Opinie

Turkije moet ophouden Nederlandse politici te bedreigen

Diplomatie Bedreiging en intimidatie van politici met Turkse wortels in Nederland en de EU ondermijnen onze rechtsstaat, waarschuwen en .
Supporters van de Turkse president Erdogan vorige week op een partijbijeenkomst in Istanbul.
Supporters van de Turkse president Erdogan vorige week op een partijbijeenkomst in Istanbul. Foto Murad Sezer / Reuters

De Turkse inmenging in Europa en ook in Nederland maakt politici meer dan ooit doelwit. Als je een Alevitisch-Koerdisch-Nederlandse vrouwelijke politicus bent die op de kandidatenlijst staat van GroenLinks voor de Tweede Kamer, krijg je een vloed aan doodsbedreigingen over je heen. President Erdogans doel om het rechtse Turks-nationalisme over de diaspora in Europa te verspreiden, vormt zo een directe ondermijning van onze Nederlandse democratische rechtsstaat en moet ook als zodanig worden behandeld.

In de afgelopen weken kwam het tot een nieuw dieptepunt. De Turks-nationalistische website Turks.nl noemde Serpil Ates, een van de auteurs van dit stuk, een terrorist, op basis van haar achtergrond en haar deelname aan een demonstratie. Door haar in het openbaar te bedreigen wordt gepoogd om een kandidaat-lid van de Tweede Kamer, die volksvertegenwoordiger wil worden voor alle Nederlanders, uit het publieke domein te verdrijven.

Maar het gaat verder dan bedreigingen aan het adres van één persoon. Het past binnen een bredere strategie van Turkije. Ook anderen die zich tegen Erdogan durven uit te spreken worden voor terrorist uitgemaakt en verklaard tot vijanden van de staat.

Een netwerk van nationalistische Turken in Nederland wordt geactiveerd en hun doelwit wordt online massaal aangevallen en bedreigd. Deze georganiseerde en stelselmatige hetze is direct te koppelen aan wat andere vrouwelijke politici meemaken. In Nederland zijn Tweede Kamerleden als Sadet Karabulut, Dilan Yesilgöz-Zegerius en Nevin Özütok al jaren doelwit van intimiderende praktijken omdat hun opvattingen niet met die van Erdogan stroken.

Intimiderende patronen

Dezelfde intimiderende patronen zijn terug te vinden in andere EU-lidstaten. In België werd de Vlaamse minister Zuhal Demir (Justitie, N-VA) er het slachtoffer van. In Duitsland bleek de fractievoorzitter van Die Linke in het landsparlement van Hamburg, Cansu Özdemir, op een dodenlijst te staan van een Turkse agent. In Oostenrijk bleek een aan de Turkse inlichtingendienst gelieerde spion rond te lopen met een hitlist met daarop de naam van Berivan Aslan, afgevaardigde voor de Groene Partij in het landsparlement van Wenen. Hij bekende de opdracht te hebben om haar te liquideren.

Lees ook: Kamerleden bedreigd na ‘intimiderende’ Denkfilmpjes

De achtergrond van deze vrouwelijke politici is niet het enige gemeenschappelijke kenmerk; ook de toenemende ernst van de dreigementen komt overeen. De beruchte kliklijn van het Turkse consulaat om ‘verdachte’ mensen met een Turkse of Koerdische achtergrond die kritiek uiten op Erdogan aan te geven, wordt veelvuldig online gepropageerd.

Er wordt aan deze oproepen helaas maar al te vaak gehoor gegeven. Met als resultaat dat activistische vrouwen terughoudend worden om zich uit te spreken of politiek actief te worden. Precies dat is de bedoeling. Het doel van de intimidatie is immers om hen uit het publieke domein te verdrijven, hen monddood te maken en hun (linkse) opvattingen aan te vallen en te marginaliseren.

Als volksvertegenwoordigers en Nederlandse burgers moeten wij ons afvragen hoe zo’n georganiseerde en geradicaliseerde groep al zo lang vrijelijk haar gang kan gaan. Het is een vorm van inmenging die direct raakt aan de fundamenten van onze vrije rechtsstaat en die de onderdrukking van Koerden, Alevieten, maar ook Erdogan niet-gezinde Turkse-Nederlanders naar ons land doet overwaaien.

Geen misverstand

Om de ondermijning van onze rechtsstaat tegen te gaan en de positie van (activistische) vrouwen te versterken, moeten we de instrumenten van onze eigen rechtsstaat versterken en beter inzetten om zo ongewenste beïnvloeding en intimidatie tegen te gaan. Dat kan op meerdere manieren, door diplomatie, door nieuwe wetgeving en door beter beheer van de publieke ruimte van het internet.

De Europese Unie zou er in de relaties met landen als Turkije geen misverstand over moeten laten bestaan dat we deze bemoeienis als een onacceptabele ondermijning van onze democratische rechtsstaat beschouwen. GroenLinks stelde al voor om ongewenste geldstromen vanuit Turkije te bevriezen. Als er geen einde komt aan deze bemoeienis, dan kan dat niet zonder gevolgen blijven voor onze diplomatieke en economische relaties.

In de juridische sfeer zal het vooral over strikte handhaving moeten gaan. Ook het misbruik van het internet moet door middel van wetgeving met heldere richtlijnen voor wat wel en niet online geoorloofd is, worden aangepakt. Want de systematische intimidatie en bedreiging door Turkije van politiek actieve Nederlanders vanwege hun opvattingen of achtergrond ondermijnt onze rechtsstaat. Dat kunnen we niet laten gebeuren.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.