Gemeentes doen weinig met winsten in jeugdzorg

Jeugdzorg Gemeenten hebben zelf hoge tekorten op hun jeugdzorgbegroting, maar handelen zelden als jeugdzorginstellingen toch hoge winsten maken.

Een ruimte van een jeugdinstelling.
Een ruimte van een jeugdinstelling. Foto Marcel van den Bergh

Terwijl veel gemeenten enorme tekorten hebben op hun jeugdzorgbegroting, zijn er jeugdzorginstellingen die tot 35 procent winst boeken. Toch is dat voor gemeenten nauwelijks reden om het contract met de zorginstelling te beëindigen. Dat blijkt uit een enquête van het tv-programma Pointer onder 133 wethouders met de portefeuille jeugdzorg. Ondanks hun geldproblemen hebben niet alle gemeenten zicht op hoe het jeugdzorggeld wordt besteed.

Gemeenten gaven in 2019 1,6 tot 1,8 miljard euro meer uit aan jeugdzorg dan ze daarvoor van het Rijk kregen. Uit de enquête van Pointer, uitgevoerd door onafhankelijk onderzoeksbureau Toponderzoek, blijkt dat 92 procent van de gemeenten kampt met een tekort op de begroting voor de jeugdzorg. Als reden geven wethouders onder meer dat ze te weinig overheidsgeld krijgen en dat de vraag naar jeugdzorg is toegenomen.

Regionaal inkopen

Ruim driekwart van de bevraagde wethouders ziet jeugdzorginstellingen die meer dan 10 procent winst maken of dividend uitkeren als een probleem. Slechts 3 procent heeft om die reden een contract beëindigd. Het opzeggen van een overeenkomst met een zorgaanbieder is juridisch niet altijd mogelijk, aldus wethouders.

Ook speelt mee dat jeugdzorg meestal regionaal wordt ingekocht: „Wij kunnen zelf dus geen contract stopzetten”, schrijft een wethouder van een gemeente die in een groot samenwerkingsverband zit. Een ander: „Ik heb hier te weinig zicht op. […] Dit wordt centraal besloten.” Diverse wethouders laten weten dat ze met de zorginstellingen over de winsten in gesprek zijn.

Lees ook: Steeds meer kinderen in ‘gezinshuizen’: ‘Als de mix verkeerd is, dan heb je kermis’

Pointer, dat in samenwerking met platform Follow the Money al langer onderzoek doet naar hoge winsten in de zorg, onderzocht de jaarcijfers van kleine jeugdzorgaanbieders zoals zorgboerderijen en gezinshuizen. Sommige instellingen bleken rond de 25 tot 35 procent winst te boeken. De eigenaren van een zorgboerderij in de Groningse gemeente Het Hogeland keerden tussen 2016 en 2018 in totaal zo’n 1,2 miljoen euro aan dividend uit voor ze de zorg-bv van de hand deden.

Emeritus hoogleraar openbare financiën Harrie Verbon van Tilburg University noemt dit tegenover Pointer legaal, maar niet wenselijk. „Het is geld dat bestemd is voor zorg, en niet direct naar zorg toe gaat.” Volgens Verbon moeten gemeenten betere afspraken maken met zorgaanbieders en meer controle uitoefenen. „Er zijn haast geen gemeenten die naar jaarrekeningen kijken. Dat zouden ze moeten doen. Zo kunnen ze afleiden waarom een zorgaanbieder zoveel geld overhoudt of een lager tarief bieden als dat nodig blijkt.”

Lees ook: Het geld van de gemeenten raakt op, en dat gaat iedereen merken

Onlangs bleek uit onderzoek van NRC dat bijna één op de drie gemeenten in geldnood verkeert. Gemeenten die de begroting wel sluitend kregen, moesten fors bezuinigen, reserves aanspreken of de lasten voor inwoners verhogen. De oorzaak van de structurele tekorten ligt in 2015, toen gemeenten verantwoordelijk werden voor onder meer de jeugdzorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Tegelijkertijd werd het zorgbudget van gemeenten door de rijksoverheid gekort.