Israël is geheimzinnig over olieramp

Milieuvervuiling De Israëlische kust ligt van noord tot zuid vol met zware, teerachtige olie. De regering wil voorkomen dat media over de herkomst van de smurrie schrijven.

Israëlische soldaten en vrijwilligers rapen teerkorrels op het strand bij de stad Rishon Lezion
Israëlische soldaten en vrijwilligers rapen teerkorrels op het strand bij de stad Rishon Lezion Foto Abir Sultan/EPA

Met zwarte smurrie bepleisterde babyzeeschildpadjes. Dode vissen, waaronder een enorme vinvis met zwarte longen. Aangespoelde vogels en zwarte troep op de zandstranden en de rotsen. Het zijn de tragische beelden van de grootste olieramp ooit in Israël. Het onderzoek naar de oorzaak is in nevelen gehuld.

De omvang van de ramp was niet meteen duidelijk, maar wordt langzamerhand steeds zichtbaarder. Vanaf vorige week woensdag spoelde naar schatting duizend ton teer aan op de Israëlische stranden. Op satellietbeelden van 11 februari is een zwarte vlek op zee te zien, zo’n vijftig kilometer uit de kust. Door de afstand en de hevige storm van afgelopen week duurde het even voordat de vloeistof, olie of diesel, verspreid raakte en transformeerde tot de kleverige zwarte troep die nauwelijks van rotsen, stranden en zeedieren af te schrapen is. De Israëlische kust is van zuid tot noord getroffen, en ook in het zuiden van Libanon zijn olieresten gevonden.

Duizenden vrijwilligers reageerden de afgelopen dagen op oproepen om te helpen de stranden schoon te maken. Her en der assisteren militairen. Volgens de Israëlische Natuur en Parkenautoriteit zijn de noordelijke zandstranden grotendeels ontdaan van teer, maar kost het meer tijd en moeite om de rotsen schoon te krijgen. Bovendien ligt het zand op sommige plaatsen nog vol kleinere teerknikkers.

Zonnebadend publiek

Gila Gamliel, de Israëlische minister voor Milieubescherming, zei te hopen dat de stranden voor het begin van het strandseizoen in mei weer schoon genoeg zijn om open te kunnen voor zonnebadend publiek. Maar volgens experts kan het jaren duren voordat de vervuiling helemaal weg is. Mogelijk zijn sommige ecosystemen onherstelbaar beschadigd.

Het was volgens milieuactivisten een voorspelbare ramp. Het Israëlische ministerie van Milieubescherming is al jaren een ondergeschoven kindje. Zelfs over noodfinanciering voor de schoonmaakactie kon het kabinet het maandag niet eens worden. In 2008 was al een nationaal actieplan opgesteld voor het geval van ernstige olievervuiling, maar het benodigde budget kwam er nooit. Daarnaast waarschuwen milieuorganisaties voor nog grotere rampen als Israël op stapel staande olieprojecten doorzet. Volgens een overeenkomst met de Verenigde Arabische Emiraten moet Israël een overslagpunt worden voor olie uit de Golfstaten die bestemd is voor Europa. De olie zou dan worden ontscheept in de zuidelijke havenstad Eilat, waar zich tevens Israëls kwetsbare koraalriffen bevinden.

Israël is een onderzoek begonnen naar de mogelijke bron van de vervuiling. In de dagen voorafgaand aan de ramp waren zo’n tien schepen in de buurt van de plek waar de vervuiling begon. Tot ieders verrassing vaardigden de Israëlische autoriteiten maandag een publicatieverbod uit voor alle details uit het onderzoek, volgens het Ministerie van Milieubescherming omdat publicatie „in deze gevoelige fase een complex onderzoek met internationale aspecten [zou] schaden”.

Nadat Israëlische media het verbod bij de rechter aanvochten, werd het dinsdag enigszins versoepeld. Prompt kwam daarop de eerste naam van een verdacht schip naar buiten. Een Griekse olietanker zou volgens de Israëlische tv-zender Kan centraal staan in het onderzoek. Hetzelfde schip, de Minerva Helen, zou eerder een olieramp in Denemarken hebben veroorzaakt. De rederij ontkent betrokkenheid bij beide incidenten.

Lees ook dit stuk over de energieambities van Israël
In een eerdere versie van dit stuk stond Verenigde Arabische Staten in plaats van Emiraten. Dat is hierboven hersteld.