Opinie

Meer controle en toezicht op Frontex zijn noodzakelijk

Europese grensbewaking

Commentaar

Hoe vinden Europese burgers dat de EU-buitengrenzen beschermd moeten worden? Goed - dat ligt voor de hand. Het zijn, door Schengen, de plekken waar de EU op afstand niet-EU-inwonenden toegang verschaft tot het eigen grondgebied, dus zorgvuldigheid is geboden. Maar wat is goed? En: wie bepaalt welke middelen daartoe geoorloofd zijn?

Het zijn relevante vragen nu het Europese grens- en kustwachtagentschap Frontex, belast met Europese grenscontroles ter land, ter zee en in de lucht, steeds nadrukkelijker in opspraak raakt. Het agentschap zou mensenrechten schenden en troebele contacten hebben met bedrijven uit de veiligheids- en defensie-industrie. Zij zien in Frontex een kapitaalkrachtige organisatie om hun waar en wapens aan te verkopen.

Eerst waren er al verontrustende berichten over illegale ‘pushbacks’ van migranten in onder andere de Egeïsche Zee. Daarbij verdrijven landen aankomende migranten, in plaats van ze te horen en ze op basis van hun verhaal asiel te verlenen of te weigeren. Pushbacks gaan in tegen het recht om asiel aan te vragen, zoals vastgelegd in het Vluchtelingenverdrag en zijn illegaal.

In het najaar volgden journalistieke onthullingen: dat Frontex pushbacks niet alleen gedoogt, maar ook betrokken is bij deze – mensenrechtenschendende – praktijken. Frontex ontkende, maar in de media lieten anonieme medewerkers weten dat de illegale praktijken plaatsvinden én onder het tapijt worden geveegd. Binnen de organisatie zou een angstcultuur heersen.

Hoewel het amper tot echt grote internationale verontwaardiging leidt, lopen er nu verschillende onderzoeken naar de gang van zaken bij het agentschap – met dank aan het Europees Parlement en europarlementariër Tineke Strik (GroenLinks) in het bijzonder. De resultaten daarvan worden spoedig verwacht.

Eén onderzoek verscheen al, van een onafhankelijke organisatie die onderzoek doet naar de invloed van lobbywerk op Europese instellingen. Naast veel ontmoetingen met bedrijven, die niet geregistreerd staan in het EU-transparantieregister, signaleert Corporate Europe Observatory (CEO) ook de opkomst van een ‘industrieel-grensbewakings complex’, met innige banden tussen de industrie en Frontex, waarvan onduidelijk is welke belangen daarmee precies worden gediend.

Want dat de belangen groot zijn, is duidelijk. Sinds de migratiecrisis van 2015 groeide Frontex uit tot een van de rijkste en snelst groeiende agentschappen, met een budget van 5,6 miljard euro dat het naar eigen inzicht mag uitgeven. De 1.200 medewerkers moeten in de komende jaren uitgroeien tot een grensleger van tienduizend mensen.

Maar controle is er nauwelijks. En transparant is Frontex ook niet te noemen. Er is weinig openheid over welke middelen ze inzetten en wat ze waar monitoren. EU-leiders zouden beter moeten nadenken over het feit dat ze het geweldsmonopolie beleggen bij een agentschap dat bovendien razendsnel moet groeien.

Frontex zit in het hart van de EU: het moet de Europese buitengrenzen bewaken én op een humane manier uitvoering geven aan het Europese vluchtelingenbeleid. Die twee taken horen met elkaar verenigbaar te zijn. Alleen al daarom is gedegen toezicht en controle noodzakelijk. Net als meer aandacht van media, het Europees parlement én de Tweede Kamer. Het is bovendien onacceptabel als een EU-instelling illegaal gedrag van lidstaten gedoogt. Actiever en harder optreden is geboden.

Lees ook:Grensbewaker Frontex wankelt tussen empathie en strengheid