Verenigde Staten leggen sancties op aan legergeneraals Myanmar

Coup De internationale kritiek op het leger van Myanmar die met een coup de macht probeert te grijpen in het land, zwelt aan. De Verenigde Staten hebben opnieuw sancties opgelegd.
Veiligheidstroepen maken zich op voor nieuwe betogingen in Myanmar.
Veiligheidstroepen maken zich op voor nieuwe betogingen in Myanmar. Foto STR/AFP

De Verenigde Staten hebben sancties opgelegd aan twee generaals in Myanmar die betrokken zouden zijn bij de militaire staatsgreep op 1 februari. Met de sancties bevriezen de Verenigde Staten de vermogens die generaals Moe Myint Tun en Maung Maung Kyaw in Amerika zouden hebben. Daarnaast geldt een verbod voor bedrijven en particulieren om handel met de twee te drijven. „Dit is een nieuwe stap waarmee we militaire leiders vragen verantwoording af te leggen over het onderdrukken van de wil van het volk”, schrijft de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken dinsdag op Twitter.

De politieke tak van het leger pakte de civiele regeringsleider en verkiezingswinnaar Aung Sang Suu Kyi begin deze maand op, nadat bleek dat ze de meeste stemmen had behaald. De militaire machtshebbers probeerden de verkiezingsuitslag terug te draaien omdat sprake zou zijn geweest van fraude. Dat is nooit bewezen. Nadien gingen tienduizenden betogers de straat op om hun ongenoegen te laten blijken over de staatsgreep. Daarbij zijn tot dusver drie demonstranten om het leven gekomen. De militaire coup heeft tot veel internationale kritiek geleid: dinsdag veroordeelden Canada, Frankrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, Italië, Japan het Verenig Koninkrijk het geweld tegen demonstranten in een gezamenlijke verklaring op de G7-top.

De Verenigde Naties maken zich ook grote zorgen over de situatie van de Rohingya, een in Myanmar vervolgde islamitische minderheid, die eerder vanuit Myanmar naar Bangladesh is gevlucht. De vluchtelingen betaalden mensensmokkelaars veel geld om uit de vluchtelingenkampen van Bangladesh naar Maleisië te varen. Volgens VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR dobberen de vluchtelingen zonder voedsel en water op de zee. De boot zou tien dagen geleden zijn vertrokken uit Bangladesh en drijft inmiddels met technische mankementen op open water. Daarbij zouden al acht mensen zijn omgekomen. De UNHCR roept omliggende landen op de verstekelingen op zee te redden en onderdak te bieden.

Lees ook: In Myanmar groeit het protest tegen de staatsgreep