Opinie

Cultuur is wie we zijn

Verkiezingsprogramma’s Anders dan politici denken is cultuur niet als een diersoort op drijfijs dat een omheind park nodig heeft, meent . Cultuur is als het landschap.

Maria Barnas

Foto Wendy Taylor/bewerking NRC

Het kan zijn dat ik een te hoge verwachting heb van cultuur. Naar mijn idee is cultuur allesomvattend, als het landschap dat mij omringt. Het kan de vorm aannemen van een steeg, een plein, een park, een polder, een zeewering met de zee daarachter en het denkbeeldige landschap dat er altijd doorheen schemert: wat ik me herinner, waar ik liever zou willen zijn.

Deze voor mij haast vanzelfsprekende vermenging van werkelijkheden maakte wellicht dat ik me meer thuis voelde op de kunstacademie dan op de universiteit. Halverwege de jaren negentig heb ik een jaar Engels gestudeerd. Wat ik me daarvan herinner – en ik sluit niet uit dat ik er iets bij heb verzonnen – is dat het woord landschap door de Friezen is meegenomen naar Engeland. Je hoort er nog steeds iets Noord-Hollands in: landskap – klanken die in de Engelse mond gemakkelijker liggen als landscape.

Een van de mooiste woorden die de Engelse taal heeft verrijkt, is ‘vaarwel’. Ik stel me daarbij voor dat zeelui werden uitgezwaaid door familieleden, die vaarwel nog letterlijk bedoelden: vaar goed, kom veilig thuis. Toen een terugkeer uitbleef, kreeg het woord aan beide zijden van de Noordzee een meer onheilspellende betekenis.

Wie vaarwel nu in de mond neemt, spreekt een lange geschiedenis uit van verlangen en vervormde betekenis.

Het kan zijn dat ik een te hoge verwachting heb van wat taal vermag. Het kan zijn dat ik een te hoge verwachting heb van hoe mensen zouden kunnen omgaan met het begrip ‘cultuur’. Wanneer ik de politieke programma’s van de meest prominente partijen lees, krijg ik de indruk dat zij cultuur zien als een diersoort op smeltend drijfijs dat een geklimatiseerd, omheind park nodig heeft of op z’n minst een reddingsbrigade om uitsterven te vertragen.

Het CDA ziet weliswaar dat taal, cultuur, religie, tradities en folklore een rol spelen bij identiteit en verbondenheid, maar ziet – net als de SP – de vruchten daarvan bij voorkeur terug in een historisch museum. De ChristenUnie meent dat kunst, cultuur en creativiteit de samenleving verrijken. Het is het snufje zout op de aardappel, zou je kunnen zeggen.

D66 heeft de meest gerichte plannen om de positie van de kunstenaar te versterken: de partij ziet kunst en cultuur als een fundament, maar ook als iets waar iedereen van zou moeten kunnen genieten. Uit die toevoeging blijkt dat cultuur niet wordt gezien als iets wat vanzelfsprekend al van iedereen is. En waarom moet er altijd genoten worden van cultuur? Kunst kan – als deel van het leven – verschrikkelijk zijn.

De VVD wil hedendaagse cultuur graag toegankelijker maken en geeft daarbij een voorbeeld uit 1581. GroenLinks vindt dat de waarde van cultuur wordt miskend. De partij wil investeren in kunst en cultuur, met extra aandacht voor inclusie, diversiteit en jonge talenten en met goede arbeidsvoorwaarden voor kunstenaars en mensen achter de schermen. Met de beste bedoelingen richt GroenLinks zich daarmee uiteindelijk op niet meer dan een actieve reddingsbrigade.

Geen van de partijen zegt: wij zijn onze cultuur, cultuur bepaalt wie wij zijn. Nergens lees ik: kunst is noodzakelijk om onze cultuur te bevragen en aan te scherpen.

Wie van cultuur iets bijzonders maakt wat hulpbehoevend is, zegt er ‘vaarwel’ tegen. Cultuur behoeft – net als ons landschap dat (inclusief koeien in de wei en KLM-vliegtuigen aan de blauwe hemel) te zien valt als één groot gesubsidieerd kunstwerk – stelselmatig aandacht en financiële ondersteuning omdat cultuur is wie we zijn. En – misschien nog wel belangrijker – wie we zouden kunnen zijn.

Maria Barnas is beeldend kunstenaar, dichter en lid van de Akademie van Kunsten