Reportage

Noorderlingen stoten hard hun neus door grenssluitingen

Nordics Voor de pandemie speelden de levens van veel noorderlingen zich over de grens met buurlanden af. Kan dat na de coronamaatregelen terugkomen?

Grenscontrole bij de Øresundbrug tussen Denemarken en Zweden in december.
Grenscontrole bij de Øresundbrug tussen Denemarken en Zweden in december. Foto Johan Nilsson / TT

Tussen het Noorse dorp Ørje en het Zweedse Töcksfors, precies op de grens, staat een kleine skischans. Het hoogste punt staat in Noorwegen, het laagste in Zweden. Negen jaar lang was de schans, die door de skiverenigingen van Ørje en Töcksfors samen wordt gerund, de trots van de streek. Dit is een druk wintersportgebied, vol langlaufroutes. De schans is de kers op de taart, vertelt Nils Skogstad, een van de Noorse managers. „Die schans hebben we samen met Töcksfors opgezet, grens of niet. Nu is hij dicht vanwege corona. Zo triest, ik zie alleen nog Noren.”

In noordelijke landen komen de recente grenssluitingen hard aan. Overal in Europa klagen mensen dat er in de Schengenzone, die in 1995 werd opgezet, weer binnengrenzen worden opgetrokken. Ze waren gewend geraakt aan open grenzen; velen hebben hun leven erop ingesteld. Maar Finland, Zweden, Noorwegen, Denemarken en IJsland hebben onderling al sinds 1954 vrij personenverkeer. Al zeventig jaar hebben deze landen een paspoortunie, en een gemeenschappelijke arbeidsmarkt en sociale-uitkeringensysteem.

Toen Zweden vlak voor kerst zijn hyper-liberale coronabeleid omgooide en de grenzen sloot, werden veel levens ontregeld. Vorig jaar bracht Nils Skogstad nog gezellige avondjes door met Zweden, met accordeons en zang. Nu: doodse stilte. De grens loopt dwars door de kleedkamer. Niemand gebruikt die. Noren langlaufen aan de Noorse kant, Zweden aan de Zweedse.

Skipiste op de grens tussen Ørje in Noorwegen en Tøcksfors in Zweden. Foto Lars Brander

Een Noorse skiër die verder naar het noorden het afgelopen weekend de grens overstak in bergachtig gebied, is gearresteerd wegens het overtreden van de coronaregels - nadat hij moest worden gered wegens slecht weer.

Veel Noren en Denen bezitten vakantiehuisjes in Zweden. Eerst hadden ze last van restricties in eigen land. Toen de Zweedse grenzen op 22 december sloten, was hun kerst verprutst. Eigenaars smeken regeringen om versoepelingen. Grotendeels vergeefs. Sinds 1 april mogen ze na coronatests Zweden weer in, maar bij terugkeer volgen weer tests en quarantaines. In sommige vakantiehuizen is de waterleiding stukgevroren. Er zijn inbraken gemeld.

Tweelingdorpen

Bij de grenspost tussen ‘tweelingdorpen’ Tornio (in Finland) en Haparanda (Zweden) is 90 procent minder verkeer dan anders. Velen voelen dit als een gemis: het winkelcentrum ligt in Zweden, sportfaciliteiten in Finland. Er is één brandweerkazerne, in Tornio.

Ook op het Deense eiland Bornholm, gelegen in de Baltische Zee, zitten mensen klem: wie naar Kopenhagen wil, moet via Zweden reizen. Kranten berichtten over gescheiden ouders die niet naar hun kinderen konden. „Dat was schrikken”, vertelt burgemeester Thomas Thors van Bornholm. Nu reizen mensen weer – met gunstige testuitslagen. In Zweden mogen ze de auto onderweg niet uit. Het blijft Kafka: in beide landen veranderen de regels constant. Thors zucht: „We moeten geduld hebben.”

De grenzeloze regio als symbool van de noordelijke inborst, dat beeld is aan gruzelementen

Michael Svane directeur Deense werkgevers-organisatie

Duizenden forenzen in het Zweedse Malmö die in Kopenhagen werken, dertig kilometer verderop, zitten eveneens in de val. Sommigen hebben gedoe met de belastingdienst: ze werken vanuit een ander land. En tienduizenden Zweden die in Noorwegen wonen en werken vanwege de hoge salarissen, heten ineens ‘corona-Zweden’. Velen kunnen hun familie nauwelijks zien en voelen zich gestigmatiseerd. Zweedse verpleegsters worden steeds getest, hun Noorse collega’s niet. Carina Holmberg, een Zweedse radiojournalist in Noorwegen, schreef dat ze zich een „bedreiging” voelt. In een hotel ontbeten de Noren in de ontbijtzaal, maar zij moest op haar kamer eten. Als enige mocht zij de lift niet nemen. „Ik wilde schreeuwen: ik ben niet ziek, maar Zweeds!”

In Zweden zijn veel winkels en restaurants open. „Er waren vorig jaar tienmaal zoveel gevallen als in Noorwegen, waar winkels en restaurants dicht zijn”, zegt Bertel Haarder, een Deense oud-minister die voor de Noordse Raad, het samenwerkingsverband tussen de vijf noordelijke landen, verhalen verzamelt van mensen wier levens door uiteenlopende coronaregimes worden vergald. „In sommige Noorse bedrijven moesten Zweden in aparte ruimtes eten. Of ze moesten een jasje aan in een bepaalde kleur, zodat Noren wisten: oppassen, een Zweed! Dit vernietigt de geest van noordelijke samenwerking. Oude nationale clichés komen terug.”

Vijf landen werken samen in Noordse Raad

Maar wat is de ‘noordse geest’? Johan Strang, hoogleraar ‘Nordic Studies’ aan de universiteit van Helsinki, onderzoekt het al jaren. Noordelijke landen, zegt hij, zijn allemaal anders. Tijdens de coronacrisis neemt elk land maatregelen, zonder overleg met de rest. „Maar daarónder zitten netwerken. Een Zweedse ambtenaar ontmoet geregeld noordelijke collega’s. Wethouders hebben netwerken. Oceanologen en virologen ook. Die netwerken vormen samen de noordelijke samenwerking. Ik ben verrast hoe zwak die is. De netwerken lobbyen bij regeringen om coronamaatregelen te harmoniseren, of verzachten. Maar het lukt ze amper.”

Vandaar dat veel burgers teleurgesteld zijn. Europese samenwerking draait voor hen om geld. Ze doen graag mee – zelfs niet-EU-land Noorwegen – om de interne markt. Maar hun hart ligt bij de noordelijke samenwerking, en daar raken de grenssluitingen hen: in het hart. Hernieuwd geklaag over „arrogante Zweden” of „nationalistische Noren” komt hard aan, omdat velen dachten dat ze eroverheen waren gegroeid. Niet dus. „De grenzeloze regio als symbool van de noordelijke inborst, dat beeld is aan gruzelementen”, zegt Michael Svane, directeur Transport bij werkgeversorganisatie Dansk Industri. „Ik had nooit gedacht dat het zo erg zou worden.”

Dubbele paspoorten

Hij voorspelt: mensen gaan consequenties trekken. Ze verkopen hun Zweedse zomerhuis. Werken niet meer in een ander land. In een regio waar niemand dubbele paspoorten had, worden die nu weer aangevraagd. De Finse ambassade in Stockholm had 150 aanvragen in 2019, zegt Johan Strang, maar 790 in 2020. Bij de Zweedse ambassade in Oslo vroegen 1.725 Noren ook een Zweedse nationaliteit aan; in 2019 waren het er 300.

Ook Michael Svane heeft een Zweeds vakantiehuis. Op 1 april mocht hij er voor het eerst heen. Eerst moest hij twee coronatests doen. Om 3 uur ’s ochtends ging de pont. En, na een dag „winterschade opnemen”, weer terug met de pont. Waarom een bliksembezoek, geen lang paasweekend? „Omdat ik na terugkeer in quarantaine moet voor ik midden volgende week weer naar kantoor kan. Dit soort obstakels, vrees ik, zijn de nieuwe realiteit.”

Passagiers van de ferry naar het Deense eiland Bornholm tonen in februari het negatieve resultaat van hun coronatesten voordat ze aan boord gaan in het Deense Koge. Foto Claus Bech / AFP
Lees ook deze reportage over corona in het Zweedse grensgebied