zich vooral in het soort consumentisme waarmee je zegt: ik ben het type dat geeft om het klimaat. In het boodschappenmandje van de moeder vind je de duurzame koffiefilters van het merk If You Care. Die koop ik zelf ook. Je betaalt daar zes dollar voor, in plaats van drie. Daarmee koop je je identiteit als ‘goed mens’ af. En het bevestigt dat je geld hebt, omdat je er twee keer zo veel voor kunt betalen. Hetzelfde geldt voor herbruikbare rietjes, of zuinige auto’s. Ik denk dan: zijn deze goed voor de planeet of goed voor je zelfbeeld?”

De mensen uit uw boek hadden het niet beter kunnen treffen. Ver weg vindt een ramp plaats, maar zij bevinden zich in een prachtig huis met stroom, voorraadkasten vol eten en zelfs een picnic-deken van Hermès. Waarom dit comfort?

„Deze twee families hebben alles wat ze nodig hebben, ze zitten vast op de perfecte plek. Dus waarom zou het hen iets kunnen schelen? Toch zal deze luxe hen uiteindelijk niet kunnen beschermen. Ze weten gewoon nog niet wat ze te wachten staat – en dat is voor mij het engste aan dit boek.

Hetzelfde zie ik in wat wij de ‘ontwikkelde’ landen noemen. Wij hebben geluk dat we in rijke landen geboren zijn. We zijn zo verwend dat we kunnen doen alsof armoede, voedseltekorten en politieke instabiliteit dingen zijn die ver weg voorkomen. Bij mensen die wij niet zijn. En zelfs als het dichterbij komt, kunnen we ons ervan afwenden. Toch is onze rijkdom geen garantie: een samenleving kan nog steeds instorten, je kunt onderweg naar huis geraakt worden door een auto en uiteindelijk hebben we allemaal te maken met het veranderende klimaat.”

Leven we in een decadent tijdperk?

„Dat weet ik niet, misschien. Ik wil niet als een chagrijn klinken, het is niet alsof ik zelf geen deel neem aan deze levensstijl.”

Toch gaan de personages in uw boek door met hun manier van leven, ondanks de mysterieuze ramp. Ze borrelen in de jacuzzi, hebben veel seks. Wat wilt u daarmee zeggen?

„Ik denk dat dit een dierlijke reactie is. Ze kunnen de koers van de geschiedenis niet veranderen, dus hebben ze maar plezier. Het is een menselijke impuls om zelfs in de verschrikkelijkste omstandigheden dit soort dingen te doen – zonder dat ik het goedpraat. Zelfs in het Duitsland van de jaren veertig vierden mensen verjaardagen, werden verliefd, terwijl er misdaden tegen de menselijkheid werden gepleegd.”

Waarom speelt uw boek zich af in een Airbnb?

„Ik wilde zes mensen met elkaar vast laten zitten in een huis, net zoals we met zeven miljard mensen vastzitten op deze planeet. Dat beklemmende gevoel wilde ik overbrengen. Bovendien wilde ik de personages met elkaar confronteren: wit en zwart, midden- en bovenklasse, jong en oud. Al die verschillen maken uiteindelijk niet uit, omdat ze dezelfde ramp proberen te overleven.”

Foto: David A. Land

De wereld verandert, maar we weten niet waar we op afkoersen. Waar krijgt u zelf een ongemakkelijk gevoel van?

„De politiek is een spektakel geworden, een performance. Politici hebben altijd al gelogen, maar nu kun je liegen en maakt het niet meer uit. Dat is eigenlijk een recent verschijnsel. Bill Clinton loog over zijn affaire met Monica Lewinsky, dat kostte hem bijna zijn politieke carrière. Trump loog de hele tijd.

„Dan de toegenomen ongelijkheid. Het verhaal van Amazon is net een hedendaags Dickensiaans verhaal als het gaat om menselijke uitbuiting. Dat iemand als Jeff Bezos in zo’n korte tijd zijn vermogen zo heeft vergroot valt niet te verdedigen. En dan de digitale technologie. Deze is zó nieuw. Een techbedrijf als Airbnb heeft de echte wereld al blijvend veranderd: van Brooklyn tot Amsterdam zijn appartementen hetzelfde ingericht. Baby’s zien de hele tijd schermen, camera’s; wat doet dat met hun brein? Het is nog te vroeg om de langetermijngevolgen te kunnen overzien.”

Uw personages vertrouwen juist op deze technologie. Dwangmatig verversen ze hun nieuwsapps, zelfs zonder wifi.

„Het geeft ons een gevoel van controle. Met nieuwsalerts en online koppen proberen we in real time dit tijdperk te vatten. Maar we kúnnen nog geen betekenis geven aan de dingen die nu gebeuren, daar gaat tijd overheen. Toen aartshertog Franz Ferdinand in 1914 werd doodgeschoten, kon dat ook niet meteen binnen het perspectief van de Eerste Wereldoorlog worden geplaatst.”

Uw boek gaat over het einde van een manier van leven. Toch bent u niet alleen zwartgallig, er spreekt ook hoop uit voor de nieuwe generatie.

„Kinderen zijn slimmer dan we denken. Ze hebben een natuurlijke moraal die volwassenen hebben verloren. Als je met je kinderen door de stad loopt en ze zien een dakloze, die je zelf zou negeren, zullen zij vragen: waarom slaapt die persoon in de metro? Je probeert het aan ze uit te leggen, maar dat lukt niet. Omdat het niet valt goed te praten dat iemand zo is weggegooid door de samenleving. Kinderen hebben dat door.”

Hoe zou u reageren als New York werd getroffen door een stroomstoring?

„Ik heb werkelijk geen idee. Waarschijnlijk reageer ik zoals Clay, de vader uit mijn boek. Ik kan niet functioneren zonder een telefoon. Natuurlijk hoop ik dat ik de ramp ongedeerd doorkom, maar ik betwijfel of het geluk aan mijn zijde zou staan.”