Reportage

In Baden-Württemberg koesteren ook Groenen de brandstofmotor

Duitse Deelstaatverkiezingen De Groenen stevenen af op hun derde termijn in auto-deelstaat Baden-Württemberg. De band tussen de auto-industrie en partijleider Winfried Kretschmann is goed – maar jonge klimaatactivisten missen ambitie.

Aan de rand van Stuttgart ligt sinds 103 jaar een autofabriek van Daimler-Benz, ingesloten door rivier de Neckar aan de ene kant en een twintigtal treinsporen aan de andere. Op de daken roteert een blinkende Mercedes-ster. Aan de overzijde van het spoor ligt arbeiderswijk Untertürkheim. Op de heuvels boven de arbeidershuisjes strekken zich wijngaarden uit in de zon.

In Untertürkheim wordt op een pleintje naast het spoor op zaterdagochtend koffie en bier uit blik gedronken. In het centrum van Stuttgart op het Bismarckplein is een boerenmarkt, inwoners op bergschoenen staan in lange rijen voor de bakker met een specialisme in kwarktaart. De welvaart vertaalt zich hier naar kinderwagens, zonnebrillen en weerbestendige jacks.

Op het oog lijken de tegenstellingen in de deelstaat Baden-Württemberg moeilijk te verenigen: dit is de bakermat van de Duitse auto-industrie, met hoofdkantoren en fabrieken van Daimler, Porsche en toeleverancier Bosch, en bovendien tientallen andere toeleveranciers als Mahle en ElringKlinger. Overal rondom Stuttgart dampen schoorstenen, over het spoor in Untertürkheim denderen goederentreinen. Toch zijn hier al tien jaar de Groenen aan de macht.

Zondag wordt in Baden-Württemberg een nieuw parlement gekozen. Na 57 jaar CDU-regering werden in 2011 de Groenen de grootste partij in de zuidwestelijke deelstaat. En ook deze keer lijken ze te winnen. Dat vergt pragmatisme van de lokale Groenen – een pragmatisme dat door een nieuwe generatie klimaatactivisten onverantwoord wordt gevonden.

„De Groenen zouden onze partner in het bestrijden van de klimaatcrisis moeten zijn, maar dat zijn ze niet”, zegt Daniel Wagner, een van de kandidaten op de lijst van de nieuwe groene partij Die Klimaliste. De partij werd in 2019 in Beieren opgericht uit onvrede over de gematigde koers van de Groenen daar; de afdeling in Baden-Württemberg bestaat sinds september 2020. Wagner over zijn toetreden: „De Groenen wilden in onze gemeente doodleuk een nieuw industriegebied aanleggen.” Net als veel andere kandidaten van de Klimaliste was Wagner eerder actief voor Fridays for Future, de beweging die vrijdagse schoolstakingen ten behoeve van het klimaat organiseert.

De zachte aanpak

Winfried Kretschmann, de minister-president in Baden-Württemberg, wordt ook wel de ‘zwartste groene van Duitsland’ genoemd. Hij schurkt dicht tegen de CDU aan. De voormalige leraar biologie en scheikunde is behalve groen ook uitgesproken bodenständig, landelijk-conservatief. Online wemelt het van de filmpjes waarin hij dweept met een bijzondere plant of een lokale honing bezingt. Hij zet zich in voor het Zwabisch dialect, en spreekt het zelf ook.

Lees ook dit artikel: Autobouwers weten ook dat het einde van de brandstofmotor in zicht komt

Bij zijn aantreden in 2011 bezwoer Kretschmann dat iedere auto minder winst was, en de industrie zette zich dan ook schrap. Maar in functie bleek Kretschmann een stuk milder. De brandstofmotor ging niet in de ban, de elektrische auto noemde Kretschmann alleen zinvol als er ook schone energie voor is. Vorige zomer, toen de autoverkoop door de coronacrisis inzakte, pleitte Kretschmann samen met de industrie voor een subsidieregeling – juist voor de bulkauto’s met bezine- en dieselmotoren, uiteindelijk tevergeefs. „Een auto-industrie die niet meer bestaat, kun je ook niet transformeren”, zei Kretschmann toen.

Kretschmann kiest de zachte aanpak. De industrie in Baden-Württemberg is goed voor 500.000 banen. En onder Kretschmanns bewind hebben de autoproducenten nog geen grote sprongen gemaakt: in 2019 was maar 3 procent van de nieuwe auto’s op de Duitse wegen elektrisch; van de 2,3 miljoen voertuigen die Daimler produceerde, was maar 2 procent elektrisch. Zelf rijdt de eerste groene minister-president van Duitsland in een Mercedes E-klasse, met dieselmotor.

‘Het is te laat’

Daniel Wagner, een tengere twintiger, staat een halfuur oostelijk van Stuttgart langs het spoor in Uhingen: „Kretschmann heeft zich naar het midden gevoegd. Daarom wordt hij ook gekozen. Maar de Groenen hebben het gewoon niet begrepen: dit zijn de laatste vijf jaar waarin we nog iets kunnen doen. Nu kunnen we de anderhalve graden nog houden.” Wagner is student communicatie en woont nog in het dorp. Met de handen in de zakken wipt hij op zijn voeten in de wind. Over de auto-industrie is hij stellig: „De industrie heeft zich verslapen, het is te laat. Ze heeft zichzelf kapotgemaakt. Door aan de verbrandingsmotor vast te houden, is ze achterhaald geworden.”

Studenten demonstreren voor klimaatactie tijdens een betoging van Fridays for Future in Stuttgart in 2019. Foto Marijan Murat / DPA

Dat verreweg de grootste werkgever in Uhingen de toeleverancier Allgaier is – een carrosseriebouwer –, is voor Wagner niet per se problematisch. Verderop langs het spoor steken de mintgroene zaagdaken van Allgaier boven het hekwerk uit. „Nee, ik ken eigenlijk niemand die daar werkt, ook geen ouders van vrienden of zo. Kijk, als er nu niet rigoureus op de elektrische auto wordt ingezet, is de hele industrie sowieso verloren. Want de verbrandingsmotor wordt binnenkort verboden.”

Deze week riepen inderdaad negen landen, waaronder Nederland, de Europese Commissie op om een einddatum te stellen aan de verkoop van diesel- en benzinemotoren. Negen landen, zo meldde de Duitse kranten fijntjes, die zelf geen auto-industrie van enige omvang hebben.

De brandstofmotor is niet alleen twistappel onder groene partijen: voor alle partijen in Baden-Württemberg is het een verkiezingsthema. Zo luidt een slogan van de rechts-populistische AfD: „Ja tegen diesel, ja tegen de auto-industrie.” In de campagne gaat het bij de AfD steevast over het „schmutzige E-Auto” – schmutzig, want juist de batterij zou milieuonvriendelijk zijn, én bovendien moet het kobalt in de batterijen door kinderarbeid in Afrika worden gedolven. In een zeldzame blijk van betrokkenheid bij Afrikaanse kinderen zette de AfD een gekweld zwart kind op een van de posters.

Een industrie die niet meer bestaat, kun je ook niet veranderen

Winfried Kretschmann leider van de Groenen in Baden-Württemberg

Ook de liberale FDP voert nadrukkelijk campagne voor de verbrandingsmotor. Lijsttrekker Hans-Ulrich Rülke klinkt aan de telefoon zorgelijk, geheel niet als de doorsnee onbekommerde liberaal: „Men wil de brandstofmotor vernietigen.” ‘Men’ zit in Brussel: de steeds lagere emissienormen van de Europese Commissie zijn volgens Rülke nauwelijks haalbaar. Wat daarmee wordt beoogd? „Ze willen mensen dwingen van de auto af te stappen. De mensen moeten fietsen, of lopen. Ja, dat vind ik erg paternalistisch. Met je villa en je zonnepanelen kun je lekker elektrisch rijden, maar dat is niet voor iedereen weggelegd.”

Lees ook De Duitse auto-industrie heeft haast met de elektromotor

Rülke is voorstander van een verbrandingsmotor met schone brandstof. Een snelle overstap op de elektrische auto, denkt Rülke, zal van Baden-Württemberg een industriële ruïne maken, zoals het Ruhrgebied in de vorige eeuw. „Volgens Bosch-ceo Volkmar Denner zijn er voor een auto met een dieselmotor tien medewerkers nodig, voor een elektrische auto maar één. Het gaat om 500.000 banen alleen in Baden-Württemberg. Iedereen in de industrie vreest voor zijn baan.” Of de lokale industrie de inhaalslag nog kan maken, of de banen behouden kunnen blijven, weet Rülke niet, maar: „Wie vecht kan verliezen, wie niet vecht, heeft al verloren.”

De emissievrije auto van de toekomst

De fractievoorzitter van de Groenen, Andreas Schwarz, is niet onder de indruk van de kritiek van de jonge politici van de Klimaliste: „Ja, we zijn een partij van het midden. We zijn ook de grootste partij, en we moeten de grootste blijven zodat we de juiste antwoorden vinden op de kwesties van deze tijd.” In een videogesprek wijst een energieke Schwarz een gebrek aan ambitie van de hand: „De industrie zal in deze overgangsperiode nog brandstofmotoren blijven maken. Maar daarnaast zullen we innoveren, anders worden we ingehaald en afgeschud.”

Schwarz ziet het als taak van de politiek om juist die innovatie te bevorderen door te investeren in universiteiten. „Ons doel is om de emissievrije auto van de toekomst te ontwikkelen en te bouwen.” Geenszins ziet Schwarz de Klimaliste als concurrentie: „Hebben ze eigenlijk al een programma?”

Gevraagd naar de stereotypische Duitse liefde voor de auto en de Autobahn antwoorden allen iets met ‘individuele vrijheid’. Rülke: „Vanmiddag rijd ik 250 kilometer naar mijn oude tante!” Of de houding van jonge Duitsers ten opzichte van de auto verandert, weet Daniel Wagner niet: „Hier op het platteland komt nauwelijks een bus, dan ben je ook wel aangewezen op een auto.” Vrienden van Wagner lopen langs, ze wonen iets buiten het dorp, daar, aan de andere kant van die heuvel, wijzen ze. De een rijdt brommer, de ander leent de auto van zijn ouders.