Denemarken stopt tijdelijk met prikken AstraZeneca. Wat is er aan de hand?

Vaccinatiestop Denemarken is tijdelijk gestopt met het vaccin van AstraZeneca. Mensen hebben trombose gekregen. Sommige landen stoppen ook, maar Nederland niet.

Een medewerker van een vaccinatiecentrum in Kopenhagen bekijkt het vaccin van AstraZeneca.
Een medewerker van een vaccinatiecentrum in Kopenhagen bekijkt het vaccin van AstraZeneca. Foto Liselotte Sabroe/Reuters

Denemarken is tijdelijk uit voorzorg gestopt met het inenten met het vaccin van AstraZeneca. Bij een aantal mensen zijn na de vaccinatie ernstige bloedstolsels (trombose) ontstaan, meldt de Deense gezondheidsautoriteit, in één geval zelfs met dodelijke afloop. Bloedstolsels kunnen de bloedtoevoer afsluiten in de longen (longembolie) of tot bijvoorbeeld een hartinfarct of beroerte leiden. Het is op dit moment niet duidelijk of er een verband is met de vaccinatie. De Deense geneesmiddelenautoriteit wil dat eerst uitzoeken voor het gebruik van het vaccin wordt hervat. De pauze duurt vooralsnog twee weken.

1 Wat is de reactie in de rest van Europa?

Het Europese Medicijnagentschap (EMA) ziet geen reden om aan te nemen dat de vaccinatie deze bloedstollingsaandoeningen heeft veroorzaakt, en vindt dat de voordelen van het vaccin opwegen tegen de mogelijke risico’s. Het adviseert dat landen het vaccin gebruiken terwijl zijn veiligheidscommissie de trombosegevallen onderzoekt. Onder meer IJsland en Luxemburg stoppen ondertussen uit voorzorg met het toedienen van het vaccin.

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) zei in een reactie: „Er is geen aanleiding aan te nemen dat het niet veilig is om door te prikken. Het is het hoogst onwaarschijnlijk dat er een verband is tussen het trombosegeval en de vaccinatie. (...) We zullen de vinger aan de pols houden, maar het is niet nodig dat mensen zich zorgen maken. Astra is gewoon een goed vaccin.”

Eerder was er al een melding in Oostenrijk van vier personen met trombose na een inenting met het AstraZeneca-vaccin, en ook daarover oordeelde de Europese medicijnwaakhond woensdag dat niets erop wijst dat dit veroorzaakt werd door het vaccin.

Het aantal mensen met aandoeningen door bloedstolsels onder gevaccineerden is tot nu toe niet groter dan in de gemiddelde bevolking, volgens de EMA. Tot afgelopen woensdag zijn er 30 gevallen geregistreerd onder de bijna vijf miljoen mensen die in Europa met het AstraZeneca-vaccin zijn ingeënt.

Ook het Nederlandse College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) oordeelt dat de gemelde trombosegevallen in Denemarken hoogstwaarschijnlijk niet zijn gerelateerd aan het vaccin van AstraZeneca. In Nederland is bij het Bijwerkingencentrum Lareb één melding binnengekomen van een verdenking van trombose. Deze is niet ernstig.

2 Is in studies van AstraZeneca vaak trombose opgetreden?

Alle vaccinproducenten houden in hun grote studies precies bij welke opmerkelijke ziekten gemeld worden door deelnemers, van ontstekingen en spieraandoeningen tot maagdarmklachten en kanker. In de studie van AstraZeneca onder bijna 24.000 proefpersonen kwamen zulke aandoeningen voor bij 1 procent van de deelnemers: 95 personen zaten in de gevaccineerde groep en 126 in de controlegroep. Aandoeningen door bloedstolsels, zoals trombose, longembolie, een beroerte of hartinfact, kwamen in totaal bij 12 mensen voor: 4 daarvan in de gevaccineerde groep en 8 in de placebogroep. Kortom: uit de studie komen geen aanwijzingen naar voren dat het vaccin leidt tot een verhoogde kans op trombose.

3 Waarom kiest Denemarken voor het stilleggen van de vaccinaties?

Het tijdelijk stilleggen van de vaccinatiecampagne is vergelijkbaar met de pauze die bij studies naar de werking van vaccins wordt ingelast als een deelnemer een ernstige aandoening krijgt die niet eenvoudig te verklaren is. Het is dan niet bekend of die deelnemer het vaccin of een placebo heeft gekregen. Een onafhankelijke commissie zoekt dan uit wat er aan de hand is. Bij de grote studie van AstraZeneca met dit vaccin is dit twee keer gebeurd. Beide keren was er geen sprake van trombose, en ook geen verband met het vaccin.

Ook de studie van een andere vaccinproducent, Janssen (Johnson&Johnson), werd in oktober tijdelijk wereldwijd stilgelegd. Daarbij was wél een bloedstolsel de oorzaak: een proefpersoon kreeg een bloedprop in de vaten van de hersenen, een zogeheten veneuze sinustrombose. Maar ook hier concludeerde een onafhankelijke commissie dat dit niet te relateren was aan de vaccinatie. Die studie werd hervat op 26 oktober.

4 Hoe worden vaccins na toelating in de gaten gehouden?

Na de toelating tot de markt moeten fabrikanten bijwerkingen van hun eigen vaccin blijven bestuderen. Daarnaast worden op Europees niveau alle vaccins samen gemonitord. Er is van te voren van bijna veertig verschillende ziektebeelden vastgesteld hoe vaak die normaal gesproken voorkomen in Europa. Daardoor is snel te bepalen of een aandoening na de vaccinatie ongebruikelijk vaak de kop opsteekt. Het zijn ziektebeelden die mogelijk zouden kunnen optreden na een inenting, zoals een hevige allergische reactie, koortsstuipen of een acute ontsteking van hersenen, zenuwen of bloedvaten, of klachten die door een Covid-19-infectie kunnen worden veroorzaakt.

Speciale aandacht is er voor ‘vaccin-geassocieerde versterkte ziekte’ (VAED is de Engelse afkorting). In zeldzame gevallen wordt iemand die ingeënt is en die daarna het virus oploopt, onbedoeld juist érger ziek. De opgewekte antistoffen remmen dan het virus niet, maar helpen het juist om cellen binnen te dringen. Bij proefdieren die werden ingeënt met experimentele vaccins tegen SARS en MERS, twee andere gevaarlijke ziektes door coronavirussen, is dit weleens voorgekomen. In de studies met de vaccins tegen Covid-19 is het tot nu toe niet gezien.