Gemeente Amsterdam wil Kandinsky uit het Stedelijk wellicht toch teruggeven aan erven

Restitutie nazi-roofkunst De gemeente Amsterdam loopt voorop in het overnemen van de adviezen van de commissie Kohnstamm, waarin geoordeeld werd dat de restitutie van nazi-roofkunst aan Joodse erfgenamen weinig empatisch gebeurt. Dat kan gevolgen hebben voor het Stedelijk Museum.

Wassily Kandinsky, ‘Bild mit Häusern’ (1909).
Wassily Kandinsky, ‘Bild mit Häusern’ (1909). Foto collectie Stedelijk Museum Amsterdam

Hoewel half december de Amsterdamse rechtbank bepaalde dat de gemeente Amsterdam het schilderij Bild mit Häusern (1909) van Wassily Kandinsky niet hoefde terug te geven aan de erven Lewenstein, vindt de gemeente dat er vraagtekens bij dat besluit zijn te plaatsen. De kans bestaat dan ook dat het Stedelijk Museum het schilderij – waarvan de erfgenamen in 2012 een verzoek deden tot teruggave – alsnog moet afstaan. Burgemeester Femke Halsema en cultuurwethouder Touria Meliani (GroenLinks) schrijven in een brief aan de gemeenteraad dat ze het advies van de commissie-Kohnstamm volgen. Ze willen dat er opnieuw wordt gekeken naar het verzoek van de erfgenamen Lewenstein.

In het rapport Streven naar rechtvaardigheid adviseerde de Kohnstamm-commissie eind 2020 aan demissionair minister Van Engelshoven (D66) dat het Nederlandse teruggavebeleid van door de nazi’s geroofde kunstwerken te formalistisch was, en dat er bovendien gebrekkig en onvoldoende empathisch werd gecommuniceerd met verzoekers.

„Het leed dat met name Joodse burgers is aangedaan in de Tweede Wereldoorlog is ongekend en onomkeerbaar”, schrijven Halsema en Meliani in de raadsbrief, die vrijdag werd gestuurd. „De Joodse burgers is bezit, rechten, waardigheid en in veel gevallen het leven afgenomen. Voor zover nog iets hersteld kan worden van het grote onrecht dat hen is aangedaan, hebben we als samenleving de morele plicht hiernaar te handelen. Dat geldt zeker voor de vele kunstwerken die in bezit waren van Joodse burgers en geroofd werden door nazi’s of op een andere manier uit bezit zijn geraakt van de eigenaren.”

Met de kennis van nu

De gemeente heeft het schilderij sinds 1940 in haar bezit. Daarvoor behoorde het toe aan de kunstverzameling van het echtpaar Lewenstein. De gemeente acht de kans groot dat het oordeel van de Restitutiecommissie, die in 2018 stelde dat het schilderij niet hoefde te worden teruggegeven, met het Kohnstamm-rapport in het achterhoofd, nu anders uit zou pakken.

Lees ook: Jacob Kohnstamm: ‘Is er een rechthebbende, dan moet je restitueren’

In de brief wordt Bild mit Häusern – dat in oktober 1940 door David Roëll, de toenmalig directeur van het Stedelijk Museum op een Amsterdamse veiling werd gekocht – expliciet genoemd. „Dit betekent dat het college pleit voor een herbeoordeling door de Restitutiecommissie van het restitutieverzoek van het werk Bild mit Häusern van Wassily Kandinsky aan de hand van een aangepast beoordelingskader.” Ook stelt de wethouder „dat het nieuwe beoordelingskader, zoals voorgesteld door de commissie Kohnstamm, niet alleen voor nieuwe restitutiezaken moet gelden, maar ook voor lopende en reeds afgehandelde zaken, en neemt vanzelfsprekend de eventuele consequenties voor haar rekening.”

Gemeente loopt voorop

Het restitutiebeleid van nazi-roofkunst in Nederland wordt al langer internationaal bekritiseerd. Van de 74 landen die de Washington Principles in 1998 ondertekenden – waarin afspraken staan hoe onvrijwillig verloren kunstwerken teruggegeven kunnen worden aan nazaten – is Nederland het enige land waar het belang van de collectie in het museum meeweegt. Ook is er sinds 2005 een strenge scheiding tussen particuliere eigenaren en kunsthandelaren.

Of het advies wordt overgenomen is nog niet bekend. De gemeente Amsterdam loopt hierin voorop, en wil sowieso „in de toekomst – samen met bewoners, betrokken musea en ook in internationaal verband – zich actief blijven inzetten om kunstwerken die tijdens de Tweede Wereldoorlog onvrijwillig uit bezit zijn geraakt door omstandigheden die direct verband hielden met het nazi-regime, daar waar mogelijk bij erfgenamen van de toenmalige eigenaren te krijgen.”