Rutte vecht voor zijn politieke leven tegenover een woedende Kamer

Kabinetsformatie Mark Rutte heeft ‘geen herinnering’ aan een gesprek over Pieter Omtzigt. De Kamer neemt daar geen genoegen mee. Rutte raakt alleen maar verder in de problemen.

Mark Rutte (VVD) in de Tweede Kamer tijdens het debat over de mislukte formatieverkenning.
Mark Rutte (VVD) in de Tweede Kamer tijdens het debat over de mislukte formatieverkenning. Foto ANP/Bart Maat

Demissionair premier Mark Rutte (VVD), verstrikt geraakt in zijn eigen woorden in de verkennersfase van de kabinetsformatie, vecht voor zijn politieke leven in de Tweede Kamer. Beoogde coalitiepartners D66 en CDA willen het vertrouwen in Rutte terugwinnen, nadat vanochtend was gebleken dat Rutte tóch met de ex-verkenners had gesproken over Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA).

De formatie van een vierde kabinet-Rutte hangt hiermee aan een zijden draadje. In het Kamerdebat moet Rutte zich als VVD-fractievoorzitter tegenover een unaniem woedende Kamer verantwoorden. Rutte ontkende daar te hebben gelogen. Hij had „geen herinnering” aan het feit, onthuld in het gespreksverslag, dat hij wel degelijk met de twee ex-verkenners had gesproken over Omtzigt.

Het debat is in de loop van de middag geschorst, nadat FVD-leider Thierry Baudet had gevraagd wanneer Rutte kennis had genomen van de notities. Alle fractievoorzitters mochten die vanaf negen uur donderdagochtend inzien. Rutte gaf echter toe dat hij al om half acht, „via via”, van de Omtzigt-aantekening op de hoogte was gebracht. Rutte weigerde de bron te onthullen, waarna het debat geschorst werd.

Vlak daarvoor had PVV-leider Geert Wilders gezegd: „Heel Nederland is door hem voorgelogen. Hij was het. De minister-president heeft schaamteloos gedacht het parlement even opzij te schuiven.” Wopke Hoekstra (CDA) had het over een „totale rotzooi”. Sigrid Kaag (D66) stelde expliciet de vertrouwensvraag. „Onze wegen scheiden. Is het mogelijk vertrouwen te herstellen? Dat is niet een ja of nee, of een ‘ik lieg niet’.” Hiermee lijken de twee belangrijkste beoogde coalitiepartners van de VVD nog lang niet overtuigd van Ruttes verhaal dat hij was vergeten dat hij over Omtzigt had gesproken.

‘Je moet wat met Omtzigt’

Rutte had vorige week, toen een grote rel losbarstte over per ongeluk gelekte notities van de toenmalige verkenners Annemarie Jorritsma (VVD) en Kajsa Ollongren (D66), ontkend dat hij het in zijn gesprek had gehad over Pieter Omtzigt. In de notitie stond: „Positie Omtzigt, functie elders”. Omtzigt speelde een hoofdrol in het blootleggen van de Toeslagenaffaire, waar het kabinet Rutte III om was afgetreden.

De Kamer wilde weten wie dan wél over het Kamerlid had gesproken en vroeg alle verslagen van de verkennersfase op. Op donderdag, toen alle notities openbaar werden, bleek dat Rutte wel degelijk over Omtzigt had gepraat. Rutte sprak met de verkenners over de positie van het CDA. Letterlijk stond er: „Wellicht is er meer tijd nodig. Als Wopke meer stemmen heeft dan Omtzigt, gaat dat helpen. Je moet wat met Omtzigt: minister maken.”

Rutte zei donderdag dat het promoveren van Omtzigt tot minister een bestaand VVD-standpunt was, en dat hij er geen belang bij zou hebben hierover te liegen. Maar, wierp Gert-Jan Segers (ChristenUnie) tegen, de zinsnede ‘Je moet wat met Omtzigt’ klinkt toch eerder alsof Rutte hem wel degelijk als een probleem zag in de formatie.

Eerdere ontkenning

Vorige week vrijdag zei Rutte nog tegen de NOS dat hij „ook namens Sigrid Kaag kan zeggen” dat in de gesprekken tussen hen en de verkenners „het niet hebben gehad over Pieter Omtzigt”. Nu blijkt dat het in Ruttes geval wél zo was. De kabinetsformatie is in zwaar weer gekomen. De afgelopen dagen bleek een vertrouwensbreuk te zijn ontstaan met veel andere fracties. Dat vertrouwen heeft Rutte bij lange na nog niet hersteld.

Lees ook: Rutte verliest greep op formatie