Opinie

De prijs van ontzuiling: chronische politieke onvrede

Aylin Bilic

Electoraal onbehagen. Dat gevoel kende ik vroeger niet wanneer ik euforisch mijn dichtgevouwen stembiljet in de gleuf liet glijden. Maar woensdag had ik een ontevreden gevoel. Om het te analyseren heb ik er de afgelopen dagen op zitten kauwen. De conclusie: het heeft met het besef te maken dat niet al mijn opvattingen vertegenwoordigd worden door de partij waarop ik stem.

Zo ben ik blij met het plan van D66-minister Wouter Koolmees om werkgelegenheid te stimuleren met aandacht voor bij- en omscholing. De Partij voor de Dieren krijgt mijn steun voor haar strijd tegen onverdoofd ritueel slachten en de intensieve dierhouderij. En ik ben het met JA21 eens dat het Europees coronafonds van 750 miljard euro een onzinnige beloning is voor landen die hun economie niet willen hervormen. Verder zou ik bij de partij waarop ik stem, de VVD, willen zien dat de kerncentrale morgen al geaccordeerd wordt, de groene agenda meer prioriteit krijgt, die miljoen woningen tot 2030 echt van de grond komen en er een nieuw belastingstelsel komt waarbij de toeslagen worden afgeschaft.

Anders gezegd: in mij verenig ik een palet aan politieke opvattingen, waarvan geen enkele partij op het idee gekomen is ze eveneens te combineren. En ik zie om me heen dat ik de enige niet ben die hiermee worstelt. Al ken ik hooguit een paar honderd van onze 13,2 miljoen kiesgerechtigden, ik krijg de indruk dat velen van hen opvattingen hebben die zich nauwelijks laten clusteren binnen het bestaande politieke spectrum.

Geen wonder dat zich eind vorig jaar 89 politieke partijen aanmeldden bij de Kiesraad. Nog een geluk dat er uiteindelijk maar 37 door de keuring zijn gekomen en woensdag meededen aan de verkiezingen. Slechts één keer eerder deden in Nederland meer partijen mee aan de Tweede Kamerverkiezingen: 54 in 1933. Daarbij zat een aantal nieuwe, extreem-linkse en -rechtse splinterpartijen zoals de Algemeene Nederlandsche Fascisten Bond en de Revolutionair-Socialistische Partij (RSP) van Henk Sneevliet, de man die in het huidige China nog steeds als een held vereerd wordt.

Samenwerken is inleveren op het eigen gelijk. Daar hebben veel hedendaagse kiezers grote moeite mee

Hoe anders was het in de tijd van mijn ouders. In mijn Rotterdamse wijk stemden mensen vol overtuiging PvdA. In de omgeving van de ouders van de man thuis CDA. Die partijen knoopten opvattingen op totaal verschillende terreinen aan elkaar alsof het één logisch uit het ander volgde. En dat gold ook voor hun kiezers: wie tegen euthanasie was, vond automatisch ook dat er meer geld naar defensie moest, dat de overheidsbegroting kloppend moest zijn, en dat rechters te lage straffen uitdeelden. Dat werd ongetwijfeld in de hand gewerkt doordat iedere zuil zijn eigen krant las en ’s avonds op Nederland 1 of Nederland 2 naar zijn eigen omroep keek. Natuurlijk valt er op die gedweeë meningsvorming veel aan te merken, maar wat een rust gaf dat in de hoofden van de toenmalige generatie. En van vervreemding van politiek en samenleving had volgens mij nog niemand gehoord.

Wij 21ste-eeuwers hebben ons ontworsteld aan die politieke eenheidskorsetten. Wij maken op ieder deelterreintje zelf wel uit wat we vinden. En ook de waarheid is voor velen een persoonlijke keuze geworden, of die nou betrekking heeft op de herkomst van corona, de vermeende gevaren van vaccineren of de verkiezingsuitslag in de Verenigde Staten.

De samenleving is versnipperd en gepolariseerd tot miljoenen particuliere meninkjes. En probeer vooral niet om zo’n mening beargumenteerd te weerleggen, want dat is een aanval op de identiteit van de eigenaar.

Lees ook: Hoe overheid en burger elkaar kwijtraakten

Geen wonder dat ik niet de enige ben die onvrede ervaart in het stemhokje bij verplichte identificatie met één partij. En ik vrees dat die onvrede bij velen alleen maar groter wordt als er straks een coalitie gevormd is. Samenwerken is namelijk inleveren op het eigen gelijk. Daar hebben veel hedendaagse kiezers grote moeite mee.

Ik heb sterk de indruk dat de steeds grotere onvrede met de politiek in Nederland hier mee samenhangt. Met het feit dat onze bevrijding van God, gebod en verzuiling ons uiteindelijk gemaakt heeft tot narcistische kleuters die boos worden als ze niet op ieder politiek terrein hun zin krijgen. Dat die collectieve geestelijke gesteldheid geleid heeft tot de politieke versplintering van dit moment en de electorale trek van het politieke centrum naar de extremistische flanken, of die nu Denk, Bij1, PVV of Forum voor Democratie heten. Omdat we op die flanken compromisloos kunnen vasthouden aan onze zelfgekozen waarheden en ongeremd kunnen schoppen tegen die van de ander.

Aylin Bilic is ondernemer en publicist.