Vliegende balken

Nauwe verwanten bespreekt gebouwen die op elkaar lijken: een zwevende galerie en een half zwevend huis.

De ‘Balancing Barn’, vakantiehuis van Alain de Botton, van architectenbureaus MVRDV en Mole Architects.
De ‘Balancing Barn’, vakantiehuis van Alain de Botton, van architectenbureaus MVRDV en Mole Architects. Foto ED/CS

Met een paukenslag neemt Sir Richard Rogers (1933) afscheid van de architectuur. Onlangs werd de Rogers Galerie opgeleverd, het laatste gebouw dat de inmiddels gepensioneerde Rogers heeft ontworpen. Het is een spectaculair ‘zwevende’ balk die doet denken aan de nooit gebouwde vliegende huizen en steden waar Russische constructivisten als El Lissitzky een eeuw geleden van droomden.

Rogers’ vliegende tentoonstellingszaal in de wijngaard annex cultuurcentrum Château La Coste in de Provence is een langwerpige doos met een vloeroppervlak van 120 vierkante meter die vanaf een heuvel over boomtoppen scheert. Rogers is niet de eerste bekende architect die door het Château La Coste aan het werk is gezet. Eerder al bouwde de Japanse architect Tadao Ando er enkele gebouwen en Jean Nouvel ontwierp de wijnkelders. Ook staan, verspreid over de wijngaard, beelden van kunstenaars als Alexander Calder en Michael Stipe, vroeger de zanger van R.E.M. en nu beeldend kunstenaar.

Richard Rogers is de Rogers van het architectenduo Piano & Rogers dat in de jaren zeventig furore maakte met het ontwerp voor het Centre Pompidou in Parijs. Later gingen de twee architecten uit elkaar.

Richard Rogers’ tentoonstellingszaal Château La Coste in de Provence. Foto Rogers Stirk Harbour + Partners (RSHP)

Anders dan Piano, die in Nederland het NEMO Science Museum in Amsterdam bouwde, bleef Rogers trouw aan de hi-tech architectuur van het Parijse kunstencentrum, dat wel met een olieraffinaderij is vergeleken. Zo werd in 1986 naar zijn ontwerp het Lloyd’s-gebouw in Londen gebouwd, de chemische fabriek van de City.

Ook Rogers’ final building is onvervalste hi-tech. De galeriedoos zit in een constructie van oranje stalen staven en stangen die lijkt op brugspanten.

De uit de heuvel stekende brug met galerie doet niet alleen denken aan het Russische constructivisme, maar ook aan de Balancing Barn, het vakantiehuis dat de Zwitsers-Britse filosoof Alain de Botton in 2010 liet bouwen in het Engelse graafschap Suffolk, naar een ontwerp van het Rotterdamse bureau MVRDV. De ene helft van dit dertig meter lange oerhuis in de vorm van een balk met puntdak staat op een soort dijk, terwijl de andere helft een meter of vier boven het gras hangt. Onder de zwevende helft van de Balancerende Schuur is een schommel gehangen.

Maar als het om zweven gaat, overtreft Rogers MVRDV verre. Met 27 meter is de uitkraging van de galerie in de Provence bijna twee keer zo lang als die van de Balancing Barn. Bovendien is de footprint van Rogers’ laatste gebouw minimaal. Met slechts vier staalgewrichten is de voorzijde in de heuvel verankerd. Zo heeft Richard Rogers met zijn laatste gebouw het nec plus ultra van zwevende architectuur gerealiseerd.

Correctie (5 maart 2021): In het fotobijschrift van de Richard Rogers’ tentoonstellingszaal stond een verkeerde credit. Die is aangepast.