Recensie

Recensie Film

Van Meegeren maakt een nazi-Christus voor Hermann Göring

Drama Vervalser Han van Meegeren is in ‘The Last Vermeer’ een hedonistische charlatan en opportunistische, cynische crimineel. De film kabbelt voort. Guy Pearce als Van Meegeren maakt de film de moeite waard.

De vervalsingen van Van Meegeren kwamen pas na de Tweede Wereldoorlog aan het licht, in ‘The Last Vermeer’.
De vervalsingen van Van Meegeren kwamen pas na de Tweede Wereldoorlog aan het licht, in ‘The Last Vermeer’. Foto ANP

In 2016 was er Rudolf van den Bergs Een Echte Vermeer, nu volgt met een royaler budget The Last Vermeer, die al in 2019 zijn wereldpremière beleefde. Beide films gaan over meester-vervalser Han van Meegeren (1889-1947), die vlak na de oorlog van landverraad werd beticht: hij had rijksmaarschalk Hermann Göring voor 1,6 miljoen gulden een Vermeer verkocht, Christus en de overspelige vrouw. Voor de rechtbank bleek zijn echte misdaad zwendel: Van Meegeren bekende talloze nep-Vermeers te hebben geschilderd, te beginnen met het pronkstuk van het Rotterdamse Boijmans, De Emmaüsgangers. Zo veranderde de landverrader in een schelm die de nazi’s sluw bij de neus had genomen.

De Van Meegeren van The Last Vermeer is een zwierige, arrogante en koele dandy, een hedonistische charlatan. Heel anders dan de door innerlijke demonen gekwelde, zweterige slaaf van de liefde die Jeroen Spitzenberger vertolkte in Een Echte Vermeer. The Last Vermeer portretteert Van Meegeren als opportunistische, cynische crimineel. We bekijken hem nu van afstand, het idee is dat we ons eindoordeel ook tot het eind bewaren. De film volgt de joodse verzetsheld Joop Piller (Claes Bang), die Van Meegeren namens het gealleerde militaire gezag arresteert en in zijn ban raakt. Amoureuze complicaties komen van de houtenklazerige Piller, die gebrouilleerd is met zijn echtgenote. Zij had in dienst van het verzet een affaire met een Duitse officier.

The Last Vermeer is het regiedebuut van Dan Friedkin, een piloot, autohandelaar en miljardair die zo’n vijf jaar geleden de filmwereld binnenrolde, een Spitfire bestuurde in oorlogsepos Dunkirk en onder meer Gouden Palmwinnaar The Square – ook met Claes Bang – en Clint Eastwoodfilm The Mule mede produceerde. Zijn filmdebuut is gestructureerd als een degelijke, wat trage thriller die uitmondt in een rechtbankdrama waarin Piller Van Meegeren verdedigt, op wie de Nederlandse overheid het heeft voorzien om redenen die duister blijven – Pillers nemesis is een vagelijk dreigende ambtenaar à la Gestapoman Herr Flick uit Allo Allo.

The Last Vermeer ziet er chic uit, met aanstekelijk decadente nazi-feestjes. Maar met de geschiedenis neemt de film een loopje. Zo belichaamt Dirk Hannema, de directeur van Boijmans die in 1937 De Emmaüsgangers aankocht, nu voor de rechtbank de pompeuze Nederlandse kunstelite. In het echt was Hannema als collaborateur persona non grata in naoorlogs Nederland, waar volgens The Last Vermeer landverraders na hun vonnis stante pede op marktpleinen gefusilleerd werden voor een joelende menigte. Wat de film wel aardig uitlegt, is Van Meegerens methode: hij mengde bakeliet door zijn verf zodat het na verhitting zo hard werd als eeuwenoude olieverf en van craquelé kon worden voorzien. En hoe hij zijn schilderijen subtiel aanpaste aan moderne verwachtingen – zo gaf hij Göring een ‘nazi-Jezus’.

Behalve feitelijk dubieus overtuigt het script van The Last Vermeer matig door losse eindjes en vage motivaties. Als drama kabbelt het voort, toch is er een lichtpunt: Guy Pearce, die een onpeilbare, flamboyante Van Meegeren neerzet. Alleen voor hem wil je deze film uitzien.