Necrologie

Hij droeg met trots zijn titel als taoïstisch meester

Kristofer Schipper (1934-2021) De fascinatie van sinoloog Kristofer Schipper voor China begon al in zijn jeugd, nadat hij met Chinese kunst in aanraking was gekomen.

Kristofer Schipper in 2009. Een jaar later zou zijn vertaling van de Daodejing verschijnen, ook bekend als Tao Te Ching.
Kristofer Schipper in 2009. Een jaar later zou zijn vertaling van de Daodejing verschijnen, ook bekend als Tao Te Ching. Foto uit privécollectie

Misschien heeft sinoloog en antropoloog Kristofer (Rik) Schipper zich na zijn dood op 18 februari wel bij de taoïstische onsterfelijken gevoegd: hij had er in elk geval wel de juiste papieren voor op zak.

Schipper, in Nederland vooral bekend als vertaler van taoïstische geschriften, was de zoon van een bewust ongehuwde moeder en een dorpsdominee. Zij wilde liever van haar zoon bevallen in Zweden dan onder het toeziend oog van de kleinburgerlijke goegemeente in Nederland.

Schipper groeide deels op in Zweden en deels in Nederland. Hier ging hij naar de Werkplaats Kindergemeenschap, de idealistische school van Kees Boeke in Bilthoven. Daarna ging hij naar het Montessori Lyceum in Amsterdam. De fascinatie met China ontstond al tijdens zijn adolescentie, toen hij in aanraking kwam met Chinese kunst. Hij wilde weten welke cultuur dergelijke schitterende kunst had voortgebracht.

Liever kunsthandelaar

Hij kwam uit een intellectueel milieu, maar hij „zag dat intellectuele leven niet zo zitten”, vertelde hij in 1997 in een interview met deze krant. Liever wilde hij kunsthandelaar worden, en daarom vertrok hij na zijn examen naar Parijs. Hij leidde er naar eigen zeggen een armoedig bestaan met veel losse baantjes. Uiteindelijk ging hij toch studeren: antropologie en Chinees en Japans aan twee verschillende universiteiten, waarvan een er onderdeel uitmaakte van de beroemde Sorbonne. In 1962 promoveerde hij op een studie naar het innerlijke leven van keizer Wu van de Han-dynastie.

in Taiwan kon hij de volksreligie bestuderen, wat op het vasteland niet kon

Na zijn studie verwierf hij een aanstelling bij het onderzoeksinstituut de École française d’Extrême Orient, waar hij de kans kreeg om naar Taiwan te gaan, omdat hij geïnteresseerd was in de Chinese volksreligie, iets wat in communistisch China niet meer kon worden bestudeerd. Hij kwam er in aanraking met het taoïsme, naast het boeddhisme en het confucianisme de belangrijkste religieus-filosofische traditie in China.

Om het taoïsme van binnenuit te kunnen bestuderen en om zich de rituelen eigen te maken, ging Schipper zeven jaar in de leer bij een taoïstische meester. Het leidde ertoe dat hij in 1968 als eerste westerling benoemd werd tot taoïstisch meester, een titel die hij met trots droeg.

Na zijn terugkeer naar Parijs in 1970 werd hij hoogleraar Chinese religies aan de École Pratique des Hautes Études, waar hij in 1982 Le Corps taoïste: Corps physique – corps social publiceerde. Daarmee vestigde hij internationaal zijn naam als kenner van de levende tradities van het taoïsme. Tussen 1993 en 1999 was hij daarnaast hoogleraar in Leiden.

Eerste westerse bibliotheek

Na zijn emeritaat verhuisde hij naar de Oost-Chinese stad Fuzhou, gelegen tegenover Taiwan en met een gedeelde cultuur. Daar stichtte hij met zijn vrouw Yuan Bingling de eerste westerse bibliotheek, gespecialiseerd in literatuur en sociale wetenschappen. Hij ontving daarvoor in 2004 de Vriendschapsprijs van de Chinese overheid. In Frankrijk werd hij dat jaar ook benoemd als ridder in het Franse Legioen van Eer, de hoogste Franse onderscheiding. Schipper was daarnaast lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.

Zijn bekendste vertalingen naar het Nederlands zijn die van de vroeg-taoïstische geschriften de Zhuangzi en de Daodejing. In 1997 vertaalde hij eerst De innerlijke geschriften, in 2007 volgde De volledige geschriften. Zijn vertaling van de Daodejing verscheen in 2010 onder de titel: Lao Zi. Het boek van de Tao en de innerlijke kracht. Schipper vertaalde later ook werken uit de confucianistische canon.

Opvallend waren zijn interviews met Nederlandse media, waaronder een drie uur durend marathongesprek met de VPRO in 2016.

Een van de belangrijke thema’s in de Zhuangzi is volgens Schipper het inzicht dat het soms genoeg is, dat je ook moet leren sterven. Hij overleed op 86-jarige leeftijd in Amsterdam.