Schrijfvaardigheid staat bij basisscholieren steeds meer onder druk, blijkt uit nieuw onderzoek.

Foto Koen van Weel/ANP

Interview

‘Leer basisscholier schrijven, geen yoga’

Alida Oppers en Marleen van der Lubbe

Basisvaardigheden leren zou op de basisschool prioriteit moeten hebben. „Laten we even ophouden over verkeersveiligheid en yoga.”

Als ze één prioriteit heeft, zegt de in september aangetreden inspecteur-generaal van de onderwijsinspectie Alida Oppers, dan zijn dat de basisvaardigheden. Lezen, rekenen, schrijven. Het onderwijs daarin staat onder druk, blijkt uit diverse onderzoeken. „Basisvaardigheden zijn het fundament voor je leven”, zegt ze. „Beheers je die niet goed, dan ondervind je daar veel nadeel van.”

Over schrijven heeft de inspectie donderdag een nieuw onderzoek gepubliceerd. De resultaten zijn „niet om over naar huis te schrijven”, in de woorden van onderzoeksleider Marleen van der Lubbe. Ruim een kwart van de leerlingen haalt aan het eind van de basisschool het minimale niveau niet. „Ze kunnen geen samenhangend betoogje schrijven of rekening houden met schrijfconventies”, zegt Van der Lubbe. „Ze lopen risico laaggeletterd te worden.” Het streefniveau, nodig om zelfredzaam te zijn in de samenleving, wordt door 28 procent van de leerlingen gehaald in plaats van de geambieerde 65 procent. „Er is dus werk aan de winkel.”

Waarom is schrijfvaardigheid zo belangrijk?

Oppers: „Het is een onderdeel van geletterdheid: schrijven en lezen beïnvloeden elkaar. Het is de moeder van veel vaardigheden. Als je goed kunt schrijven, kun je je gedachten ordenen, wat helpt bij kennisontwikkeling. Ook in de niet-taalvakken scoor je beter als je goed kunt lezen en schrijven. Bovendien is het leven heel talig: mails beantwoorden, afspraken maken, recepten lezen.”

Van der Lubbe: „Het onderzoek is een momentopname van het niveau aan het eind van de basisschool. We weten niet hoe de schrijfvaardigheid zich daarna ontwikkelt. Maar als de basispositie al niet goed is, vraagt dat om veel bijspijkeren in het voortgezet onderwijs.”

Uit het internationale PISA-onderzoek uit 2019 bleek dat bijna een kwart van de 15-jarigen praktisch analfabeet is.

Van der Lubbe: „Dat ging over leesvaardigheid. De resultaten daarvoor zijn op de basisschool aanzienlijk beter dan voor schrijven. Bij de eindtoets van 2019 haalde 78 procent van de leerlingen het streefniveau en bijna iedereen het minimale niveau. Bij het minimale niveau kunnen leerlingen teksten lezen die aansluiten op hun leefwereld, bij het streefniveau ook over onderwerpen die verder van hen af staan.”

Lees ook: Hoe we kinderen weer aan het lezen krijgen

Er zijn grote kwaliteitsverschillen tussen scholen. Zie je dat ook bij schrijfonderwijs?

Van der Lubbe: „Ja: een aantal basisscholen functioneert boven het streefniveau, er zijn er ook die het minimale niveau niet halen. We zien dat vooral samenhangen met de kenmerken van leerlingen: meisjes doen het bijvoorbeeld beter dan jongens. Maar er zijn ook schoolkenmerken die een rol spelen. Scholen waar veel achterstandsleerlingen naartoe gaan, presteren slechter in schrijfvaardigheid. Scholen die geen taalmethode gebruiken, maar zelf hun lessen vormgeven, doen het juist beter. Waarschijnlijk omdat zij beredeneerd naar doelen toewerken.”

Onderzoeker Marleen van der Lubbe Foto Eigen foto

Hoe kan het dat het schrijfonderwijs in tien jaar tijd niet is verbeterd?

Oppers: „Uit het veld hoor ik dat vaardigheden die getoetst worden of in het leerlingvolgsysteem zijn opgenomen, veel aantrekkingskracht hebben. De rest, waaronder schrijfvaardigheid, krijgt een soort tweederangspositie. Dat kan een verklaring zijn dat schrijven minder aandacht krijgt. Het schrijfonderwijs is sinds 2009 ook niet zo veel veranderd. En als je er niet in investeert, verbetert het ook niet.”

Hangt schrijfvaardigheid samen met hoe goed of slecht een handschrift is? Ook daar zijn zorgen over.

Oppers: „Die geluiden horen wij ook. Leerkrachten zijn bezorgd, omdat een slecht handschrift effect zou hebben op de rest van het leren.”

Van der Lubbe: „Wij hebben handschriften in dit onderzoek buiten beschouwing gelaten, net als spelling. Het ging ons er echt om of je effectief kunt communiceren. We hebben zelfs heel erg ons best gedaan om alle handschriften te ontcijferen!”

Lees ook: Het kinderschrift is onleesbaar geworden

Waarom glijdt het niveau in lezen, rekenen en schrijven af?

Oppers: „Het zijn speculaties, maar ik denk: het onderwijs krijgt veel prioriteiten. Niet alleen vanuit Den Haag, maar ook van gemeenten en ouders. Als mijn organisatie tachtig prioriteiten kreeg, dan zou ik daar ook niet zo goed in slagen. Daarom is het belangrijk dat we de focus op de basisvaardigheden leggen. En laten we dan even ophouden over verkeersveiligheid, zwemonderwijs, yoga en al die andere dingen.”

Hoofdinspecteur van de onderwijsinspectie Alida Oppers. Foto Valerie Kuypers

Het lijkt wel alsof het minimale niveau het streefniveau van het onderwijs is geworden.

Oppers: „De prestaties van de hoogst presterende groep blijven het meest achter. Uit onderzoeken weten we dat als methodes toewerken naar het behalen van het minimumniveau, het onderwijsproces in de klas zich daarop aansluit. Simpel gezegd: je richt je op de kelder, en niet op het plafond.”

De vorige hoofdinspecteur, Monique Vogelzang, zei in een paar jaar geleden in NRC dat er meer ambitie mag zijn in het onderwijs.

Oppers: „Ambitie gaat over drijfveren van mensen en ik vind het gevaarlijk daar iets over te zeggen. Ik ontmoet veel gedreven mensen in het onderwijs die ik niet zou willen kwetsen. De persoonlijke ambitie kan er best wel zijn, maar doe je de goede dingen, waarvan we weten dat ze effectief zijn? En zijn de randvoorwaarden om je werk te kunnen doen in orde?”

Lees ook: Meer scholen voldoen niet aan eisen voor basiskwaliteit

Het kabinet heeft 8,5 miljard euro beschikbaar gesteld om de leerachterstanden door corona weg te werken. Wat moet daarmee gebeuren?

Oppers: „Het zou heel fijn zijn als dat geld gaat naar investeringen waar ook toekomstige generaties van profiteren. Dat is effectiever dan er alleen incidenteel leerachterstanden mee wegwerken. Een deel van het geld zou leraren en schoolleiders beter moeten toerusten op hun werk: succesfactoren gaan altijd over goed personeel.”