Knipogen en aubergines - met emoji’s op je werk moet je oppassen

Japke-d. denkt mee

Duimpjes, hartjes en aubergines – het gebruik van emoji’s zorgt voor misverstanden op het werk. Tijd voor een snelcursus, vindt
Illustratie Tomas Schats

Ik ken mensen die er rode vlekken van krijgen en mensen die erbij zweren: emoji’s zijn op het werk vaak een mijnenveld. Want de ene helft van de collega’s haat alle duimpjes, hartjes en smileys, en zien ze als het prentenboek van de duivel; de andere helft verstuurt geen mail of app meer zonder ze.

Dat bleek ook toen ik er op Twitter weer eens naar informeerde. Er kwamen meteen krachttermen voorbij als „AFSCHAFFEN”, „emoji’s zijn plakplaatjes voor analfabeten”, „zwaar onprofessioneel” en „niets zo irritant als collega’s die modern willen doen”.

Een verrijking van de taal?

Maar ik kreeg ook reacties als: „emoji’s zijn een verrijking van de taal”, „ze maken plichtmatige kreten als ‘oké’ en ‘bedankt’ leuk”, „hoe moet ik anders laten zien hoe ik iets bedoel?” en: ze kunnen „ellenlange verklarende bijzinnen” vervangen.

En dus dacht ik: laat ik eens een emoji-snelcursus samenstellen om ongelukken te voorkomen. Ook omdat ik denk dat we ze vaker gebruiken nu we elkaar met corona minder zien. Nou ja, komt-ie.

Allereerst: emoji’s zijn geen hiërogliefen. Gebruik ze dus ook niet zo. Typ dus niet: „ik ga lopen met de hond” en zet daar een emoji van een hond achter, of: „daar moet ik even over nadenken” gevolgd door een peinzend mannetje, enzovoort. Tenzij je met een zwaar minderjarige dan wel analfabete doelgroep te maken hebt.

Emoji’s worden sowieso snel kinderachtig gevonden. Een lezer schreef dat ze veel en vaak emoji’s gebruikt, maar dat dat mocht, zo vond ze zelf, omdat ze „in de twintig is en een beroep in de communicatie heeft”. Ik denk dat ze bedoelde: als je niet per se serieus genomen wilt worden, stuur je „een muesli van emoji’s” naar je collega’s, zoals een lezer het typeerde. In alle andere gevallen gebruik je ze spaarzaam, of helemaal niet.

Geen emoji’s in zakelijk verkeer

Gebruik in ieder geval nooit emoji’s in het écht zakelijke verkeer. Een aantal lezers vond dat daarop zelfs „ontslag op staande voet” moest volgen. En gelijk hebben ze natuurlijk.

Denk bijvoorbeeld eens aan de mensen die emoji’s gebruiken in hun LinkedIn-profiel – zeg eens eerlijk: neem jij die serieus? Nee hè? Nou, zo is het ook met een zakelijke mail of mededeling: stop daar geen emoji’s in, tenzij je kleuterschool-docent bent.

Gebruik emoji’s ook nooit bij mensen die je niet kent. Zo krijg ik zelf altijd moordneigingen als zakelijke contacten of medewerkers van een klantenservice ze gebruiken in de trant van: „wat vervelend dat je al drie weken geen wifi hebt” – knipoog, lachend gezichtje – of: „hebben we nu nóg niet je factuur betaald?” – gezichtje met uitgestoken tong – flikker op.

Realiseer je ook dat emoji’s een nare boodschap echt niet minder rot maken. Vooral vrouwen sturen soms emoji’s mee als ‘verzachting’ bij mededelingen als: „nee, een salarisverhoging zit er niet in dit jaar” – knipoog. Even namens alle ontvangers: dat voelt als een trap na.

Een smiley van je baas

Hoe groter het verschil in hiërarchie, hoe meer je emoji’s sowieso moet vermijden. Zo komt een lachend gezichtje van de ceo naar een stagiair al snel dubbelzinniger over dan een aubergine tussen gelijkgestemden.

Over aubergines gesproken: waarschuw mensen die emoji’s verkeerd gebruiken! Waarschuw dus de collega die de aubergine-met-waterdruppels gebruikt om te laten weten dat ze aan het koken is – dat betekent écht iets anders.

Daar gaan de meeste dingen mis met emoji’s op het werk: ze worden snel dubbelzinnig. Zo mailde een lezer dat hij vroeger een vrouwelijke manager had die vrijwel achter elke zin een knipoog plakte. Zelf dacht ze dat dat ‘gewoon een vrolijk gezicht was’, maar al haar opmerkingen (zullen we even wandelen, prettig weekend, etc.) werden er nogal dubieus van.

Realiseer je dat emoji’s überhaupt voor heel veel collega’s een enorme puzzel zijn. Voor autistische collega’s, maar ook voor anderen kan het soms enorm gissen zijn wat ze betekenen. De middelvinger is echt de enige emoji die iedereen meteen begrijpt.

Pas vooral op met ‘huisstijl-emoji’s’ – lievelingsemoji’s die je vaak stuurt. Vraag voor de lol maar eens wat mensen denken dat je ermee bedoelt. Het lachen zal je snel vergaan. Zo blijkt een goede vriend te denken dat ik mijn huisstijl-relax-emoji – die met de rustig gesloten oogjes – altijd stuur om te laten weten dat ik bevredigend naar de wc ben geweest. Die gebruik ik dus nooit meer.

Eenhoorns en rode vierkanten

Pas ook op met al te ondoorgrondelijke emoji’s als eenhoorns, urnen, klaterende fonteinen en rode vierkanten. Ze zijn niet alleen onduidelijk, maar ze laten ook zien dat je blijkbaar niks beters te doen hebt dan uren in je emoji’s scrollen.

Misschien, zo dacht ik toen ik alle reacties gelezen had, moeten we stoppen met emoji’s en overstappen op gifjes. Want die bewegen, geven meer context en er zijn oneindig veel meer van te vinden. Tot ik deze week een wel héél overtuigend ‘ik ga over m’n nek-gifje’ kreeg.

Communicatie tussen collega’s kan ook té duidelijk worden.

Volgende week: dit zijn de tien meest gehate emoji’s. Tips via @Japked op Twitter en LinkedIn.

Dit waren de Jeuktweets van de week

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.