Analyse

Crisis of niet, in de VS blijft de politieke kloof

Steunplan VS President Biden boekte deze week zijn eerste grote overwinning: goedkeuring voor 1.900 miljard dollar coronasteun.

De Democratische politici Nancy Pelosi en Chuck Schumer tekenen namens Huis en Senaat het herstelplan van Biden.
De Democratische politici Nancy Pelosi en Chuck Schumer tekenen namens Huis en Senaat het herstelplan van Biden. Foto Drew Angerer/Getty Images/AFP

Zijn toespraak was een kwartier gaande toen president Biden voorover boog en haast smekend tegen de camera zei: „Ik heb jullie nodig, burgers van Amerika.”

Donderdag sprak Biden de natie toe. Precies een jaar nadat de Wereldgezondheidsorganisatie de Covid-19-uitbraak tot pandemie bestempelde. Precies op de vijftigste dag van zijn ambtstermijn. De symboliek werd aangezet om een ongekende financiële steunoperatie aan de Amerikanen te presenteren: het Congres heeft op verzoek van de president 1.900 miljard dollar uitgetrokken om de gevolgen van de coronacrisis te verzachten.

Biden weefde oorlogsretoriek door zijn toespraak, waarbij hij vaststelde dat het aantal Amerikaanse slachtoffers van de epidemie, 527.726, groter is dan het aantal gesneuvelde Amerikanen in de Eerste en Tweede Wereldoorlog, de Vietnamoorlog en de aanslagen van 11 september 2001 bij elkaar opgeteld. Het aantal coronadoden in de VS (1 op de 627 burgers) ligt relatief veel hoger dan in Nederland (1 op 1.091) of Duitsland (1 op 1.149).

Zonder zijn voorganger bij naam te noemen zei Biden dat bij zijn aantreden 8 procent van alle Amerikanen boven de 65 jaar en 14 procent van de 70-plussers waren gevaccineerd. Nu liggen die percentages al op respectievelijk 65 en 70.

Alsof Donald Trump deze diskwalificatie had voorzien, bracht hij woensdag zelf een verklaring naar buiten: „Ik hoop dat iedereen die de Covid-19 (vaak het China virus genoemd) vaccinatie krijgt, zich herinnert dat jullie die prachtige ‘prik’ nog niet in vijf jaar en waarschijnlijk helemaal nooit zouden hebben gekregen als ik geen president was geweest.”

Biden beloofde dat alle volwassen Amerikanen een afspraak voor een vaccinatie kunnen maken vóór 1 mei. Daarmee moet het mogelijk zijn om Independence Day op 4 juli te vieren in de familiekring, „met een barbecue in de tuin”. Maar, zei hij erbij, „dat kan alleen als iedereen zijn steentje bijdraagt”.

Alle Republikeinen tegen

Die donderdagmiddag had Biden zijn handtekening gezet onder de eerste grote politieke overwinning van zijn presidentschap. Senaat en Huis van Afgevaardigden namen Bidens wetsvoorstel voor de bestrijding van de coronacrisis aan, in een stemverhouding die een voorafschaduwing kan zijn voor de komende jaren: (bijna) alle Democraten vóór, alle Republikeinen tegen.

In weerwil van zijn opmerkingen tijdens de verkiezingscampagne is Biden er vooralsnog niet in geslaagd de breuk tussen beide partijen te helen. Tien gematigde Republikeinen deden een poging om een compromis te bereiken, in geld uitgedrukt ongeveer een derde van het Democratische pakket. Voor de Democraten was het onacceptabel en met Biden concludeerden ze: dan doen we het zonder de Republikeinen.

De Republikeinse leider in de Senaat, Mitch McConnell, zei dat de opstelling van het Witte Huis „een eind heeft gemaakt aan een reeks coronamaatregelen die door beide partijen werd gesteund”. Op hoge toon lieten Republikeinse Senatoren horen dat het Amerika van Biden een éénpartijstaat is.

Dat is een krachtig politiek narratief, zeker in tijden van polarisatie, in een land dat ongeveer 50/50 is verdeeld (precies als de Senaat). De politieke tegenstander beschuldigen van autocratische trekjes doet het goed bij een nijdige achterban.

Maar: hoe nijdig ís die achterban eigenlijk? Een peiling van de Monmouth University liet zien dat 62 procent van de Amerikanen Bidens maatregelen steunt. Van de ondervraagde Republikeinen vond 33 procent het voorstel goed, maar 53 procent van hen steunde het kenmerkende punt: de cheque van 1.400 dollar voor Amerikanen met lage en middeninkomens.

Terug in oude groef

Het lijkt erop dat Biden en de Republikeinen allebei terugvallen in hun groef van de pre-Trumpjaren. Biden heeft in zijn Witte Huis en kabinet vooral bestuurders aangesteld die al onder Obama dienden. De Republikeinen hernemen onder McConnell hun politieke strategie uit de Obama-jaren: categorische oppositie tegen elk Democratisch voorstel.

Er zijn echter twee essentiële verschillen tussen 2009 en 2021. Obama opereerde na zijn aantreden behoedzaam, probeerde geen wetgeving door te drukken met alleen Democratische steun toen zijn partij meerderheden in Senaat en Huis had. Het maakte geen indruk op Republikein McConnell, die zoveel mogelijk wetgeving saboteerde om van Obama een „one-term president” te maken.

Biden heeft intern laten weten dat hij de tijd tot aan de midterm verkiezingen van volgend jaar de Congres-meerderheid van de Democraten zal gebruiken om zoveel mogelijk wetgeving door te drukken. Daarbij kan meespelen dat alom wordt verwacht dat Biden zélf maar één termijn wil volmaken.

Het tweede verschil: de Republikeinse Partij kraakt onder de hyperpolarisatie die onder Trump heerste. Terwijl de landelijke politici daarvan denken te kunnen profiteren bij de verkiezingen, zijn lokale Republikeinen daar niet van overtuigd – en al helemaal niet waar het populaire wetgeving betreft, zoals nu het steunpakket en in de nabije toekomst misschien een voorstel voor verbetering van de infrastructuur.

Nieuwssite Politico tekende de onvrede op onder Republikeinse burgemeesters in rode staten als Texas, Florida en Arizona. „In een crisis en noodsituatie, laat je je partijlidmaatschap bij de deur achter en zorg je dat je samen door de crisis komt”, zo werd de burgemeester van een stad in Arizona geciteerd. Joe Biden had het zó in zijn toespraak kunnen zeggen.