Nederland produceerde in 2020 meer stroom dan het gebruikte

Netwerkbeheerder De hoeveelheid stroom uit zon en wind groeide vorig jaar met 40 procent. Daardoor neemt de druk op het netwerk toe.

HSM Offshore in Schiedam bouwt een transformatorplatform voor een windpark voor de Zeeuwse kust.
HSM Offshore in Schiedam bouwt een transformatorplatform voor een windpark voor de Zeeuwse kust. Foto Marten van Dijl/ANP

Voor het eerst sinds 1981 is Nederland vorig jaar netto-exporteur geweest van elektriciteit. Dat heeft vooral te maken met de toegenomen productie van elektriciteit uit duurzame bronnen. Dat blijkt uit het jaarlijkse overzicht van de stroommarkt in West-Europa door Tennet. Volgens de netwerkbeheerder zet de groei van elektriciteitsopwekking uit zon en wind goed door, vooral ten koste van steenkool.

Maarten Abbenhuis, sinds eind vorig jaar lid van de directie van Tennet, constateert dat de energietransitie in Nederland in volle gang is. „We zien de duidelijke opmars van elektriciteit uit zon en wind in de Nederlandse energiemix. Daarnaast neemt het gebruik van kolen verder af, omdat dit wordt vervangen door gas, waarbij minder CO2 vrijkomt.”

Volgens Tennet is de productie van stroom uit zon- en windenergie vorig jaar met 40 procent toegenomen. Dat komt door de ingebruikname van 3,1 gigawatt aan vermogen van zonnepanelen, waardoor 49 procent meer zonne-energie is opgewekt dan in 2019. Doordat twee offshorewindparken voor de Zeeuwse kust bij Borssele (samen goed voor 1,4 gigawatt) op het net zijn aangesloten, nam het aandeel wind eveneens fors toe. In totaal groeide het vermogen aan duurzame energie in 2020 met 7,3 gigawatt tot 17,5 gigawatt. Het totale vermogen, inclusief niet-duurzaam, bedroeg 41 gigawatt. Vorig jaar was dat 33 gigawatt.

Daling stroomprijs

Opvallend is dat de elektriciteitsprijs vorig jaar met 19 procent daalde. Abbenhuis verklaart dit uit de coronacrisis. Die leidde vooral in de eerste helft van 2020 tot een afname van de industriële activiteit. En daarmee ook tot een daling van de vraag naar stroom. Aan het eind van het jaar lag de prijs ervan alweer een stuk hoger. Gemiddeld bedroeg de prijs van elektriciteit vorig jaar 32 euro per megawattuur.

In de loop van 2020 waren er, met name in Duitsland, ook dagen met een negatieve stroomprijs. De toename van zon en wind in de energiemix wordt daarvoor vaak als verklaring opgevoerd omdat die weersafhankelijk zijn. Maar volgens de netbeheerder staan op uren waarin de levering aan het net geld kost, soms ook gas- en zelfs kolencentrales nog te draaien, wat het overaanbod op dat moment nog groter maakt.

Stijgende CO2-prijs

Kolencentrales houden dat vol dankzij subsidie voor het bijstoken met biomassa. Gas is voor opwekking van stroom inmiddels goedkoper dan steenkool. Dat komt doordat kolencentrales minder efficiënt zijn en een veel hogere CO2-emissie hebben. De stijgende CO2-prijs maakt kolencentrales daardoor relatief duur.

In het najaar van 2019 kostte lozing van een ton CO2 in de atmosfeer nog zo’n 15 euro. Eind 2020 was die prijs verdubbeld, en inmiddels is het ongeveer 45 euro. Tennet verwacht niet dat er snel een einde komt aan de prijsstijging.

Lees ook dit verhaal over de financiering van Tennet

Een van Tennets belangrijkste taken voor de komende jaren is versterking van het netwerk om de stroomproductie stabiel te houden. „Op diverse plekken loopt het elektriciteitsnet tegen zijn grenzen aan om al deze duurzame stroom te transporteren”, aldus Abbenhuis. Tennet moet nu regelmatig ingrijpen om congestie op het netwerk te voorkomen. De kosten van dat soort ingrepen nemen toe. Daarom moet worden geïnvesteerd in het beter ‘verknopen’ van het (internationale) netwerk. Verder hoopt Tennet op meer flexibiliteit bij de industrie, die als grootverbruiker kan helpen vraag en aanbod in de stroomtoevoer goed in balans te houden.