Opinie

Rusland trekt zich niets aan van Europese waardenclub

Het Kremlin maakt een lachertje van het Europese mensenrechtenverdrag. Wat doet Rusland nog in Straatsburg, vraagt zich af?

Hubert Smeets

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg maakt vermoedelijk korte metten met de detentie waaraan de Russische autoriteiten Aleksej Navalny onderwerpen. Zo wordt Navalny, die geen medische hulp krijgt en daarom in hongerstaking is, acht keer per nacht ‘preventief’ gewekt om te kijken of hij nog leeft.

Dit grenst aan foltering en is verboden door het Europese mensenrechtenverdrag, dat Rusland een kwart eeuw geleden onderschreef. Het Kremlin zou dat moeten eerbiedigen. Maar dat doet het niet, bleek ook in februari toen het hof Navalny’s vrijlating eiste omdat zijn leven in de cel gevaar loopt. Volgens Moskou zijn de Europese waarden niet meer leidend in Rusland. Dus waar bemoeien die rechters in Straatsburg zich mee?

Zo gaat het al jaren. De Raad van Europa, die in 1949 werd opgericht en in 1950 de mensenrechten in een verdrag vastlegde, tolereert deze schofferingen al bijna even lang.

Voordat Rusland in 1996 toetrad tot de Raad van Europa waren er gerede twijfels of deze olifant het porselein niet zou kunnen gaan vertrappen. Vicepremier Hans van Mierlo stelde het Nederlandse parlement destijds gerust. Rusland voldoet niet aan alle maatstaven (democratie, mensenrechten, rechtsstaat). „Het gevaar bestaat dat Hof en Commissie in Straatsburg overbelast raken door een toevloed van klachten” en ook dat de Raad van Europa zelf door toetreding van „een dergelijk groot land met zijn specifieke historie van karakter zal veranderen”. Maar „integratie is beter dan isolatie, samenwerking beter dan confrontatie”. Rusland buiten de deur houden, zou alleen maar de „nationalistische en anti-hervormingsgezinde krachten in de kaart spelen”, aldus de Nederlandse regering.

Lees ook deze column van Michel Krielaars over Navalny

De analyse van Van Mierlo klopte als een bus. Zijn hoop voor de toekomst bleek ijdel. Erger nog. Na Ankara heeft Moskou de afgelopen kwart eeuw de meeste veroordelingen door het Mensenrechtenhof aan zijn broek gekregen. Als het gaat om essentialia als foltering en een menswaardige behandeling is Rusland Turkije zelfs gepasseerd en de grootste zondaar van Europa geworden. Toch blijft Rusland lid van de club.

Na een schorsing van vijf jaar wegens de militaire interventie op de Krim werd de Russische delegatie in 2019 zelfs weer welkom geheten door het parlement van de Raad van Europa. Een drijvende kracht achter deze rentree was de Nederlandse senator Tiny Kox (SP). Hij vond het scheef dat Rusland wel bleef aangesloten bij het verdrag, maar niet meer was vertegenwoordigd in de parlementaire assemblee. Volgens Kox zou „herstel van de dialoog” ertoe leiden dat „lidstaten wellicht beter op hun tellen gaan passen”. Kox had het bij het verkeerde eind. En niet zo’n beetje ook, getuige de detentie van Navalny.

Er kraait amper een haan naar. De meerderheid in Straatsburg bekommert zich liever om het ‘grotere plaatje’. Rusland moet dicht aan de borst gedrukt blijven. Dat immense land ligt nu eenmaal aan de oostgrens van Europa, is het argument, en gaat daar ook niet weg. Het eerste deel van de redenering klopt, het laatste is quasi-geopolitieke gewichtigdoenerij.

Die Wichtigmacherei ondermijnt het mensenrechtenverdrag. Als de Raad van Europa zo doorgaat en op 5 mei 2024 zijn 75ste verjaardag haalt, zal de ooit veelbelovende waardengemeenschap niet meer dan een kreupel hoopje goede bedoelingen zijn.

Oost-Europa-expert Hubert Smeets werkt bij het kenniscentrum Raam op Rusland. Hij schrijft om de week met redacteur geopolitiek Michel Kerres over de kantelende wereldorde.