Hoe raken Noord-Ieren toch weer in de greep van geweld?

Onrust in Belfast De Brexit heeft het nooit verdwenen wantrouwen tussen pro-Britse en pro-Ierse groepen in Noord-Ierland nieuw leven ingeblazen. Kan het opgelaaide geweld weer worden beteugeld? Vier vragen.

Vuurwerk ontploft woensdag bij een botsing tussen rellende nationalisten en unionisten bij de 'Vredesmuur' in westelijk Belfast.
Vuurwerk ontploft woensdag bij een botsing tussen rellende nationalisten en unionisten bij de 'Vredesmuur' in westelijk Belfast. Foto Peter Morrison / AP

Als in de donkerste dagen van de periode van de bloedige Troubles, die Noord-Ierland de laatste drie decennia van de vorige eeuw teisterden, laait het geweld in de hoofdstad Belfast en elders dezer dagen weer op. Vooral woensdagavond was het raak. Aan beide zijden van een van de zogenoemde ‘Vredesmuren’ bekogelden honderden vooral jongere inwoners elkaar en de politie als vanouds met stenen en benzinebommen. Auto’s en een bus gingen in vlammen op. Zeker 55 politiemensen zijn in totaal al gewond geraakt sinds de onrust afgelopen vrijdag uitbrak.

Noord-Ierse politici gaven elkaar in eerste instantie de schuld van de onrust maar deze donderdag kwamen ze op Stormont, het bestuurscentrum aan de oostkant van Belfast, bijeen om alsnog te proberen de verhitte gemoederen enigszins tot bedaren te brengen. Zowel de Britse premier Boris Johnson als de Ierse regering had eerder het geweld veroordeeld en opgeroepen tot dialoog. „Dit moet stoppen voor iemand wordt gedood of ernstig gewond raakt”, aldus de Ierse minister van Buitenlandse Zaken Simon Coveney donderdag tegenover de Ierse radio. Ook de Amerikaanse president Joe Biden riep op tot kalmte.

Vier vragen over een conflict dat ondanks ettelijke vredesverdragen altijd is blijven doorsudderen.

1Waarom laait juist op dit moment het geweld weer op?

Directe aanleiding is een in veel opzichten gevoelige kwestie: de begrafenis, afgelopen zomer al, van Bobby Storey, een voormalig kopstuk van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), dat streed voor aansluiting bij Ierland. Bij die gelegenheid stonden er duizenden pro-Ierse inwoners van Belfast langs de route van de rouwstoet om Storey de laatste eer te bewijzen. Volgens critici betrof het hier een evidente schending van de corona-regels die voorschreven dat begrafenissen maar door maximaal dertig mensen mochten worden bijgewoond. Ook de Noord-Ierse vicepremier Michelle O’Neill van Sinn Féin, de legale politieke tak van de IRA, liep mee in de stoet.

Eind vorige maand besloot justitie echter niemand in verband met deze zaak te vervolgen. Tot woede van de unionisten, ook wel loyalisten genoemd, die de banden met Groot-Brittannië zo nauw mogelijk willen houden. Zij zien het als het zoveelste voorbeeld van discriminatie ten gunste van het nationalistische pro-Ierse kamp.

Bekijk ook deze fotoserie over de rellen in Belfast

2Speelt de Brexit een rol bij de woede van de unionisten?

Veel unionisten voelen zich ronduit verraden door de Britse premier Boris Johnson, die de Noord-Ieren eerst bij herhaling had verzekerd nooit een deal met Brussel te zullen sluiten die hen zou afsnijden van Groot-Brittannië. Toch is dat wel degelijk gebeurd. In de Brexit-deal is vastgelegd dat er geen douaneheffingen zullen plaatsvinden tussen Ierland en Noord-Ierland. In plaats daarvan zijn er heffingen gekomen op goederen die uit de rest van het Verenigd Koninkrijk naar Noord-Ierland komen. Zo is er in feite dwars door de Ierse Zee een grens getrokken. Voor allerlei Britse producten moeten de Noord-Ieren nu meer betalen dan hun landgenoten elders. Daardoor hebben veel unionisten het gevoel gekregen dat Londen hen min of meer heeft opgegeven, dat ze tweederangs burgers zijn geworden.

De nationalisten putten er juist hoop uit dat een hereniging met de rest van Ierland, bijna honderd jaar na de creatie van Noord-Ierland een stap dichterbij is gekomen. Ian Paisley, de zoon van wijlen de gelijknamige onverzoenlijke unionistische dominee, beschuldigde Johnson er al in januari van de Noord-Ieren te hebben „belazerd” met zijn Brexit-deal. Ook minister van Justitie Naomi Long, tevens leider van de Alliance Party, noemde de „oneerlijkheid” van Johnson deze week als een van de oorzaken van woede bij unionisten.

3Al sinds het Goede Vrijdagakkoord van 1998 is de strijdbijl formeel begraven. Waarom is werkelijke vrede toch uitgebleven?

Sinds 2007 is er zelfs al een nationale regering in Noord-Ierland, waarin unionisten en nationalisten samenwerken. Premier is steeds een unionist, vicepremier een nationalist. Nu zijn dat respectievelijk Arlene Foster van de Democratische Unionistische Partij en Michelle O’Neill van Sinn Féin. Maar echt van harte is de samenwerking tussen de vroegere aartsvijanden nooit gegaan. Er blijft een diep wantrouwen bestaan over en weer. In Belfast maar ook in andere plaatsen heerst er nog altijd een soort segregatie, waarbij hoge muren, die aan de Berlijnse muur doen denken, wijken nog altijd van elkaar scheiden. Dat die wel als ‘Vredesmuren’ worden aangeduid lijkt vaak veeleer ironisch bedoeld.

Ook in recente jaren doen zich van tijd tot tijd nog bomaanslagen voor, vaak het werk van dissidente radicale groepjes aan beide kanten. Nog bijna elke zomer ook komt het tijdens de zogeheten Oranje-marsen, optochten van protestantse unionisten die zo de zeventiende-eeuwse zegetocht van Willem van Oranje (de Nederlandse Willem III) in Ierland herdenken, tot ongeregeldheden met katholieke nationalisten die daar aanstoot aan nemen.

4Is er zicht op een spoedig einde aan het geweld?

Na hun beraad op Stormont donderdag waren de politieke leiders eensgezind in hun veroordeling van het geweld. Het Noord-Ierse regio-parlement nam ook een motie aan waarin werd opgeroepen tot kalmte. Daarmee ademden ze een andere geest dan de afgelopen dagen. Tot ergernis van Sinn Féin had bijvoorbeeld premier Arlene Foster eerder „de arrogantie” van die pro-Ierse partij gehekeld, en er in het voorbijgaan bij een interview aan herinnerd dat sommige structuren van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA) nog altijd bestaan.

Ook uit andere lagen van de samenleving kwam kritiek. Buurtwerker Eileen Weir uit Belfast herinnerde de politici er bij het programma BBC Talkback aan dat veel buurtwerkers al op hun tandvlees lopen in verband met de coronapandemie. Ook nog eens een golf van geweld erbij kunnen ze volgens haar niet meer aan. „We hebben taal nodig van onze politieke leiders die positief is en overtuigend zodat de gemeenschappen hun vertrouwen in de politieke leiders kunnen terugkrijgen.” Donderdagavond bleek dat nog niet te zijn gelukt. Weer kwam het tot rellen, zij het minder hevig dan daags tevoren.

Een man staat woensdag tegenover een rij politiewagens tijdens ongeregeldheden in Belfast. Foto Jason Cairnduff / Reuters