Opinie

De burger wordt niet genoeg tegen politiegeweld beschermd

De Rechtsstaat

Wie wordt er eigenlijk beter beschermd: de politieman of de burger die grenzen overschrijdt? De vraag drong zich op na de recente Malieveld-demonstratie, waar ME’ers zich ernstig in de Geweldsinstructie leken te vergissen. Een burger op de grond met de wapenstok meppen en tegelijk de politiehond laten bijten, zoiets mag toch niet?

Politiehonden zijn bij mij veel van hun legitimiteit kwijt nadat Zembla onlangs liet zien hoe deze dieren in hun opleiding structureel worden mishandeld. En dat deze vals gemaakte (?) honden het commando ‘los’ veel te vaak niet opvolgen. De beelden van het taseren en laten bijten van een man achter het stuur van z’n auto, schokten mij. Hoe kan zoiets?

Nu heb ik makkelijk praten. Ik ken de spanning van dat moment niet, weet niet hoe onveilig de omgeving was, of de agenten bedreigd werden. Als de politie écht met geweld moet optreden ben ik vooral blij dat iemand anders dat opknapt. En voor burgers geldt ook zoiets als risico-aanvaarding – jezelf in een situatie brengen die je ook kon voorkomen. Door bijvoorbeeld wél te doen wat de politie beveelt. En niet te drinken of te snuiven.

Lees ook: Was het ME-geweld in proportie?

Maar dat in aanmerking aangenomen, een gewelddadige hond de auto van een ‘overlastgever’ injagen – dat kan een leven kosten. Zembla liet een ex-verdachte zien die aan zo’n beet een infectie overhield en zes weken op de IC tegen de dood aanhing. Aanleiding was een poging tot diefstal uit een aanhanger, waar het OM tenslotte geen vervolging in zag. Zulk geweld is niet proportioneel, durf ik wel te zeggen, na diepgaand leunstoelonderzoek. De hondenbegeleiders bleven buiten schot. Wie controleert de politie eigenlijk?

Onafhankelijk toezicht op de politie is een probleem. De burger wordt geacht bij de politie zelf een klacht in te dienen, wat natuurlijk een drempel is. Leidt dat tot niks, dan is de Nationale Ombudsman bevoegd. Het laatste rapport van de Ombudsman meldt dat klachten „niet altijd met openheid” worden ontvangen, soms „lichtvaardig” behandeld of „ten onrechte” door de politie niet aangenomen.

De rechter dan? In het Nederlands Juristenblad werd recent in het artikel ‘Korte metten met politiegeweld?’ de strafkamer van de Hoge Raad gekapitteld. Het verwijt luidt dat de Hoge Raad de strafrechters bij het terugdringen van politiegeweld te veel aan banden legt. En overigens verzuimt zélf krachtig stelling te nemen. Wat in tijden van etnisch profileren en dalend vertrouwen in de overheid onverstandig is.

Aanleiding was een arrest over een inbraakverdachte die geblinddoekt en geboeid in zijn cel door de politie was geslagen, geschopt, met het hoofd tegen de muur werd ‘geklapt’. En daarna naakt achtergelaten, met op zijn rug ‘verse wonden’. De politie had erover gelogen in het dossier.

De Hoge Raad vindt dat dergelijke excessen voldoende gecompenseerd worden met strafvermindering voor de verdachte. Bewijsuitsluiting of het niet-ontvankelijk verklaren van het OM – feitelijk het schrappen van de vervolging – moet zoveel mogelijk worden vermeden, zegt de Hoge Raad. De belangen van de criminaliteitsbestrijding gaan voor dit soort vormfouten.

Vindt u dat goed? Ik niet. Zou de politie van strafvermindering door de rechter iets leren? Hooguit dat de klappen die zij alvast geven, kennelijk mogen tellen als voorschot. Strafrechters die dergelijke videobeelden laten passeren maken zich medeplichtig aan het politiegeweld zelf, wat de rechtsstaat zélf aantast. De politiek lijkt zich ook meer zorgen te maken over de vervolgde agent dan over de mishandelde burger.

In de senaat ligt een als ‘spoedeisend’ aangemerkt wetsvoorstel dat politiemensen een eigen status geeft bij strafvervolging, een eigen beoordelingskader en een eigen strafuitsluitingsgrond. Dat van ‘rechtmatige taakuitoefening’. En een eigen rechtbank, in Utrecht. Hoe dit in de praktijk zal werken is nog onduidelijk. Maar het past bij de status aparte die agenten (en hulpverleners) krijgen als er geweld tegen ze wordt gebruikt: hogere strafeisen. En bij de enorme advocatenkosten die de staat voor lief neemt als agenten worden vervolgd. De bescherming van de burger tégen de politie steekt er veel te mager bij af.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @folkertjensma