Recensie

Recensie Film

Bij Tilda Swinton laait passie onder glazuur in ‘The Human Voice’

Drama De zoveelste versie van Jean Cocteaus ‘La voix humaine’, waarin een maîtresse belt met haar trouweloze minnaar? Nee, maestro Pedro Almodóvar maakt er echt iets bijzonders van: ●●●●●.

Tilda Swinton in het gestileerde ‘The Human Voice’ van Pedro Almodóvar.
Tilda Swinton in het gestileerde ‘The Human Voice’ van Pedro Almodóvar.

Het was een verrukkelijk aperitiefje bij het afgelopen filmfestival van Venetië. De Spaanse maestro Pedro Almodóvar had na uitstel vanwege de lockdown in juli toch The Human Voice opgenomen, zijn eerste Engelstalige film. En bewees op het Lido in september dat je ook tijdens een pandemie een prachtige film kan afleveren.

Oké, The Human Voice duurt slechts een half uur en is een monoloog, dus dat scheelt. En Jean Cocteaus fameuze eenakter La Voix Humaine uit 1932, waarin een desperate minnares belt met een minnaar die haar verruilt voor een jongere vrouw, is al ontelbare malen opgevoerd en verfilmd. In 2019 was er een Canadese versie met Shelby Satterthwaite. In 2018 een Britse, met Rosamund Pike. Gaat er eigenlijk wel een jaar voorbij zonder La voix humaine?

Het zal wel, denk je dus vooraf. Maar dan marcheert Tilda Swinton met strakke mond een gereedschapswinkel binnen, langs rekken dodelijk metaal – kettingzaag, voorhamer, priem – en kiest een handbijl die lekker in de hand ligt. We zagen haar al in baljurk treuren in een kale studio; nu staan de zaken op scherp, in haar stijlvolle Almodóvar-appartement, en kan de telefonade beginnen. Soms glijdt de camera boven de muren en snoepjestinten uit, het beton van de studio komt dan in zicht. De kale realiteit die de minnares ten slotte verkiest boven de prachtige, benauwende vogelkooi waarin ze zichzelf heeft opgesloten.

Almodóvars liefdevol gepolijste én zinderende versie is een van de beste vertolkingen ooit, besef je na afloop. En dat betekent wat, want Cocteaus stuk is eindeloos vaak opgevoerd en verfilmd. Een fameuze versie is die van Roberto Rossellini met zijn maîtresse Anna Magnani in het tweeluik L’Amore (1948). Pikant: Rossellini verruilde Magnani – ze gooide hem razend een bord pasta naar het hoofd – een jaar later voor Ingrid Bergman, die zelf in 1967 weer de versmade minnares zou spelen in een Britse toneeelfilm van Ted Kotcheff. Liv Ullmann en Simone Signoret speelden haar, Sophia Loren in 2014, Johanna ter Steege in The Last Conversation (2009), waar de scheiding per autotelefoon verloopt.

Anna Magnani betoverde Pedro Almodóvar toen hij begin jaren tachtig L’Amore zag, zegt hij in een zoom-interview. De jonge Spaanse regisseur wilde van La voix humaine een speelfilm met actrice Carmen Maura maken, maar 27 minuten was te weinig, dus moest het gaan over de twee etmalen vóór de telefonade en kwamen er bijfiguren en subplots bij tot het telefoongesprek uit beeld verdween in ‘screwball comedy’ Mujeres en borde de un ataque de nervios (1988), die zijn internationale doorbraak werd. The Human Voice is de tweede poging van een filmveteraan die ook in zijn vorige film Dolor y gloria (2019) bezig leek losse eindjes van zijn leven en oeuvre aan elkaar te knopen.

Almodóvar nam Cocteaus tekst onder handen, want die zou ‘hedendaagse vrouwen niet langer recht doen’. Bij Cocteau is de minnares een oudere, pijnlijk afhankelijke vrouw, in paniek nu een toekomst als poezenmoedertje nadert. Het gesprek met de minnaar is een vernedering. Ze houdt hem aan het lijntje met leugentjes, verwijten, dreigementen, smeekbedes en liefdesverklaringen, maar ze eindigt met het telefoonkoord om haar hals terwijl ze ‘Je t’aime’ in de hoorn snikt. De ex heeft dan al opgehangen.

Ook voor Almodóvar werd die teneur al onder handen genomen: de telefonade is tegenwoordig meer verwerking dan vernedering. De minnares herpakt zich, het eind is een nieuw begin. Zo blijft het een rol waarvoor actrices een moord doen. Want een tour de force is het, deze monoloog die voortvarend door het complete spectrum van de rouwverwerking dendert, van gefingeerde luchtigheid via marchanderen naar razernij, verdriet, smeken, dreigen. En alle overgangen moeten kloppen. Een formidabele rol voor formidabele actrices: ziedaar Tilda Swinton.

Lees ook over vrouwen en lust: Alle paradoxale en perverse kanten van liefde en lust

Uiteraard kan er bij Almodóvar geen sprake zijn van een verloederde vrouw in peignoir of joggingbroek in een kamer vol lege flessen en volle asbakken, pizzadozen en vuile borden. In zijn wereld bestaat geen stof of schemerlicht. Swintons passie laait onder glazuur; scherp en afgemeten. In ijskoud, smetteloos blauw beraamt ze een moord, in vuurrode jurk slaat ze de hand aan zichzelf. Haar controleverlies is gestileerd en beeldschoon, zelfs haar zelfmoordpillen vormen een verrukkelijk kleurensemble.

Je volgt Swintons emotionele slalom ademloos, tot haar besef dat zelfbevrijding slechts een hondenriem, leren jas en jerrycan benzine vereist. Want tegenwoordig is het de minnares die de lijn doorsnijdt.

Aanvulling 17/3: in een eerdere versie van dit artikel was niet vermeld dat deze film vanaf 24 maart te zien is. Dat is aangepast.