Bitcoinbedrijf probeert via rechter ‘extra’ DNB-eis van tafel te krijgen

Kort geding Bitonic vindt dat DNB onredelijke eisen heeft gesteld aan de verplichte registratie voor bitcoinbedrijven.

Bitonic benadrukte dinsdag in de rechtszaal dat het wil voldoen aan antiwitwasregels. Een specifieke eis hierin van DNB zou volgens het bedrijf te streng zijn en tegen privacyregels indruisen.
Bitonic benadrukte dinsdag in de rechtszaal dat het wil voldoen aan antiwitwasregels. Een specifieke eis hierin van DNB zou volgens het bedrijf te streng zijn en tegen privacyregels indruisen. Foto Remko de Waal/ANP

Het zal De Nederlandsche Bank (DNB) niet vaak overkomen: in de rechtszaal staan tegenover een partij die wél toestemming heeft gekregen van de toezichthouder om actief te blijven op de Nederlandse markt. Toch is dat wat er dinsdag in de Rotterdamse rechtbank gebeurde in een kort geding.

De zaak is aangespannen door het Amsterdamse bitcoinbedrijf Bitonic. Dat heeft dit najaar de vereiste registratie ontvangen van DNB als bitcoinwisselaar en bitcoinbewaarplaats voor Nederlandse klanten. Bitonic is het alleen pertinent oneens met hoe die registratie tot stand is gekomen.

De kritiek van Bitonic gaat om een specifieke eis die aan bitcoinbedrijven wordt gesteld door DNB. Bitonic moet net als andere financiële bedrijven voldoen aan de regels rond voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering en aan regels die voortvloeien uit de Sanctiewet. Dat laatste betekent dat het bedrijf zijn klanten goed moet kennen, om te voorkomen dat een crimineel, terrorist of persoon op een internationale sanctielijst gebruik kan maken van zijn diensten. Om diezelfde reden moet het bedrijf de transacties van zijn klanten monitoren.

Bitonic benadrukte meerdere keren in de rechtszaal dat het niet in twijfel trekt of aan deze wettelijke eisen moet worden voldaan. Het bedrijf vraagt zich alleen of het moet zoals DNB lijkt te eisen: elke keer als een klant een bitcointransactie doet naar zijn of haar wallet (waarin je cryptovaluta bewaart), moet een screenshot van die transactie worden genomen om te verifiëren of die wallet wel echt in zijn bezit is. Daarmee zou een bitcoinbedrijf verder moeten gaan dan een bank of schadeverzekeraar. „Bij een cashopname hoeft de bank ook niet te controleren in wiens portemonnee dat geld gaat”, zei de advocaat van Bitonic in de rechtszaal.

Toch een vergunning?

Volgens Bitonic is de eis ook in strijd met privacywetgeving. „Als we nog langer voldoen aan deze eis, vrezen wij een boete te krijgen van de Autoriteit Persoonsgegevens.” De maatregel zou bovendien niet effectief zijn. „Als de bitcoin eenmaal in de externe wallet is aangekomen, is met een druk op de knop de bitcoin weer te versturen naar een derde persoon.” Bitonic hoopt dat de kortgedingrechter de maatregel op korte termijn van tafel haalt, in afwachting van een uitgebreidere procedure die tot een definitief oordeel moet leiden. Die bodemprocedure zit nog in de opstartfase.

Lees ook: Bitcoin: buffer tegen inflatie of crypto-zeepbel?

Bitonic vindt verder dat de toezichthouder te zware eisen vooraf heeft gesteld aan de registratie. Daardoor zou feitelijk sprake zijn van een vergunning. De Nederlandse regering had eerder van de Raad van State juist moeten afzien van een vergunningstelsel, omdat dat in strijd is met Europese regels die alleen een registratie mogelijk maken voor bitcoinbedrijven. Het doel van alleen een registratie was dat er dan zoveel mogelijk bitcoinbedrijven op de radar zouden komen van de toezichthouders. Door zo streng te zijn, zou DNB het tegenovergestelde bewerkstelligd hebben: Bitonic zegt veel klanten te hebben zien vertrekken naar bedrijven in het buitenland.

DNB reageerde in de rechtszaal dat er in de praktijk niet zoveel verschil zit tussen een registratie en een vergunning. In beide gevallen moeten bedrijven voldoen aan wetgeving en moet DNB dat kunnen toetsen. De toezichthouder bestrijdt dat dat niet vooraf zou mogen bij een registratie.

De toezichthouder zei verder dat Bitonic weliswaar een „indrukwekkend” apparaat heeft opgetuigd om klanten en transacties te screenen, maar dat die screening niet voorkwam dat er geld gaat naar mensen op sanctielijsten. „Sanctiewetgeving is stringent. Transacties moeten worden voorkomen. De controlemaatregelen van Bitonic keken alleen naar het verleden.”

Weinig registraties

De zaak wordt met veel belangstelling gevolgd vanuit de Nederlandse bitcoinsector – er was een videoverbinding zodat iedere belangstellende kon meekijken. Bitonic is een van de slechts zeventien cryptobedrijven die tot nu toe is geregistreerd door DNB, terwijl er aanvankelijk meer dan vijftig partijen voor de registratie in aanmerking probeerden te komen. Van een aantal partijen loopt de aanvraag nog, maar het grootste deel is inmiddels afgehaakt. Dat komt voor een deel omdat zij niet konden of wilden voldoen aan de in hun ogen strenge eisen van DNB.

In het kort geding doet de rechter uitspraak op 7 april. Wanneer de bodemprocedure aanhangig wordt gemaakt, is nog niet bekend.